Go with Golazo
Sportknowhowxl
Home
Opinie
Sporten we nog wel met plezier

Sporten we nog wel met plezier?

20 januari 2009

Opinie

door: Lutger Brenninkmeijer

Nico Dijkshoorn heeft in de Volkskrant van 1 december 2008 een artikel gepubliceerd waarin hij ouders oproept om hun kind vooral te laten sporten bij een club waar hij/zij op de fiets naar toe kan. Mijn conclusie van zijn betoog is dat kinderen geleefd worden door bijvoorbeeld de ambities van ouders en veelal niet meer kunnen genieten van een vrijetijdsbestemming. Ook bevestigt de column van Dijkshoorn dat veel kinderen van de basisschoolleeftijd als een ‘instrument’ gezien worden door de ogen van hun ouders of club. Ik heb zijn verhaal dan ook met lede ogen gelezen.

Zelf ben ik jaren Technisch Directeur geweest bij Hockeyclub Amsterdam (het ‘Ajax van het hockey’), organiseer ik al meer dan tien jaar een groot jeugdsportevenement, was ik één van de initiatiefnemers van de grootste hockeykamporganisatie van Europa en adviseer ik veel verenigingen over structurering van de jeugdopleiding. Ik word gezien als een heel fanatieke en strenge trainer die het maximale uit de groep wil halen. Menig landskampioenschap heb ik mogen vieren.

Maar ging het mij om die kampioenschappen? Is een landskampioenschap het hoogste goed? Moet alles daarvoor wijken? Nee, nee, nee. Ik vind het wel een uitdaging om een club zo goed mogelijk te laten functioneren en dat de leden zichzelf maximaal kunnen ontwikkelen. Kinderen worden echt niet lid om kampioen te worden, maar vooral omdat ze op welke manier dan ook enthousiast zijn voor de sport, veelal geënthousiasmeerd door vriendjes of vriendinnetjes. Natuurlijk dromen velen om opvolger te worden van Marco van Basten, Pete Sampras of Inge de Bruijn. Daar is niets mis mee.

Langzamerhand gaan bonden, clubs en de ouders steeds fanatieker om met de jeugdleden. Bij voetbal wordt bijvoorbeeld al op 6-8 jarige leeftijd geselecteerd . Ook veel hockeyclubs gaan al selecteren aan de poort. Alsof je van een 6-jarige kan vaststellen dat hij of zij een talent is… Onderzoeken bij de zwembond en turnbond hebben uitgewezen dat de uitval van 12 en 13-jarigen enorm hoog is: 60% van de kinderen heeft afscheid genomen. En u kent ze vast wel, die fanatieke tennisouders die hun kind naar de top willen brengen. Herinnert u zich het verhaal van een vader die de tegenstanders van zijn zoon drogeerde tot de dood er zelfs op volgde?

Ook Richard Krajicek heeft aangegeven dat hij de druk van zijn ouders (en voornamelijk van zijn vader) als zeer onplezierig heeft gewonden. Tophockey ex-internationals Cees Jan Diepeveen en Fatima Moreira de Melo pleiten in een interview in Hockey.nl voor meer vrijheden van de jeugd. Veel topsporters hebben een klein (plattelands)clubje als basis. De Sire reclame ‘geef kinderen hun sport terug’ komt niet zomaar uit de lucht vallen.

Bij mijn aantreden als Technisch Directeur bij Amsterdam waren de successen van de jeugdopleiding een topclub onwaardig. De teams konden niet concurreren met de omliggende verenigingen, veel minder kinderen dan bij de andere clubs haalden de nationale selecties en het was meer een uitzondering dan regelmaat dat jeugd doorstroomde naar de eerste seniorenteams. Op dat moment lag de focus op zo vroeg mogelijk ‘talentbenoeming’ en deze groepen extra resultaatgerichte trainingen geven. Het gevolg was een teruglopend ledenaantal, lage binding en steeds minders vrijwillige inzet door leden en ouders.

