Go with Golazo
Sportknowhowxl
Home
Achtergronden
Eigendom van de club
Hoe geven we het rijnlandmodel meer invloed in het betaalde voetbal

Hoe geven we het Rijnlandmodel meer invloed in het betaalde voetbal?

23 december 2025

Eigendom van de Club

door: Jan de Leeuw

In het vorige artikel (artikel 5) hebben we een pleidooi gehouden voor het Rijnlandmodel in het betaald voetbal. Dat model is het meest geschikt om de sportieve, culturele, publieke en commerciële waarden te realiseren die verbonden zijn met een bepaalde voetbalclub. De institutionele basis van de Rijnlandclub (representatie van primaire stakeholders in eigendom, bestuur en beheer) borgt de mogelijkheid om de vier waarden in het betaald voetbal  te realiseren.

Het Rijnlandmodel is een democratisch model en geeft leden, fans en andere primaire stakeholders de mogelijkheid invloed uit te oefenen op het reilen en zeilen van hun eigen club. Het geeft ze macht en beschikkingsmogelijkheid over hun eigen organisatie. Het is goed dat burgers weer meer te zeggen hebben over allerlei maatschappelijke sectoren, ook de voetbalclub. Het zal de uitholling van de democratie, ook de politieke democratie, stopzetten en omkeren.

 

Het begint allemaal met de intentie en overtuiging van alle intern betrokkenen om een switch te maken naar een democratischer model en cultuur

 

In dit artikel geven we een overzicht van actoren die kunnen werken aan de versterking van de democratie in het betaalde voetbal, in eerste instantie in Nederland. Het betreft belanghebbenden in de voetballerij zelf en daarnaast ook organisaties op lokaal, regionaal en nationaal niveau.

 

Invloed vanuit de clubs zelf
Allereerst de club zelf, eigenaars, bestuurders, managers, medewerkers en vrijwilligers van betaald voetbalorganisaties hebben de mogelijkheid om invloed uit te oefenen op het eigendoms- en bestuursmodel van de club. Uiteraard zijn de mogelijkheden om zaken te veranderen groter voor eigenaars, bestuurders en managers, dan van medewerkers en vrijwilligers. Hun gedrag heeft immers een grotere impact op de club, hetgeen samenhangt met een andere positie: ze hebben meer macht in de organisatie.

 

Het begint allemaal met de intentie en overtuiging van alle intern betrokkenen om een switch te maken naar een democratischer model en cultuur, met veel zeggenschap voor de basis van de club: leden, supporters, vrijwilligers en medewerkers. Steun van de buitenwereld van de club (lokale organisaties, de gemeente, lokale pers, et cetera) helpt de mensen van de club om hun nek uit te steken voor een ‘democratische wende’.

 

De realiteit laat zien dat er voor de intern betrokkenen vaak weinig aanknopingspunten zijn om de structuur (en de cultuur) van de club aan te passen, zeker als een club de facto al helemaal gestoeld is op het Angelsaksisch denken, zoals Vitesse de afgelopen jaren. Dat ligt weer anders als een club voor een deel nog Rijnlandkenmerken heeft, bijvoorbeeld als het een stichting is met een ‘gouden aandeel-constructie’ en de club een nieuwe eigenaar zoekt. Dan is er vaak meer ruimte om invloed uit te oefenen en te zorgen dat de richting van de eigen club meer naar het Rijnlandmodel gaat.

 

 

De rol van leden en supportersgroepen
Initiatieven en activiteiten om de club te democratiseren worden geholpen als er pressie is vanuit de leden en/of supporters van de club en ook de lokale samenleving. We komen dan bij een tweede kritische succesfactor voor democratisering van het een betaald voetbalclub: leden en/of supporters die zich organiseren en als belangenbehartiger optreden. Zij kunnen fungeren als pressiegroep. Zie bijvoorbeeld het initiatief van Michiel Brouwer en andere diehard Vitesse-supporters die de actiegroep Samen Vitesse hebben opgericht om te zorgen dat de supporters van Vitesse institutioneel zeggenschap krijgen in hun club (Tuijn 2025). Supporters (en leden) kunnen strijden voor meer democratie in de BVO, maar dan moeten ze zich wel organiseren.

