31 mei 2011
Opinie
door: Antje Diertens
Als we conform de doelstellingen van het Olympisch Plan 2028 de sport op een hoger plan willen brengen, dan zullen we in de sport moeten innoveren en de arbeidsproductiviteit van vrijwilligers en professionals op een hoger plan moeten brengen en houden.
De sport - waar er van nature een wil en prestatiedrang is onder professionals zonder dat die per definitie gekoppeld is aan in beton gegoten zekerheden - biedt veel kansen. Dat leert ook het verleden: sportprofessionals van het eerste uur zijn opgeleid met het vooruitzicht dat de sector niet bekend stond om de ordelijke arbeidsovereenkomsten. En toch kozen zij bewust voor een functie in de sport. Uiteraard is een ordelijke arbeidsovereenkomst ook voor beroepsporters een grote stap voorwaarts, maar de attitude om verantwoordelijk te zijn voor je eigen carrière en daar bewuste keuzes in te maken, dat hebben sportprofessionals ongeveer met de paplepel ingegoten gekregen.
Zij hangen niet aan lange termijn zekerheden maar durven risico’s te nemen om daar te komen waar zij willen komen. Professionele groei, ontwikkeling, uitdaging en plezier in het werk zijn de belangrijkste drives. Juist in deze tijd moeten we naar buiten kijken, over de grenzen heen denken en handelen. Maar buiten onze eigen (lands)grenzen zit ook de concurrentie.
Uit de presentaties tijdens het Global Sport Management Summit in Taiwan (op 26 april jl.) is mij gebleken dat Azië en Latijns Amerika succesvol werken aan het professionaliseren van de sport. Op die mondiale sportarbeidsmarkt zal dan ook steeds meer onderhandeld worden om de beste mensen te krijgen en te behouden. Laten ook wij daarom onze ondernemende en avontuurlijke inslag benutten en kansen creëren die mensen in staat stellen zich blijvend te ontwikkelen. Waardoor ze deze concurrentie aankunnen. Daarin is en blijft scholing van eminent belang. Een levenlang leren is geen holle kreet, maar een voorwaarde om te winnen, ook op de sportarbeidsmarkt. Talent wordt schaars door ontgroening en vergrijzing. Des te meer moeten we investeren in opleiden, zodat sportorganisaties en ondernemingen in een krappere arbeidsmarkt kunnen blijven scoren in de top.
De werking van de wet op de remmende voorsprong moeten we goed in de gaten houden. We hebben in Nederland veel goed geregeld. Maar deze regels hebben ook een keerzijde. ‘Vaste contracten bieden zoveel zekerheden dat het voor werkgevers te duur is. Het gebrek aan arbeidsmobiliteit ondergraaft de arbeidsproductiviteit’, aldus prof. dr. Ton Withagen (Financieele Dagblad, mei 2011). Ook sportorganisaties zouden geholpen moeten worden door het ontslagrecht te versoepelen. Hiermee bedoel ik niet dat we maar terug moeten naar het recht van de sterkste, maar wel naar een modernisering van ons sociaal akkoord.
Het Sport Management Instituut vierde op 26 april jl. zijn 20 jarig bestaan. Het werd een dynamische avond met onder andere alumni aan het woord die buiten de platgetreden paden hun weg in de sport vinden. Die alumni hebben de executive MBA sportmanagement gevolgd, een opleiding die naast kennis en innovatie veel ruimte geeft aan de talentontwikkeling. Verschillende alumni zijn later aangetrokken als (gast)docent. Ofwel: talent ontmoet talent. De 21ste leergang gaat van start op 22 september 2011. Er zijn nog enkele plaatsen beschikbaar!
Voor meer informatie: www.sportmanagementinstitute.nl, 050-527 6557 of 06-5325 9315 (Antje Diertens).
Antje Diertens is verbonden aan de Wagner Group. Daar heeft zij het Sport Management Institute SMI onder haar hoede. In die rol is zij verantwoordelijk voor het programmamanagement en voor de verdere ontwikkeling van het SMI.
Deel dit bericht:
0 reacties
Nog geen reacties. Wees de eerste!
Voeg je reactie toe
Wij sturen jou één keer per week een e-mail met de belangrijkste opinies en artikelen van Sport Knowhow XL.