Mede dankzij vitale informatie van Charles Urbanus (voormalig honkbalinternational), Jos Geijsel (inspanningsfysioloog) en Jacques van Rossum (wetenschapper, werkzaam bij de Faculteit Bewegingswetenschappen, VU Amsterdam, deskundige op het gebied van talentontwikkeling) hebben we een plan geïntroduceerd waarin naast de technische en tactische gebieden ook de fysieke- en sociale, emotionele en mentale ontwikkeling van een individu centraal stonden. Het opleidingsplan kende de volgende pijlers:
• opleiden is een lange termijninspanning waarbij ontwikkeling (prestaties) belangrijker zijn dan resultaten: we kijken meer naar de ontwikkelingscurve (dus wat is de vooruitgang van iemand – zijn prestaties) dan naar het einddoel (een uitslag van een wedstrijd, stand in de competitie, etc. Het uitgangspunt is kijken naar het belang van het individu en niet naar het belang van de club;
• kinderen van de basisschoolleeftijd moeten de maximale kans krijgen zelf te leren wat ze leuk vinden en waar ze goed in zijn: daarom kregen deze groepen allemaal training van de beste jeugdtrainers die voorhanden waren en was het aangebodene voor elke leeftijdsgroep hetzelfde, waarbij de oefenstof aangepast werd om ook het beste kind een uitdaging te bieden. Teams worden samengesteld waarbij onderlinge cohesie een belangrijke richtlijn is;
• jongeren van de middelbare school komen in de pubertijd en gaan bewuste keuzes maken. Dit is het moment om te selecteren en gedifferentieerd te gaan trainen. Op deze leeftijd kan je de jongeren bewust maken van hun keuzes en welke consequenties dat heeft: je moet niet in een selectieteam, je mag! Probeer de jongeren duidelijk te maken dat het de keuze van het individu is en niet van de omgeving;
• ontwikkeling van individuen werd nauwgezet gevolgd door een systematische trainingsopbouw en periodieke testen. De technische, tactische, fysieke en mentale aspecten stonden hierbij centraal. Een wedstrijd kon dus verloren worden, terwijl we heel tevreden konden zijn omdat de groep op dat moment het maximaal haalbare had bereikt. Kampioen worden is een resultaat van de inspanningen en geen doel op zich.

De lichtingen die onder deze visie zijn begeleid, hebben enorme sportieve successen gebracht. Nog nooit zaten zoveel jongens en meisjes in nationale selecties, nog niet eerder zijn zoveel (lands)kampioenschappen gehaald en percentagewijs hebben de meeste jeugdspelers de hoofdklasse bereikt van alle hoofdklasseclubs.

Na mijn afscheid bij Hockeyclub Amsterdam ben ik mijn oude club Fletiomare gaan helpen met een doorstart. Op dat moment telde de club 80 en na zeven jaar is het 1.200ste lid ingeschreven. Ook daar is de opleiding op dezelfde uitgangspunten gestoeld en de prestaties vliegen omhoog. Inmiddels heeft een meisje van 16 jaar de overstap naar een topclub gemaakt, speelt zij nu in de hoofdklasse en heeft zij in een nationaal jeugdteam gespeeld. Een jongen en een meisje zijn op 15-jarige cq 14 jarige leeftijd naar Kampong gegaan en is ook uitgenodigd om mee te trainen met een nationaal jeugdteam. Niet dat dit de maatstaf is, maar ook hier blijkt dat de gekozen aanpak spelers tot maximale prestaties kan brengen zonder te selecteren op jonge leeftijd.

Wat we hier van leren, is dat we vooral moeten kijken naar de motivatie van het individu zelf en dat we niet onze eigen ambitie op iemand anders moeten projecteren. Verder halen veruit de meeste mensen hun enthousiasme uit een succesbeleving (zo goed mogelijk iets kunnen) of uit de omgeving (samen iets doen). Blindstaren op resultaat levert vaak op korte termijn plezier op, maar is vaak dodelijk in de loop van de jaren. Wil je dat kinderen ook op late leeftijd nog met plezier sporten, laat ze hun eigen talenten zonder externe druk ontwikkelen. Enthousiastmeren van huis uit en een club die oog heeft voor opleiden zijn dan wel belangrijke voorwaarden.

Kortom Nico: laat inderdaad dat busje zitten. Ga je kind niet pushen naar de top, maar steun hem in wat hij leuk vindt en laat hem lekker met zijn vriendjes naar zijn club fietsen. Besluit hij op latere leeftijd uit zichzelf om topsporter te worden dan kan je nog altijd zijn grootste fan worden!

Lutger Brenninkmeijer was technisch manager en daarna commercieel manager van Hockeyclub Amsterdam, projectleider van het ‘Nationaal Geschenk voor het Zilveren Regeringsjubileum’ en projectmanager bij de FNV Horecabond. Hij hield zich vooral bezig met het ontwikkelen van visies en koppelen van het bedrijfsleven aan sponsorobjecten. Lutger opereert vanuit zijn eigen adviesbedrijf ‘LiBeR’ van waaruit hij kan worden ingehuurd voor advies, begeleidingstrajecten of projectontwikkeling. Hij ondersteunt niet alleen verenigingen (zoals het adviseurschap bij Fletiomare), maar verzorgt ook gastcolleges bij diverse HBO-instellingen en adviseert het bedrijfsleven over sportmarketing.

Deel dit bericht:

0 reacties

Nog geen reacties. Wees de eerste!

Voeg je reactie toe

Meer over:

Blijf op de hoogte

Wij sturen jou één keer per twee weken een e-mail met de 
belangrijkste opinies en artikelen van Sport Knowhow XL.