 

Het voetbal in Duitsland kan daarbij als  voorbeeld en inspiratiebron dienen: aan alle Rijnlandclubs zijn grote, krachtige supportersverenigingen verbonden die actief acteren in al die zaken die het voetbal bij de club en in de Bundesliga raken. Zo was er in het weekend van 22 en 23 november in alle stadions van Bundesliga-wedstrijden een stille protestactie (Van der Louw 2025). Honderdduizenden voetbalfans waren de eerste twaalf minuten van de wedstrijd stil als protest tegen plannen van de Duitse regering rondom stadionveiligheid (onder meer personalisatie van tickets, gezichtsherkenning bij toegang). De voetbalfans zagen de plannen als een inbreuk op hun privacy (dat ligt extra gevoelig in Duitsland na de Tweede Wereldoorlog) en als een aanval op de vrije Duitse fan-cultuur. De fans verweten de overheid en de bond dat de plannen waren bedacht door werkgroepen waarin supporters niet vertegenwoordigd waren. Een week eerder was er een andere massale actie van voetbalsupporters: een grote demonstratie in Leipzig met twintigduizend deelnemers van vijftig verschillende clubs.

 

Op sportief vlak staan supportersgroepen vaak tegenover elkaar, maar in dit soort gevallen slaan ze de handen ineen voor het goede doel. Wat voetbalfans in Nederland hiervan kunnen leren, is dat ze invloed kunnen uitoefenen op het voetbal en de club als ze zich organiseren en samen optrekken. Ze kunnen resultaten boeken door zich te verenigen en soms zelfs samen te werken met supportersorganisaties van concurrerende clubs.

 

Er zijn veel clubs in West-Europa met een krachtige, levendige democratie

 

Als steun van de voetbalfans en hun verenigingen kunnen organisaties en media fungeren die zich bewegen in het hart van de voetbalcultuur: denk aan tijdschriften en initiatieven als De Staantribune, Santos, Footballculture, et cetera. Men heeft een gedeeld belang: de typische kenmerken van voetbalcultuur en clubcultuur komen het beste tot hun recht in een voetballandschap waarin het Rijnlanddenken domineert.

 

Democratie in het betaald voetbal is een keuze
Het Angelsaksische model is geen natuurnoodzakelijke eigendomsconstructie van een club. Het is geen natuurwet dat het voetbal geregeerd wordt door de vrije markt. Uiteindelijk is het altijd een uitkomst van een bepaalde keuze: politiek, economisch en moreel. In situaties dat een club te koop staat en op zoek is naar een nieuwe eigenaar kunnen leden/supporters, samen met andere primaire stakeholders (werknemers, vrijwilligers, lokale publieke organisaties en bedrijfsleven) activiteiten ontwikkelen om de club in eigendom te houden of te krijgen. In situaties waarin een club een mix heeft van kenmerken van het Rijnland- en Angelsaksisch model kunnen de ‘echte eigenaars’ van de club (leden, supporters, medewerkers en vrijwilligers) pressie uitoefenen om het Rijnlandmodel meer gewicht te geven, maar dat kan alleen als ze zich goed organiseren en samen optreden. Het is van belang dat er kritische massa wordt gecreëerd, want dan tel je mee in het spel om de macht.

 

Er zijn veel clubs in West-Europa met een krachtige, levendige democratie. Dat laat het voetbal in Duitsland zien. Neem als voorbeeld Borussia Dortmund. De club uit het Ruhrgebied heeft 230.000 leden en houdt elk jaar een Algemene Leden Vergadering (Mitgliederversammlung). De club (met 55.000 seizoenkaarten) heeft daarnaast nog 900 officiële fanclubs. Daar zijn nog eens 60.000 fans bij aangesloten, uit binnen- en buitenland.

