22 september 2009
Opinie
De stad Groningen wil meer ruimte bieden voor Sport en Bewegen. Het bestuur focust zich op drie thema’s namelijk ‘dat beweegt stad’, ‘Stad, waar iedereen zijn sportieve talent kan ontdekken’ en ‘Stad waar sporttalenten hun talent kunnen ontwikkelen’. In de nota ‘Meer ruimte voor Sport en Bewegen’ worden de ambities van de gemeente benoemd op basis van een rondje langs de velden (werkveld). In deze nota concludeert de gemeente onder andere dat het beleid door het sportwerkveld ervaren wordt als ‘te versnipperd’ en ‘focus’ mist.
Duidelijk komt naar voren dat de gemeente door middel van het invoeren van kwaliteitsinstrumenten op veel gebieden onderzoek wil gaan doen. Zij laat zich hierin ondersteunen door het W.J.H. Mulier Instituut. Aan de hand van bovenstaande drie thema’s geef ik als ‘stadjer’ en D66’er een visie op het toekomstig gemeentelijk sportbeleid.
'Dat beweegt stad'
D66 erkent het belang om sport en
bewegen in de stad te stimuleren. Maar D66 mist in het accommodatiebeleid
daarentegen een toekomstvisie op basis van de ontwikkelingen die wij op
sportgebied in Nederland kunnen verwachten. De traditionele accommodaties zijn
verbeterd op basis van toekomstige groeicijfers van de traditionele (reeds
bestaande sporten) en de inrichting van de stad. Voorbijgegaan wordt aan de
sportvormen die door een meer interculturele samenleving aan populariteit zullen
winnen, bijvoorbeeld oosterse gevechtsporten, kickboksen. D66 heeft vertrouwen
in de eigen kracht en ontwikkeling van mensen en wil ook graag ruimte geven aan
de minder bekende sporten van de ‘nieuwe Nederlander’.
D66 vindt dat sport niet moet uitwijken naar de randen van de stad, maar in de wijken thuishoort. Ook voor herbouw en nieuwbouw geldt dat D66 streeft naar duurzaam bouwen, beheren en gebruik van sportaccommodaties. Verantwoord bouwen en ontwikkelen geldt met andere woorden ook voor de sport! D66 is verder voorstander van meer speel- en beweegplekken en ruimte voor de ongeorganiseerde sport.
'Stad, waar iedereen zijn sportieve talenten kan
ontdekken'
Door de toekenning van rijkssubsidies initieert de
gemeente basisvoorzieningen in de buurt en op school en naschoolse
sportstimuleringsactiviteiten. In januari wordt gestart met acht proeftuinen die
maximaal twee jaar gaan duren.
D66 zet zich in voor de terugkeer van de vakleerkracht lichamelijke opvoeding in het basisonderwijs en voor de terugkeer van de verplichting van het schoolzwemmen. De sportpas moet blijven bestaan, zodat kinderen tot dertien jaar kunnen kennismaken met verschillende sporten. D66 is voor de oprichting van een actief Jeugdsportfonds in de stad zodat kansarme kinderen kansen krijgen te participeren in een sportclub.
D66 is voorstander van de brede school waarin een naschools sportaanbod is opgenomen. Samenwerking tussen sportverenigingen, scholen en welzijnswerk kan worden bereikt binnen de brede school. Sport kan een belangrijke rol spelen bij het aanpakken en oplossen van maatschappelijke problemen en het werken aan een veilige leefomgeving. De door vrijwilligers bestuurde sportclubs zijn hier echter vaak (nog) niet op berekend.
D66 heeft veel vertrouwen in de reikwijdte van sportverenigingen en vindt dat zij meer direct gebruik moeten kunnen maken van subsidieregelingen. Beloon verenigingen die innovatieve plannen hebben en ondersteun de clubs om die zelf uit te voeren.
