5 augustus 2008
Opinie
1. Waarom heb je gekozen voor een sportgerelateerde
managementopleiding?
“Ik heb om verscheidene redenen gekozen voor
een sportgerelateerde managementopleiding. Sport is altijd al een passie voor me
geweest en ik ben altijd nieuwsgierig geweest hoe het achter de schermen er aan
toe gaat. Ik heb na mijn Havo een half jaar fysiotherapie gedaan, maar ben tot
de conclusie gekomen dat die opleiding niet bij mij paste. In 2005 ben ik
begonnen met de opleiding Sport, Management & Ondernemen nadat ik op een
aantal open dagen ben geweest en met meerdere studenten van de opleiding
gesproken had. Wat mij ‘triggerde’ om een sportgerelateerde managementopleiding
te doen, was het feit dat je met zo’n opleiding heel veel verschillende kanten
op kan. Zo kan je bij bijvoorbeeld bonden en koepels, sponsors, verenigingen, in
de media, toerisme of evenementenorganisaties terecht.
De belangrijkste reden
waarom ik een sportgerelateerde managementopleiding heb gekozen is vanwege de
combinatie tussen sport en management. Het houdt de opleiding leuk en
uitdagend.”
2. Waarom zou je deze opleiding/studie aanraden bij aankomende
studenten? Welke toegevoegde waarde heeft deze opleiding/studie?
“De
opleiding Sport, Management & Ondernemen is anders dan andere
HBO-opleidingen. Het is een managementopleiding op gebied van sport, met de
nadruk op management. Het is geen verkapte marketingopleiding met een
sportsausje erover heen gegooid. De docenten zijn professionals die zelf al
jaren praktijkervaring hebben en die dat met enthousiasme delen met de
studenten. Er wordt veel van de student zelf gevraagd. Doorzettingsvermogen,
verantwoordelijkheid en creativiteit zijn een paar van de competenties die
gevraagd worden van de student. Het voordeel van mijn opleiding is ook dat het
een driejarige opleiding is in plaats van vier. Zo kan je sneller aan de slag
als volwaardig sportmanager en kan je je vak een jaar eerder dan andere
Hbo-opleidingen uitoefenen. De voornaamste reden dat ik gekozen heb voor
INHOLLAND Select Studies is de praktijkgerichtheid van de opleiding. Je bent
vanaf dag 1 bezig om de kennis die je vergaart om te zetten in
praktijkopdrachten. Op deze manier maak je al snel mee wat het inhoudt om een
sportmanager te zijn.”
3. Welk onderdeel mis je ofwel: wat zou volgens jou aan je opleiding
toegevoegd mogen worden?
“Tijdens de opleiding heb ik niet het
gevoel gehad dat ik echt wat gemist heb. Het enige minder positieve punt is de
locatie en de mogelijkheid tot internet op je laptop. Omdat het gebouw eigenlijk
een soort van noodgebouw is straalt het niet echt veel uit. Ik vind het gebouw
niet representatief voor de opleiding zelf. Ook is het jammer dat er geen
wireless internet binnen het gebouw is. Doordat het nog wel eens druk kan zijn
in de computerruimtes nemen veel studenten hun laptop mee en het zou perfect
zijn als ook daarop internet beschikbaar zou zijn. Dit zou ik graag als
toevoeging willen zien aan de opleiding, zodat de toekomstige studenten hier
profijt van kunnen hebben.”
4. Waar hoop je later na je studie te kunnen gaan werken, welk soort
baan ambieer je?
“Nu ik aan het einde van mijn studie zit heb ik
verscheidene facetten kunnen zien van wat een sportmanager allemaal kan doen en
waar hij zou kunnen gaan werken. Ik heb stage gelopen bij BVM Sport - de
beroepsvereniging voor managers in de sport - en heb op deze manier al wat van
de praktijk kunnen proeven. Ik werk graag samen met anderen en een baan bij een
sportbond of een betaalde functie bij een sportvereniging zijn twee dingen waar
mijn ambitie naar uitgaat. Ik heb voor mijzelf nog niet mijn verdere pad
uitgestippeld, maar dat ik in de sport actief wil blijven is iets wat voor mij
duidelijk is.”
5. Wat zou er volgens jou in de Nederlandse top- of breedtesport
geheel anders geregeld of georganiseerd moeten worden en waarom? Hoe zou je het
aanpakken?
“Voetbalscholen zijn de trend in het voetbal de laatste
jaren. Voetballers en voetbalsters kunnen buiten hun vereniging om extra
trainingen volgen om bijvoorbeeld aan hun techniek te werken. De KNVB ziet
alleen niks in deze scholen en is er ook fel tegen. Ik zou graag zien dat de
KNVB dit soort projecten/initiatieven juist zou ondersteunen om zo de
voetballers, waar het toch allemaal om draait, de kans te geven om zich verder
te ontwikkelen. Ik was daarom ook blij met het initiatief van Sportpartners om
met de Nederlandse Voetbalscholen Organisatie om het gat te vullen dat de KNVB
heeft opengelaten. De KNVB had deze trend met beide handen moeten aanpakken en
de amateurvoetballers moeten geven waar ze overduidelijk behoeften aan hadden.
Uiteindelijk gaat het om de ontwikkeling van het voetbal en voetballers en als
de mogelijkheden bestaan om deze ontwikkeling verder te helpen, dan moet je er
open voor staan en niet het eigen belang voor laten gaan.”
Deel dit bericht:
0 reacties
Nog geen reacties. Wees de eerste!
Voeg je reactie toe
Wij sturen jou één keer per twee weken een e-mail met de belangrijkste opinies en artikelen van Sport Knowhow XL.