 

Een andere grote Duitse club, Bayern München, haalde een aantal jaren geleden het wereldnieuws met een tumultueus verlopen Algemene Leden Vergadering over de (commerciële) banden met ondemocratische regimes in het Midden Oosten. Los van de vraag of je het daar wel of niet mee eens bent, het was een prachtig voorbeeld van democratie in een grote voetbalorganisatie. Het laat de leden, fans niet met het gevoel achter dat ze niets te vertellen hebben in en over de club, ook als de uitkomst van een dergelijke vergadering – en dus het democratische proces – onwelgevallig is.

 

KNVB en democratisering van het voetbal
Ook de KNVB kan een bijdrage leveren aan de democratisering van het voetbal door het idee te operationaliseren en te integreren in de licentievoorwaarden voor clubs om toe te treden tot de competitie. De voetbalbond zou daarin ook het STAK-model – 50 + 1 een rol kunnen laten spelen (Hilboesen 2025).

 

Elke club in het Nederlands voetbal heeft een licentie nodig van de KNVB om te kunnen participeren in het betaalde voetbal en hoogste divisies amateurvoetbal (www.knvb.nl 2025). Die licentie geldt voor meerdere jaren. De KNVB heeft wel het recht om de licentie te laten vervallen of te ontnemen indien de club niet voldoet aan de eisen. Dat heeft afgelopen jaren gespeeld rond Vitesse. Het doel van het licentiesysteem is tweeledig. Op de eerste plaats de continuïteit (en eerlijk verloop) verzekeren van de competities betaald voetbal en ten tweede het waarborgen van het voortbestaan van de betaald voetbalorganisaties (BVO’s). Daartoe wordt de club op een aantal factoren beoordeeld, zoals financieel beleid, infrastructuur, veiligheid, organisatie en maatschappelijk verantwoord ondernemen.

 

Het subsidiëren van een ondemocratische organisatie ligt niet voor de hand

 

Als het gaat om een (nieuwe) externe eigenaar bestaat in het licentiesysteem het Know Your Owner-principe, waarbij identiteit, activiteiten en belangen van de eigenaar duidelijk moeten zijn. Dat geldt ook voor de herkomst van het vermogen van de (nieuwe) eigenaar (Bomgaars 2020). Ook wordt er een integriteitsnorm gehanteerd: een investeerder in een BVO mag zijn geld niet hebben verdiend (of verdienen) met illegale activiteiten (bijvoorbeeld drugshandel of corruptie). Daarnaast mag de investering in de club geen deel uitmaken van witwastrajecten. Tenslotte is het niet de bedoeling dat de aandeelhouder/eigenaar tegelijkertijd aandelen heeft in twee of meer Nederlandse BVO’s (Bomgaars 2021). Dat zou druk kunnen zetten op het sportieve verloop van de competitie.

 

Dat zijn prima criteria van de KNVB, vooral gericht op de integriteit van de investeerder en de voetbalcompetitie. Maar de bondsorganisatie zou ook de eigendomskwestie – en in het verlengde daarvan het democratisch gehalte van de betaald voetbalclub – kunnen opnemen in de licentiecriteria en daaraan kunnen toetsen, zoals de Duitse voetbalbond DFL dat ook doet. De bondsorganisatie zou al deze zaken gefaseerd kunnen implementeren – dus niet van vandaag op morgen – maar de clubs de tijd geven om zich naar de nieuwe werkelijkheid te ontwikkelen en er naar toe te groeien. De KNVB zou zich ook in de internationale voetbalfederaties (zoals UEFA en FIFA) sterk kunnen maken voor een dergelijke visie en beleid.

