Go with Golazo
Sportknowhowxl
Home
Opinie
Zelfmoordtactiek als antwoord op strafcorner

Zelfmoordtactiek als antwoord op strafcorner

25 september 2012

Opinie

door: Rachid Ouchene

Zelfmoordtactiek als antwoord op een strafcorner? De Chinese hockeydames voorkwamen hiermee dat Nederland er tijdens de poulewedstrijd van afgelopen Olympisch Spelen met een ruime zege vandoor ging.1 Voor aanvang van de Olympische Spelen in Londen zei Toon Siepman - uitvinder van de sleeppush - over de suïcide uitlopers tijdens een strafcorner: ‘Naar mijn idee is het wachten op de eerste dode’.2 Waar ligt de ethische grens in onze sportwereld?

In mei 2012 is de Australische Elizabeth Watkins tijdens een hockeywedstrijd overleden door een opspringende bal in de cirkel van een stick van een ander, toen de bal van buiten de cirkel werd ingebracht.3 Dergelijke gevaren van de hockeysport zijn tijdens de Olympische Spelen in Londen meerdere keren de revue gepasseerd. Ik kan mij heugen dat de televisieverslaggevers bij onder meer strafcorners hun beschouwingen gaven van de gevaren van deze spelsituatie. Uit Nederlands onderzoek is echter gebleken dat de vrije slag buiten de cirkel meer gevaar brengt dan een strafcorner.4

Bij mij rijzen vragen als: hoe kan er naar risico’s in de sport worden gekeken? En waar liggen de verantwoordelijkheden?

Risico’s in de sport
Bij een risico gaat het om de kans dat uit een situatie een ongeluk voortkomt. Deze risico’s kunnen door meerdere brillen worden bekeken.5 In eerste instantie hoeft een risico niet slecht te zijn. Beoefenaars van extreme sporten ervaren bijvoorbeeld een gevoel van opwinding en opgewektheid vanwege het aanwezige risico. Een negatief effect van risico’s is natuurlijk de kans op lichamelijk schade. Het ervaren van risico’s is afhankelijk van de individuele sporter. Het beoordelingsvermogen geeft aan in welke mate het risico daadwerkelijk zal leiden tot een negatief effect, dit heeft mede te maken met het niveau van bekwaamheid. De attitude van een sporter heeft invloed op het beslissingsvermogen om een bepaald risico te nemen of te vermijden. Dit leidt per sporter tot het wel of niet accepteren van de aanwezige risico’s.

Ik ben van mening dat een topsporter dergelijke risico’s bewust moet verwerken en de beslissingsbevoegdheid heeft deze wel of niet te accepteren. Een toepasselijk voorbeeld is de beslissing van Edwin van Calker, een Nederlandse piloot van het bobsleeteam tijdens de Olympische Winterspelen van 2010 in Canada. Tijdens dit toernooi is de Georgische solobobsleeër Nodar Kumaritashvili tijdens een vrije training overleden. Kumaritashvili kwam buiten de baan terecht in een afdaling.6 Van Calker wilde naar aanleiding van onder meer het overlijden van Kumaritashvili niet verder deelnemen aan de Olympische Spelen. 7 Blijkbaar was de grens van het accepteren van de risico’s voor Van Calker bereikt. Dit leidde echter tot een stroom van kritiek, zelfs vanuit het eigen kamp (Bob- en Sleebond Nederland). Waar ligt de grens waarbij een topsporter mag beslissen om risico’s niet meer te accepteren?

Waarden, deugden en normen
Dilemma’s over gevaren in sport. Wat is goed en wat is fout? Ronald Jeurissen - hoogleraar ethiek - zegt hierover: “Het verschijnsel dat ethische dilemma’s in een bepaalde situatie tegengestelde aanwijzingen voor het handelen geven, is de belangrijkste reden waarom ethische problemen vaak zo moeilijk zijn.”8

Om dergelijke ethische problemen beter te begrijpen kan het helpen om het te bezien vanuit drie invalshoeken; waarden, deugden en morele normen. Vanuit welke waarden handelen de betrokken mensen? Bijvoorbeeld dat veiligheid de belangrijkste waarde in de sport is. Welke deugden staan centraal? Bijvoorbeeld de deugden voorzichtigheid en rechtvaardigheid. Het belangrijkste kenmerk van morele normen is dat ze aanwijzingen geven over hoe je in je handelen rekening dient te houden met de belangen van anderen. Dit houdt in dat in principe de belangen van alle betrokkenen gelijkwaardig zijn.

In een situatie waarbij Maartje Paumen - aanvoerster Nederlandse vrouwenhockeyteam - na een strafcorner een bal afvuurt op drie suïcidaal uitlopende Chinese hockeysters komen nogal wat belangen met elkaar in conflict. De Chinezen lopen doelbewust in op de lijn van de bal richting het doel en vergroten daarmee het risico in deze levensgevaarlijke situatie. Hieruit kun je opmaken dat de waarde ‘overwinnen’ belangrijker is dan ‘veiligheid’. Stel dat hiermee het toekomstig handelen van Paumen wordt beïnvloed. Voor haar is de waarde ‘veiligheid’ tenslotte belangrijk en daarmee vindt zij dat ook de Chinezen niet in gevaar gebracht mogen worden (hypothese). Het gevolg kan zijn dat de volgende strafcorner van Paumen een variant is waarbij de bal langs de uitlopende Chinezen wordt gespeeld. Echter, wat zou er gebeuren als zij de bal steevast recht op het doel speelt en zich dus niet laat beïnvloeden door de Chinezen?

