4 november 2008
Opinie
Het voetbalseizoen is spectaculair gestart. AZ was even de weg kwijt, Ajax kon weinig potten breken, Feyenoord is zoekende en PSV leek (!) gewoon weer bezig in alle rust iedereen het nakijken te geven. De smaakmakers zijn Groningen, NAC, Heerenveen en de andere subtoppers draaien lekker mee. Niets mis dus met het voetbal in Nederland?
Laat ik beginnen met de goede punten: een nieuw televisiecontract voor de Eredivisie, volle, moderne stadions en zelfs de supporters lijken op de goede weg, met minder zinloos en verbaal geweld. De Nederlandse trainers behoren tot de beste ter wereld.
Wat is er dan mis? Wat mij betreft de hele situatie rond de spelers. Nederlandse toppers worden snel opgeslokt door Engelse en Spaanse clubs met veel geld, waarna de volgende veelbelovende jonge spelers weer naar de Nederlandse clubs - die geld over hebben gehouden aan verkoop van hun toppers - worden weggelokt.
Structureel is het slecht dat contracten geen contracten meer zijn voor de spelers en hun agenten. Als voetballers zich kunnen verbeteren dan wordt hen geen strobreed in de weg gelegd om nieuwe contracten bij nieuwe werkgevers te vinden. Als de ‘oude’ club niet mee wil werken, dan kan een arbitrage dan wel een onwillige houding van de speler de oplossing brengen.
Om deze situatie structureel te verbeteren zouden clubs, bonden, spelers en
agenten met een nieuw plan akkoord moeten gaan dat op het eerste gezicht een
‘mission impossible’ lijkt: een Europese CAO, onderhandeld door werkgevers
(clubs) en werknemers (de voetballers en hun vertegenwoordigers), biedt alle
mogelijkheden om iets moois op te zetten. Mijn wenslijstje ziet er ongeveer zo
uit:
1. Jonge spelers blijven tot hun achttiende jaar in ieder geval
in het eigen land, dus geen contract met iemand onder de achttien (of zijn
vader...).
2. Contracten worden uitgediend, tenzij de speler en de
oude club het eens worden over een beëindiging.
3. Transfersommen
worden afgeschaft. Het is nu wel een belangrijke inkomstenbron, maar het is een
onvoorspelbare post en het lijkt toch op slavenhandel. Consequentie is dat de
salarissen fors omhoog gaan- het gaat immers voor een club om wat een speler
kost.
4. De hoogtes van salarissen (minimum en maximum) van
beginnende spelers tot de absolute toppers, worden jaarlijks vastgelegd.
Arbeidsvoorwaarden - inbegrepen pensioenopbouw,
arbeidsongeschiktheidsregelingen, premies en bonussen - zijn onderdeel van de
CAO. Tevens gelden identieke belastingtarieven, om transfers vanwege meer
aantrekkelijke belastingregelingen te voorkomen.
5. Spelersfondsen
met gelden van derden buiten de club worden afgeschaft. Als iemand de club wil
steunen, kan dit via een lening of deelneming.
6. Het budget van
iedere club moet voldoen aan een aantal minimale criteria, zoals een gezonde
balans en exploitatie.
7. De spelers en technische staf krijgen 60-
65% van de inkomsten van de club. De rest gaat naar organisatie, stadion,
hospitality.
8. Spelers van buiten de EU moeten aan (voor alle
landen gelijke) criteria voldoen om een EU werkvergunning te
krijgen.
9. Agenten worden betaald (voor de begeleiding die de
speler nodig heeft) door de speler- via een vast percentage van het inkomen van
de speler gedurende de contract periode.
10. Iedere afwijking van de
voorwaarden in de CAO leidt tot zware straffen.
Stel dat de werkgevers in het voetbal (de clubs) het belang zien van een gezonde bedrijfstak en de Europese CAO wordt ingevoerd, dan moeten een paar hele grote clubs even slikken. Er zijn dan geen belachelijke transfersommen, topsalarissen en wisselvallige financiers meer die het sportieve gebeuren op z'n kop kunnen zetten. Als het zou lukken om te komen tot een Europese CAO, gaat het eindelijk om wie het beste omgaat met spelers, trainers en publiek.
Als iemand zou opmerken dat dit wel een wat socialistische benadering is van de sport, dan is het goed om te kijken hoe dit in de Verenigde Staten geregeld is bij honkbal, American Football, basketball, ijshockey. De handel op Wall Street is wellicht niet zo goed geregeld en gecontroleerd, maar de Amerikaanse professionele sport kan wel een prima voorbeeld zijn voor de Europese sport.
Frank Kales is bovenal sportliefhebber. Als basketballer was Frank Kales succesvol met de legendarische Levi’s Flamingo’s (vier landtitels) en het nationale basketbalteam (93 interlands). Na zijn actieve carrière werd Kales coach van onder meer de Flamingo’s (met Buitoni als naamsponsor) en het nationale team. Ook was Kales dertig jaar verbonden aan computergigant IBM, totdat hij in 1999 algemeen directeur werd van Ajax. Anderhalf jaar later stapte hij op na een intern meningsverschil. Samen met toenmalig Ajax-voorzitter Van Praag richtte Kales in 2004 het bedrijf Fanzo op dat zich onder andere richt op merchandising.
Deel dit bericht:
0 reacties
Nog geen reacties. Wees de eerste!
Voeg je reactie toe
Wij sturen jou één keer per twee weken een e-mail met de belangrijkste opinies en artikelen van Sport Knowhow XL.