De rol van overheden
Een gemeentelijke overheid kan stimuleren dat er wordt gewerkt aan een democratisch eigendom- en bestuursmodel op het moment dat de club ook iets wil van de gemeente: bijvoorbeeld schulden overnemen of subsidieverlening. Onder het motto ‘voor wat, hoort wat’. Dat is zeker aan de orde als er gemeenschapsgeld naar een club gaat. Dan mag de overheid ook iets vinden van de aard van de activiteiten van de club. Het subsidiëren van een ondemocratische organisatie ligt niet voor de hand.

 

Ook de Rijksoverheid kan actief bijdragen aan democratisering van het betaalde voetbal. Zij kan dat op verschillende manieren doen. Op de eerste plaats door in economische wetgeving meer institutionele ruimte te garanderen voor directe belanghebbenden in eigendom en bestuur van organisaties. We kennen daar al goede voorbeelden en praktijken van, zoals de verplichting voor ondernemingen met 50 of meer werknemers om een ondernemingsraad (OR) te hebben. Een dergelijke raad is een gekozen vertegenwoordiging van werknemers die opkomt voor hun belangen en meedenkt over bedrijfs- en personeelszaken. Een OR heeft advies- en instemmingsrecht bij beslissingen die de werknemers raken, zoals fusies, reorganisaties of wijzigingen in de arbeidsomstandigheden en arbeidsvoorwaarden.

 

“De VS gebruikt haar economische macht om de rest van de wereld haar libertaire waarden op te dringen”

 

Een tweede mogelijkheid is subsidieverlening van de Rijksoverheid aan betaald voetbalclubs te verbinden met eisen op het gebied van democratie van clubs, zoals dat ook op gemeentelijk niveau kan spelen. Dit thema speelde toen de KNVB in de coronatijd subsidie vroeg van de rijksoverheid (KNVB 2020). Uiteindelijk kwam die subsidie er niet, maar de overheid had als tegenprestatie van de voetbalwereld kunnen eisen dat ze eigendom en bestuur van de clubs democratiseert (De Leeuw 2020).

 

De rol van de politiek
Uiteindelijk heeft de overheid in Nederland een democratische en dus politieke aansturing. Tegen die achtergrond is het interessant dat een aantal politieke partijen in Nederland historisch gezien affiniteit heeft met het Rijnlanddenken in de economie. Zo bekende CDA-leider Henri Bontenbal zich op 4 april 2025 tot het Rijnlandmodel in de door hem uitgesproken Bob Goudzwaard-lezing. “In Nederland en Europa heeft zich een sociale markteconomie ontwikkeld die zich onderscheidt van het rauwe aandeelhouderskapitalisme door de nadruk te leggen op de lange termijn, participatie van werknemers, et cetera (…) De VS gebruikt haar economische macht om de rest van de wereld haar libertaire waarden op te dringen, maar Europa moet haar ziel niet verkopen en moet haar Rijnlandse sociale markteconomie hooghouden” (Bontenbal 2025).

 

Het veronderstelt wel dat het beeld van economische wetenschap als puur empirisch gerichte, waardevrije wetenschap wordt gerelativeerd

De sociaaldemocratie heeft altijd een voorkeur gehad voor de kerngedachten van het Rijnlanddenken, omdat er in gestreefd wordt de belangen van verschillende stakeholders, ook van werknemers, te laten representeren in de organisatie van de onderneming. In het sociaalliberalisme (bij D66 en ook VVD) is er altijd veel sympathie geweest met de samenwerking van kapitaal en arbeid, en met het Nederlandse poldermodel dat ermee samenhangt. In het verkiezingsprogramma van de SP in 2025 was democratisering van de economie een van de grote issues. Politiek gezien is er in Nederland een basis om de economie in zijn algemeenheid - en ook de voetbaleconomie - meer Rijnlands in te kleuren.

 

Wetenschap, onderwijs en democratisering van het voetbal
Ook in de wetenschap en het beroepsonderwijs dat zich richt op de sportwereld kan aandacht worden gegeven aan het democratisch karakter van voetbal. Zo kan in de sportwetenschappen (sportfilosofie, sportgeschiedenis, sportsociologie, sportpsychologie) meer onderzoek worden gedaan naar kwesties die hiermee samenhangen.

