26 maart 2013
Opinie
Mijn carrière heeft een wat ongebruikelijk verloop. Na leerkracht te zijn geweest in het basisonderwijs heb ik later de overstap gemaakt naar het praktijkonderwijs. Ondertussen volgde ik een opleiding Ecologische Pedagogiek. Daarna heb ik een aantal jaren leiding gegeven aan een basisschool en voerde ik tegelijkertijd een bedrijf in de verhuur van mountainbikes. En uiteindelijk heb ik de overstap gemaakt naar fulltime werk in de fietsbranche. Na een opleiding voor bikefitter ben ik enkele jaren geleden gestart met Glorie BikeLab. Vanuit mijn optiek stelt deze bijzondere combinatie van achtergronden mij in staat om niet alleen het bikefitten in breder perspectief te zien, maar ook diverse andere zaken. De fietser op de fiets staat voor mij als symbool voor vele maatschappelijke verschijnselen. In dit stuk wil ik het belang van een (ecologisch) pedagogische kijk op bikefitting vergelijken met het voeren van een (groot) bedrijf.
Wat maakt een goede pedagoog? Een belangrijk kenmerk is afstand, beschouwing, helicopterview. Als je te dicht op de leerling zit, lukt het niet om het grotere geheel te zien. Vervolgens is het belangrijk om kennis te hebben, kaders om vanuit te werken en oog te hebben voor de kwaliteiten en beperkingen. Van daaruit maakt een pedagoog keuzes om optimaal rendement te halen uit de kwaliteiten waardoor de beperkingen minder invloed krijgen.
Ik heb vele jaren in het praktijkonderwijs gewerkt. Praktijkonderwijs is voortgezet onderwijs voor moeilijk lerenden. Zonder kennis van deze groep zou de oppervlakkige beschouwer vooral de gebreken van deze leerlingen kunnen zien. Rekenen is moeilijk, de taalvaardigheid is beperkt, het begripsvermogen ondermaats. Om nog maar te zwijgen van problematieken als autistiforme problematiek, hechtingsproblematiek, adhd of oppositionele stoornis. Hoe kunnen deze leerlingen nu ooit succesvol zijn, wat zouden ze nou kunnen?
Er zijn echter vele voorbeelden van leerlingen die uiteindelijk zeer succesvol blijken te zijn. Zo was er een jongen, laten we hem Lars noemen. Deze jongen had een zeer problematische basisschoolperiode. Hij vertoonde opstandig gedrag, kon (of wilde) niet leren, was luidruchtig en hyperactief en was de schrik van alle invallers en leerkrachten. De verwachtingen over zijn toekomst waren zeer pessimistisch. Maar als er iets te organiseren viel, was Lars degene die de groep leidde en tot de beste resultaten kwam.
In het praktijkonderwijs viel al snel op dat praktische vakken hem aanzienlijk beter lagen. Een duidelijk verschil in gedrag tussen praktijk- en theorievakken. Daarom werd er besloten zo snel mogelijk de theorievakken voor hem te beperken. Koken bleek zijn passie. Binnen de kortste keren (middels een ander traject dan gebruikelijk) liep hij stage in de keuken van een restaurant en werd de school gevraagd of Lars in het leer-werktraject mocht. Hoewel tegen de regels in, werd op dit verzoek ingegaan. Na een half jaar werd Lars gepresenteerd als de meest veelbelovende leerlingkok van Nederland. Inmiddels, vier jaar verder, werkt hij in de keuken van een toprestaurant met Michelinster.
Waarom is deze jongen succesvol? Omdat vanuit een pedagogische visie de focus werd gelegd op kwaliteiten en hij de ondersteuning, begeleiding en kansen kreeg om zich op kwaliteiten te ontwikkelen. Dat zijn rekenvermogen niet verder gaat dan sommen tot honderd en hij nauwelijks fatsoenlijke zinnen op papier krijgt doen niet meer ter zake. Zijn oude, lastige gedrag vertoont hij niet meer en zijn humeurigheid is hij kwijt. Een prettig persoon in de omgang die goed in zijn vel zit!
Wat heeft dit te maken met bikefitting? Als bikefitter met pedagogische achtergrond ben ik gewend om de leerling te bekijken vanuit een breed perspectief. Pedagogiek en bikefitting vragen beide om zoveel mogelijk in de huid van de betrokkene te kruipen. Het is belangrijk om als het ware door de ogen van de persoon te kijken, te ervaren, en van daaruit te zoeken naar oplossingen en verbeteringen.
Zoals in het voorbeeld van Lars duidelijk wordt dat wanneer de focus komt te liggen op zijn kwaliteiten, dit doorwerkt in zijn gehele functioneren en zelfs in zijn persoonlijkheid. Een verandering op één aspect werkt door op het geheel. En dit geldt ook voor fietsers.
