Go with Golazo
Sportknowhowxl
Home
Opinie
Sandra meeuwsen reageert op column abraham de swaan

Sandra Meeuwsen reageert op column Abraham de Swaan

30 september 2008

Opinie

Reactie op 'Leuk hoor, die Spelen, maar niet hier’; artikel van Abram de Swaan
(socioloog) in De Volkskrant van 6 september 2008

Abram de Swaan meent zich met klem te moeten distantiëren van de Olympische ambities die sinds 2004 in Nederland zijn gegroeid. In een cynisch betoog maakt hij korte metten met de Olympische ‘kongsi’, die elkaar gevonden zouden hebben in een zoektocht naar opwaartse zieledruk, eerzucht en zelfverheffing. Wat moedig voor iemand die zich destijds heeft laten verleiden tot een warm pleidooi voor de Amsterdamse kandidatuur. Of hebben we hier opnieuw te maken met een publiekelijke veroordeling van het geloof in maakbaarheid uit de jaren ’80? Waar houdt dit op? Is het werkelijk nodig ons eigen verleden te minachten om uit de bestuurlijke impasse te komen, waar dit land in zou verkeren?

Kom nou toch, was het maar zo simpel. Dan zouden we snel klaar zijn met de droom van een kleine Olympisch geïnfecteerde elite, en over kunnen gaan tot de orde (of chaos) van de dag. Wie deze droom in de kiem laat smoren toont waar Nederland vanuit haar calvinistische achtergrond zo goed in is geworden: uitsluiten, klein maken, verharden en verarmen. Overigens is de bestuurlijke impasse waar de Swaan op wijst hier ook het product van.

Sport is emotie, en bovendien een onvervalste uitvergroting van onze samenleving in al haar facetten. De paradox is dat sportbeoefening primair verbindend werkt, naar het eigen lichaam en onze sociale omgeving. De maatschappelijke betekenis van sport is ongekend groot, en afgelopen jaren vol trots in de etalage gezet en verzilverd door sportbestuurders en politici. Dit intrinsiek bindende vermogen staat in schril contrast met de bestuurlijke werkelijkheid binnen de sport. Verdeeldheid en strijd leiden tot wantrouwen, cynisme en apathie. Daarin verschilt de sport bepaald niet van andere sectoren binnen onze samenleving. De droom van een Olympisch avontuur in eigen land illustreert echter het diep sluimerende verlangen naar verbinding en bezieling in de sport, en daarmee in de maatschappij als geheel. Let wel, een droom die is ontstaan in het hart van de sport, waar de zelf opgelegde grenzen van bureaucratisering en rationaliteit elke dag gevoeld worden. Hoe moedig is het dan om, tegen de ons zo vertrouwde scepsis en drang tot bagatelliseren in, toch deze droom te durven omarmen? En om iedereen met een open hart uit te nodigen mee te gaan in deze weg uit de impasse, een pad geëffend met hoop en verlangen. Getuigt dit van naïviteit en hoogmoedswaanzin? Misschien wel, maar liever dat dan sterven in verbittering. Hoop doet leven, en we snakken met z’n allen naar een hoop die ons weer doet leven!

Het vuur dat deze Olympische droom veroorzaakt, mobiliseert al krachten die heel hard nodig zijn bij het vervolg. Denk aan de overrompelende vrouwelijke energie van onze topsportdames in Beijing. In tegenstelling tot het gros van de heren toonden de dames ons passie, stelden zij vertrouwen in elkaar, wisten ze eenheid te smeden en waren ze voortdurend in flow. Deze meiden tonen ons de blinde vlek van de sport (en daarmee van onze samenleving); waar de Nederlandse sport gedomineerd wordt door onderlinge strijd en verdeeldheid, laten de dames zien hoe het ook anders kan. Het was dan ook geen toeval. De transformatie van de Nederlandse sport naar Olympisch niveau vraagt om meer vrouwelijke energie, waardoor verbinding en samenwerking op alle niveaus vanzelfsprekend worden. Als we ons hart openen voor de energie die de Olympische droom vertegenwoordigt, en de passie van onze dames in Beijing, maken we een begin met het insluiten van de blinde vlek die niet alleen binnen de sport, maar in onze samenleving als geheel, is ontstaan. We voegen liefde en zachtheid toe aan de mannelijke kwaliteiten waar we afgelopen eeuwen op hebben moeten varen. We leren ego-gebonden ambities los te laten en ons in te spannen voor het bekrachtigen van het collectief. Het ware groeipotentieel van de sport zal zich ontvouwen met het doorzetten van deze diep helende beweging. De transitiefase naar een professionele sportcultuur in Nederland is definitief ingezet met het daadkrachtige optreden van onze vrouwen in Beijing.

Tenslotte: dit proces staat niet op zich; de sport kan met het nemen van de aanloop naar een eigen Olympiade onze samenleving op sleeptouw nemen, en dienen als vliegwiel voor de niet te keren transformatie waar we feitelijk al middenin zitten. Het betoog van de Swaan kan beschouwd worden als een krampachtige poging om vast te houden aan wat ooit geweest is. Even wakker worden hoor: de toekomst is al begonnen!

Sandra Meeuwsen is filosoof en sportbestuurder. Zie voor meer informatie: www.soulconsult.nl

Deel dit bericht:

0 reacties

Nog geen reacties. Wees de eerste!

Voeg je reactie toe

Meer over:

Blijf op de hoogte

Wij sturen jou één keer per twee weken een e-mail met de 
belangrijkste opinies en artikelen van Sport Knowhow XL.