Verantwoordelijkheid
Het toedelen van verantwoordelijkheid is gebonden aan bepaalde criteria. Twee van deze criteria om verantwoordelijkheid vast te stellen zijn opzet en vrijwilligheid. Handelingen die per ongeluk of onder dwang worden verricht, worden anders beoordeeld dan handelingen die ook echt zo bedoeld zijn en in vrijheid zijn verricht. Om te bepalen of iemand moreel verantwoordelijk kan worden gehouden, kan een situatie beoordeeld worden in het licht van de volgende aspecten; 1) moeten, 2) weten, 3) willen en 4) kunnen.9

Ad. 1: moeten
Is er sprake van een morele plicht die geldt in de strafcornersituatie of die hoort bij de taak van de hockeysters? Ja, Paumen is aangesteld om onder andere strafcorners in te pushen. En de Chinezen behoren het doel met verve te verdedigen.

Ad. 2: weten
Wisten de hockeysters van de plicht of hadden zij de plicht in alle redelijkheid moeten kennen? Ja, de speelster hebben een jarenlange trainingservaring en weten hoe zij moeten handelen bij de verschillende spelsituaties.

Ad. 3: willen
Beschikten de hockeysters over wilbekwaamheid en was er geen sprake van (externe) dwang? Inderdaad, uit vrije wil heeft Paumen de strafcorner genomen en de Chinezen liepen vrijwillig uit. Althans, ik neem hier aan dat het inderdaad uit vrije wil wordt gedaan (wat in werkelijkheid complexer is). Opmerkelijk hierbij is dat niet alle landen een dergelijke zelfmoordtactiek bij strafcorners hanteren. De Nederlandse bondscoach van het vrouwenhockey Max Caldas heeft geconstateerd dat de zelfmoordtactiek een perfect antwoord was op de sterke strafcorners van Nederland. Andersom zou Caldas zijn speelsters nooit de opdracht geven om op een dergelijke manier in de lijn van de bal te rennen. Caldas: ‘Nee, ik wil goed kunnen slapen’.10 Paumen dacht er net zo over: ‘Je moet wel een paar gekken hebben die het doen’.

Ad. 4: kunnen
Lag het in het vermogen van de hockeysters om te handelen en waren er handelingsalternatieven? Jazeker, de vrouwen waren in principe zelf in staat om te handelen en om anders te handelen.

Een vlotte en oppervlakkige beantwoording van de vragen, zonder rekening te houden met de contextuele verbanden, lijkt erop te duiden dat de speelsters in een zekere mate verantwoordelijk zijn hun handelen. Echter, in welke mate zijn de speelsters daadwerkelijk vrijwillig onderdeel van deze situatie? Er gaat namelijk enige vorm van dwang uit, mede doordat deze sportcontext is gereguleerd door regels en protocollen van desbetreffende hockeyinstituten en opdrachten worden gegeven door coaches.

Iemand kan voor een handeling verantwoordelijk worden gehouden, wanneer hij kan worden aangemerkt als de (mede)oorsprong van een handelingseffect Of vanuit een functie met een bepaalde taakverantwoordelijkheid. Ik veronderstel dat de betreffende persoon de gevolgen van zijn handelen heeft kunnen overzien. En dus in staat was om zijn gedachten daadwerkelijk in handelen om te zetten.

Als het kalf verdronken is, dempt men de put
De verantwoordelijkheid van een persoon of instituut komt meestal pas ter sprake als het mis gaat. We vragen niet: ‘Welke functionaris is er verantwoordelijk geweest voor al die gemaakte doelpunten?’ Maar wel: ‘Wie is er verantwoordelijk voor dat dodelijk ongeluk op het hockeyveld?’

In dit geval heb ik de hockeysport centraal gesteld, maar gevaren komen natuurlijk in vele sporten voor. Er zijn voorbeelden genoeg: afdalen op een racefiets, de steeds steilere skiafdalingen, een tackle van achter op een voetbalveld, surfen op een ondiep rif… Allemaal voorbeelden van een complexe constructie van diverse personen en instituties met bijbehorende normen, waarden en spelregels. Ik hoop dat het aankomende decennium meer duidelijkheid wordt verkregen over de ethische grenzen in onze sportwereld. En dat hier vervolgens ook naar wordt gehandeld.

Noten:

1. De Volkskrant (geraadpleegd op 16 september 2012)
2. Hockey.nl (geraadpleegd op 16 september 2012)
3. NOS (geraadpleegd op 16 september 2012)
4. De Volkskrant (geraadpleegd op 16 september 2012)
5. Rorhmann, B. (2005). Risk Attitude Scales: Concepts, Questionnaires, Utilizations. Melbourne: University of Melbourne.
6. ESPN Action Sports. www.espn.com. Geraadpleegd op 7 januari 2012.
7. Bob- en sleebond Nederland. www.bsbn.nl. Geraadpleegd op 7 januari 2012.
8. Jeurissen, R. (2009). Bedrijfsethiek: een goede zaak. Assen: Van Gorcum
9. Genard, J.L. (1999). La grammaire de la responsibilité. Paris.
10. De Volkskrant (geraadpleegd op 16 september 2012)

Rachid Ouchene is werkzaam als adviseur bij advies- en managementbureau BMC. Als adviseur werkt Ouchene aan het professionaliseren van de publieke sport- en beweegsector. Ouchene voert naast zijn werk voor BMC een onderzoek uit naar de betekenisgeving van de paradoxale relatie tussen veiligheid en gevaar bij extreme sporten (masterthesis). Voor meer informatie: rachid@ouchene.nl.

Deel dit bericht:

0 reacties

Nog geen reacties. Wees de eerste!

Voeg je reactie toe

Meer over:

Blijf op de hoogte

Wij sturen jou één keer per week een e-mail met de 
belangrijkste opinies en artikelen van Sport Knowhow XL.