Als bikefitter bezie je de fietser als geheel. De mens is een organisme opgebouwd uit verschillende lichaamsdelen, maar één lichaam. Dit lichaam heeft zijn sterke en zwakkere kanten. Met dit lichaam wil de fietser fietsen. Daarvoor heeft hij een fiets ter beschikking en plaatst zijn lichaam daarop. Of de fietser daarop goed kan presteren hangt af van de ondersteuning en aanpassing die het krijgt. Als dat niet gebeurt gaat het lichaam protesteren. Dan werkt het niet mee, gaat dwars liggen (blessures) of gaat mopperen (klachten). Als bikefitter staan er verschillende middelen ter beschikking om te zorgen dat de fietser optimaal op die fiets zit. Zoals een journalist het heel treffend beschreef : 'het voelt voor het lichaam aan als thuiskomen'.
Zo zijn klachten in de onderrug een veel voorkomend probleem. De oorzaak van onderrugklachten zijn voor het overgrote deel terug te voeren op de ondersteuning van het bekken door de keus van het zadel. Het bekken is namelijk het belangrijkste en sterkste deel van het lichaam. Als het bekken niet goed gekanteld staat werkt dit in twee richtingen door: enerzijds zorgt dit voor een bolle en daarmee overbelaste rug en anderzijds zorgt het voor een minder effectief bewegingspatroon. Wanneer het bekken goed gekanteld staat wordt er dus beter bewogen, worden zowel de rug als de nek- en schouderzone minder belast, is de balans op de fiets beter, rijdt de fietser comfortabeler en veiliger en houdt hij het langer vol. Eén aanpassing ( een ergonomisch goed zadel) zorgt voor een groot aantal verbeteringen. Een aanpassing die gericht is op het belangrijkste onderdeel van het lichaam, waardoor de andere onderdelen beter kunnen functioneren.
Zoals het bekken het belangrijkste onderdeel is van de fietser, zo is de directie het belangrijkste onderdeel van het bedrijf. Daarbij moge duidelijk zijn dat het de directie is die die ervoor moet zorgen dat de andere onderdelen van het bedrijf optimaal kunnen functioneren. De directie is dienstbaar, voorwaarden scheppend, voor het geheel. De directie is er voor het bedrijf, niet het bedrijf voor de directie. De directie dient, net als het bekken, actief gekanteld te zijn. Soms dieper zitten, wanneer het bedrijf een impuls nodig heeft, soms iets meer rechtop, om even iets rustiger aan te doen, maar altijd zo dat het bedrijf (lichaam) als geheel goed kan blijven functioneren.
Dat houdt ook in dat er oog moet zijn voor ieder onderdeel van het lichaam. Het menselijk lichaam is per definitie scheef. Het lichaam vindt in de meeste gevallen zijn eigen correctie op de scheefheid. Op de fiets hebben we echter te maken met een symmetrisch apparaat waar dat scheve lichaam op moet presteren. Daardoor gaat het lichaam wringen met klachten als gevolg. Door vanwege die scheefte aanpassingen te doen, komt het lichaam in balans. Zo kan een beenlengteverschil ervoor zorgen dat het bekken scheef op het zadel komt te zitten. De balans is er dan uit. Door de juiste aanvullingen, aanpassingen te doen, komt het bekken weer recht op het zadel. Daardoor zal de spanning op de onderrug, nek en schouders ook weer afnemen.
De directie moet nadrukkelijk oog hebben voor de verschillende onderdelen van het bedrijf. De directie krijgt problemen in de hectiek van de marktontwikkeling en bedrijfsvoering als er één onderdeel van het bedrijf minder goed functioneert. Andere onderdelen van het bedrijf komen daardoor ook minder goed tot hun recht. Alleen door te investeren in het betreffende onderdeel kan het bedrijf als geheel optimaal functioneren.
Zo zijn er meer parallellen te trekken. Een leerling, een fietser, een bedrijf kun je alleen goed beoordelen vanuit een breed perspectief waarbij alle aspecten meegenomen worden. Een kleine aanpassing kan een groot resultaat opleveren. Welke keuze, welke aanpassing het meest effectief is, hangt af van diverse factoren. Kijken naar mogelijkheden, kwaliteiten en deze versterken, dat is waar het om gaat. Een cranklengteverschil van 2,5 mm kan het verschil maken tussen wel of geen blessure. Een aanpassing in de distributie kan het verschil maken tussen de klant houden of de klant kwijtraken. Alles is belangrijk. Zonder grote teen kun je niet fietsen. Zonder magazijnbediende kun je geen bedrijf voeren. Oog voor het detail binnen het geheel zorgt voor een optimaal functioneren, zowel voor leerling, fietser als bedrijf.
Jan Glorie is eigenaar van GLORIE Custom Built Bikes & BikeLab te Hengelo en bikefitter. Hij combineert kennis en vaardigheden uit een 23-jarige onderwijscarrière met de SICI opleiding tot bikefitter en is betrokken bij onderzoek naar bewegingsoptimalisatie. Glorie is gastdocent bij onder meer de NTFU en ROC's en veelgevraagd spreker voor wielerverenigingen en –organisaties. In zijn vrije tijd kun je hem tegenkomen op racefiets of mountainbike. Voor meer informatie: 06-5371 4135, info@glorie-cbb.com en www.glorie-cbb.com.Deel dit bericht:
0 reacties
Nog geen reacties. Wees de eerste!
Voeg je reactie toe
Wij sturen jou één keer per week een e-mail met de belangrijkste opinies en artikelen van Sport Knowhow XL.