Go with Golazo
Sportknowhowxl
Home
Opinie
Zonder kennisontwikkeling geen land op olympisch niveau

Zonder kennisontwikkeling geen land op Olympisch niveau

28 oktober 2008

Opinie

door: Maarten van Bottenburg & Ronald Kramer

Realisatie van het Olympisch Plan betekent een krachtige impuls voor de Nederlandse sport – alle sport, en niet alleen de topsport. De weg naar 2016/2028 is echter nog lang en kent vele valkuilen. Zo staat bijvoorbeeld de kennisontwikkeling en zeker de kennisinfrastructuur nog lang niet op ‘Olympisch niveau’…

Na twee jaar onderzoek presenteert NOC*NSF in december het activiteitenplan dat aangeeft hoe Nederland zich kan ontwikkelen tot Olympisch niveau. Eén van de bijzondere en waardevolle kenmerken van dit plan is dat het niet beperkt blijft tot de sport. Het plan inspireert, reikt verder en stelt ook doelen ten aanzien van evenementen, accommodaties, media en maatschappelijke waarden en thema’s.

De presentatie van het activiteitenplan geeft het startsein voor de uitvoeringsfase van het Olympisch Plan. Er zal worden geïnvesteerd in bijvoorbeeld talentontwikkelingsprogramma’s, versterking van sportverenigingen, de aanleg van state of the art-accommodaties en de organisatie van internationale sportevenementen. Als deze projecten effect sorteren raakt de sport stevig verankerd in de Nederlandse samenleving en kan in 2016 serieus worden overwogen om Nederland kandidaat te stellen voor de Spelen van 2028.

Het Olympisch Plan is een ambitieus plan. Realisatie van het Olympisch Plan betekent een krachtige impuls voor de Nederlandse sport – alle sport, en niet alleen de topsport. De weg naar 2016/2028 is echter nog lang en kent vele valkuilen. Om een goede koers uit te kunnen zetten is gedegen kennis over de ontwikkeling die de sport doormaakt onontbeerlijk. Een solide kennisinfrastructuur vormt het fundament onder een Olympische strategie.

De afgelopen jaren is er heel wat bereikt op het vlak van de kennisontwikkeling op sportgebied. Leerstoelen zijn tot stand gekomen op het gebied van de sportgeneeskunde, sportontwikkeling, sporteconomie, sportpedagogiek/didactiek en sportgeschiedenis. Ook zijn nieuwe instituten in het leven geroepen die verschillende kennisgebieden bestrijken, zoals het door vier universiteiten gedragen W.J.H. Mulier Instituut – Centrum voor sociaal-wetenschappelijk sportonderzoek en het door NOC*NSF en TNO opgerichte Innosport NL; mede dankzij subsidies en opdrachten van het ministerie van VWS en de sportorganisaties.

Maar daarmee staat de kennisontwikkeling en zeker de kennisinfrastructuur nog lang niet op ‘Olympisch niveau’. Op de universiteiten is de kennisontwikkeling vaak rond één persoon geconcentreerd. De leerstoelen betreffen vrijwel uitsluitend bijzondere hoogleraren met een parttime aanstelling (veelal 0,2 fte), met slechts een beperkt aantal promovendi en masterstudenten. Zij zijn bovendien verspreid over diverse universiteiten en faculteiten, waardoor slechts in beperkte mate sprake kan zijn van onderzoekscoördinatie. Daarnaast zijn zij overwegend afhankelijk van derdegeldstroom-onderzoek (in opdracht van derden) en is nog slechts weinig sprake van financiering uit de eerstegeldstroom (universiteiten) en tweedegeldstroom (NWO, KNAW, internationale onderzoeksorganisaties e.d.). Het beeld dat ontstaat is – afhankelijk van het perspectief - dat van een lappendeken of een eilandenrijk. Fundamenteel onderzoek en vraaggerichte innovaties, trendanalyses, marktonderzoek en benchmark-studies kunnen elkaar nog veel meer versterken dan momenteel het geval is. Die versterking is noodzakelijk om de internationale concurrentie aan te gaan, zeker als we ook daarin een voorhoedepositie willen innemen. Ook is er nog een wereld te winnen door kennis uit andere vakgebieden, die nu nog weinig in de sportwereld wordt toegepast, systematisch op de ambities van het Olympisch Plan te betrekken.

Het Olympisch Plan dient naar onze mening de ambitie te omvatten om van Nederland een sportkennisland te maken dat internationaal voorop loopt. Om die ambitie te realiseren, dient ten behoeve van onze kennisinfrastructuur een volgende stap gezet te worden, gericht op een grotere bundeling van kennis en concentratie van research & development. De tijd is rijp om serieus na te gaan of de bestaande infrastructuur niet moet worden doorontwikkeld tot een sportuniversiteit, wellicht naar het voorbeeld van Keulen, maar dan natuurlijk beter! De impuls die daarvan uit zou gaan op de sport én op de wetenschap zou de meerwaarde van het Olympisch Plan nog meer inhoud en diepgang geven dan nu al het geval is.

Deel dit bericht:

0 reacties

Nog geen reacties. Wees de eerste!

Voeg je reactie toe

Meer over:

Blijf op de hoogte

Wij sturen jou één keer per twee weken een e-mail met de 
belangrijkste opinies en artikelen van Sport Knowhow XL.