 

Dat geldt uiteraard ook voor de economische wetenschappen. In een langer verleden werd de sportwereld niet zo serieus genomen als onderzoeksobject binnen de economische wetenschap, maar dat is veranderd. In de sportwereld – zeker de voetbalwereld – gaan inmiddels miljarden om. In de economie wordt het gezien als een belangrijk onderdeel van de vrijetijdseconomie. En zoals eerder aangegeven kunnen we bij het Angelsaksisch model niet spreken van een natuurnoodzakelijk model. Er zijn – empirisch aanwijsbaar – ook andere modellen, zoals het Rijnlandmodel. Onderzoek naar de verschillende modellen en debat erover is gewenst in de economische wetenschap, ook in de sporteconomie als wetenschap. Het veronderstelt wel dat het beeld van economische wetenschap als puur empirisch gerichte, waardevrije wetenschap wordt gerelativeerd. Dat geldt overigens ook voor de (sociale) sportwetenschappen. Het wetenschapsbegrip in het proefschrift van Frank van Eekeren – onderscheidend van het dominante paradigma van empirisch positivisme – was een teken dat ook in de sportwetenschap waardevrijheid een mythe is (De Leeuw 2017).

 

Ook in het sportgerelateerde onderwijs, zoals opleidingen voor sportmarketing en sportkunde, hoort er aandacht te zijn voor verschillende economische theorieën over het betaald voetbal. Deze theorieën hebben betrekking op het werkveld waar de afgestudeerden werkzaam zullen zijn. Het hoort dus bij hun beroepsvoorbereiding.

 

Verder lezen
Arco Bomgaars (2020), Gesprekken over eventuele overname FC Dordrecht binnenkort in buitenlandse handen
- A. Bomgaars (2021), Wat betekent de overname voor FC Dordrecht - Ik hoop niet dat de ziel van de club verkocht wordt
- H. Bontenbal (2025), Bob Goudzwaard-lezing 2025
- F. van Eekeren (2016), De waardenvolle club
- N. Hilboesen (2025), STAK - 50 + 1 Het slot op de voordeur van ons voetbal
- KNVB (2020), Deltaplan - De toekomst van het Nederlands voetbal - 2020
- KNVB (2025), Licentiesysteem Betaald Voetbal 2025
- J. de Leeuw (2025), Het Rijnlandmodel in het voetbal (artikel 3 van de serie: Van wie is de club?)
- J. de Leeuw (2020), Maak van voetbal weer een publieke zaak
- J. de Leeuw (2025), Kies voor het Rijnlandmodel in het voetbal! (artikel 5 van de serie: Van wie is de club?)
- J. de Leeuw (2020), Verbind overheidssteun betaald voetbal aan versterking positie fans
- J. de Leeuw (2017), Waardenvolle club - waardenvolle wetenschap
- J. de Leeuw, J. Aussems, B. van Bezooijen en J. Wijermars (2022), Het sportbeleid voor het hbo
- W. van der Louw (2025), Spookachtig stil - Duitse voetbalfans protesteren met stilte tegen veiligheidsmaatregelen

 

 

Jan de Leeuw is opleider, auteur en adviseur. Hij is auteur van De Sportwereld voor het hbo, Het sportbeleid voor het hbo (beiden Arko Sports Media) en Sportbusiness en ethiek (Damon). Jan de Leeuw is als docent verbonden aan Business School Nederland en SOMT (master sportfysiotherapie).

Deel dit bericht:

Image 7

Door: Jan de Leeuw

0 reacties

Nog geen reacties. Wees de eerste!

Voeg je reactie toe

Meer over:

Blijf op de hoogte

Wij sturen jou één keer per week een e-mail met de 
belangrijkste opinies en artikelen van Sport Knowhow XL.