Veel subsidiegeld gaat nu naar ‘nieuw’ middenkader (sportconsulenten, coördinatoren) dat niet direct werkzaam is in uitvoerende zin. Een regiefunctie zonder uitvoerende verantwoordelijkheid leidt echter niet tot duurzame verandering. De sleutel voor verandering ligt bij de mensen zelf en D66 vindt dat de lokale overheid daarop moet aansluiten. Vrijwilligers vormen de basis van onze sportverenigingen. De sport professionaliseert op eigen kracht en koestert haar vrijwillige kader. Om vrijwilligers te werven en te behouden moet de wet- en regelgeving ten aanzien van het vrijwilligersbeleid en de sportverenigingen meer op elkaar worden afgestemd. .
‘Stad waar iedereen zijn sporttalenten kan ontdekken’
De
stad wil zich als kennisstad op gebied van topsport en talentontwikkeling
profileren. D66 wil dat afgestudeerden uit onze sportkennisstad de mogelijkheid
hebben hun studieschuld af te lossen door het verrichten van een duidelijk
omschreven hoeveelheid vrijwilligerswerk, ook in de sportsector. Tijdens de
studie kunnen studenten hier al mee starten. Dit past ook in de vernieuwende
ideeën die D66 heeft op het gebied van onderwijs.
De kennis die gecreëerd wordt middels onderzoek kan ook voor de Noordelijke provincies in de ontwikkeling en vernieuwing van topsport toegepast worden in de Centra voor Topsport en Onderwijs. Een dergelijk centrum is gesitueerd in Heerenveen. Heerenveen zoekt partners en de Rijksuniversiteit Groningen (RUG) zou door samenwerking met het centrum in Heerenveen de (sport)wetenschap in praktijk kunnen toetsen. Groningen kwam niet aanmerking voor dit centrum omdat haar voorzieningen en infrastructuur ontoereikend zijn. Topsportsuccessen dragen bij aan de promotie voor de sport en geven de stad (economische) uitstraling. D66 vindt dat de lokale overheid talentontwikkelingsprogramma’s en topsportprogramma’s dient te steunen.
Topsportevenementen leveren een impuls aan de economie. D66 denkt en handelt over de stads- en landsgrenzen heen. Als één ding zich goed leent voor uitwisseling tussen gemeenten dan is dat sport. Sport is vanwege grote evenementen als WK’s en EK’s en Olympische Spelen per definitie internationaal. D66 wil dat scholen, breedtesportverenigingen, topsportorganisaties en commerciële sportaanbieders samenwerkingsverbanden aangaan om sporttalent tot wasdom te laten komen. Hierbij moet het beleid van de gemeente helder zijn en niemand uitsluiten.
Kansen voor iedereen, dus ook voor mensen met een beperking. Geef top- en breedtesport een goede plek in de samenleving omdat zij ook complementair aan elkaar zijn. Bij 84 % van de sportclubs zijn vrijwilligers actief. In totaal wordt er voor 52000 fte onbetaald werk in de Nederlandse sport verricht. Als Nederland de ambitie waar wil maken om tot de top tien van de wereld te gaan behoren, dan eist dit een adequaat handelen en samenwerken op basis van concreet geformuleerd beleid. D66 juicht een publiek-private samenwerking en professionalisering van de sport van harte toe.
D66 wil dat Nederland in de nabije toekomst de Olympische Spelen organiseert. D66 wil dat Groningen initiatieven in deze steunt en actief nadenkt over welk aandeel Groningen kan leveren aan de realisatie van het Olympisch plan 2028.
Antje Diertens is verbonden aan Wagner Group. Daar heeft zij het Sport Management Institute SMI onder haar hoede. In die rol is zij verantwoordelijk voor het programmamanagement en voor de verdere ontwikkeling van het SMI. Daarnaast is zij binnen Wagner Group verantwoordelijk voor het kwaliteitsbeleid. Daaronder valt ondermeer kwaliteitsborging (ISO 9001:2000), onderwijs-accreditering (NVAO en AMBAS) en erkenningen (Cedeo). Bovendien begeleidt zij Socratische bijeenkomsten, zowel binnen als buiten de Wagner Institutes. Voor informatie en/of reacties: a.diertens@wagnergroup.nl
Deel dit bericht:
0 reacties
Nog geen reacties. Wees de eerste!
Voeg je reactie toe
Wij sturen jou één keer per twee weken een e-mail met de belangrijkste opinies en artikelen van Sport Knowhow XL.