3 september 2015
Nieuws
door: Leo Aquina | 3 september 2015
“Sport en zorg zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. Hoe kan het dan dat er zo weinig sportzorgarrangementen zijn? Ik kende zelf maar één voorbeeld: Sportlandgoed De Haamen in Beek”, dat zei Ellian Siemers - die haar eindscriptie voor de executive MBA Sportmanagement schreef over sport en zorg - twee weken geleden op Sport Knowhow XL. Hoog tijd om Sportlandgoed De Haamen eens nader onder de loep te nemen. “Ik kan me niet voorstellen dat wij de enige zijn”, aldus programmacoördinator Giselle Smeets van De Haamen. “Maar wij hebben wel een unieke setting met binnen- en buitensporten en recreatie, waarbij we ons richten op mensen met een beperking, ouderen en chronisch zieken.” Vorig jaar werd via een pilot geïnventariseerd welke sportzorgprogramma's kans van slagen hebben.
Sportlandgoed De Haamen is onderdeel van de Sportzone Limburg. “We hebben een regionale functie en voor de bouw van het landgoed hebben we dan ook provinciale en regionale financiering gekregen”, vertelt Smeets. “Vanuit de provincie hebben de verschillende regio’s een specifieke profilering gekregen. De regio Westelijke Mijnstreek richt zich daarbinnen op topsport, breedtesport en dus ook sporters met een beperking.” Gemeente en provincie hebben alle belang bij de realisatie van deze voorzieningen. Smeets: “Dat heeft ook te maken met de zorgtaken die van het rijk naar de gemeente zijn gegaan.”
Haken en ogen
Met de totstandkoming van alle faciliteiten was Sportlandgoed De Haamen echter nog niet af. “Je kunt wel stenen stapelen, maar dan heb je nog geen programma”, aldus Smeets. “In 2013 en 2014 hebben we een pilot uitgevoerd met betrekking tot sportzorgtrajecten. Wat zijn valkuilen en leerpunten? Daarop borduren we nog altijd voort. We kwamen erachter dat het niet zo eenvoudig is als je denkt. We hadden een ambitieus programma, maar daar bleken de nodige haken en ogen aan te zitten. Neem bijvoorbeeld de samenwerking met sportverenigingen. Zij willen vaak wel meedoen, maar ze hebben onvoldoende voor ogen welke doelgroep ze willen helpen en welke deskundigheid ze wel of niet in huis hebben als het bijvoorbeeld gaat om mensen met een lichamelijke of een verstandelijke beperking of bijvoorbeeld jeugd met gedragsproblematiek.”
Daarnaast zijn er de nodige praktische problemen. Smeets: “Als je naar de deze doelgroepen kijkt, dan zijn het toch vaak mensen met een laag inkomen. We hebben bijvoorbeeld iemand gehad die huilend aan de kant stond omdat hij geen sportschoenen had. Dat zijn zaken waar je van tevoren vaak niet bij stil staat. Die mensen zijn vanwege onze regionale functie vaak niet uit Beek afkomstig, dus ben je vaak weer van een andere gemeente afhankelijk om sociale bijstand te regelen.”
Geslaagd
Bij de pilot op Sportlandgoed De Haamen werden de meeste van die haken en ogen klaarblijkelijk goed ondervangen, want de eerste zin van de conclusie van het evaluatierapport luidt onverbloemd: ‘De pilot sport-zorgconcept Westelijke Mijnstreek is geslaagd!’ Wat zijn dan de succesfactoren van een sportzorgprogramma? Smeets:
“Samenwerking met de verenigingen en de zorgpartners is essentieel. Je hebt commitment nodig van alle partijen. En natuurlijk is het ook belangrijk dat je geld achter de hand hebt. Gemeenten gaan vaak pas een programma uitvoeren als ze zien dat het effect heeft en dat er mensen op afkomen. Dan moet je met een pilot wel de mogelijkheid krijgen om te laten zien dat het effectief is.”
Per saldo duur
Hoewel de combinatie van sport en zorg kan leiden tot kostenbesparingen, bijvoorbeeld omdat meer beweging een preventief effect heeft als het gaat om een groot aantal aandoeningen, zijn de kosten hoog.
“Per saldo zijn dit vrij dure activiteiten”, zegt Smeets. “We hebben bijvoorbeeld een zwembad met een hellingbaan waar mensen met een rolstoel of zelfs met een brancard het water in kunnen. Daar zijn echter altijd ook veel professionele begeleiders voor nodig. We proberen natuurlijk wel zaken te combineren. Je kunt bijvoorbeeld besparen op thuiszorg door die mensen die normaal thuis worden gewassen nu in het zwembad te verzorgen. Op die manier verdien je wat in, maar het blijft duur.”
Smeets gaat binnenkort met een zorgverzekeraar om de tafel. “We willen graag bespreken welke rol zij hierin kunnen spelen. Zij werken natuurlijk veel op declaratiebasis en zijn vaak moeilijk te porren als het om preventie gaat, maar uiteindelijk scheelt het hen ook kosten op de langere termijn.”
Sportlandgoed De Haamen geldt als een voorbeeld als het gaat om sport en zorg in Nederland. Het Nederlands Instituut voor Sport en Bewegen (NISB ) heeft een voorbeeldfilmpje gemaakt over ‘de Carrousel’, een van de programma’s op het Sportlandgoed. “Daarnaast komen er regelmatig gemeenten bij ons op bezoek om te kijken hoe wij het doen”, aldus Smeets. “De kennis die wij hebben opgedaan met de pilot wordt ook vaak gedeeld op presentaties in het land.”
Voor meer informatie: Sportlandgoed De Haamen of Sportzone Limburg
Deel dit bericht:
0 reacties
Nog geen reacties. Wees de eerste!
Voeg je reactie toe
Wij sturen jou één keer per week een e-mail met de belangrijkste opinies en artikelen van Sport Knowhow XL.