7 juni 2011
Opinie
door: Berend Rubingh
‘Een veelgehoorde opmerking is dat na de Olympische Spelen veel van die megalomane stadions of sporthallen gedoemd zijn leeg te blijven. Dat is nergens voor nodig. Ruimte is in Nederland toch al schaars. Wij willen dan ook al bij het ontwerp rekening houden met een eventuele tweede, permanente bestemming. Of we willen dat flexibele bouwtechnieken worden gebruikt. Daarmee kan bij voorbeeld een tribune worden omgebouwd tot studentenwoningen of atelierruimtes. Voor een volgend evenement kunnen we ze dan weer voor langere of kortere tijd terugbrengen tot tribune. Met creatieve, innovatieve concepten creëren we zo talrijke mogelijkheden.’
Dit is een citaat uit het Olympisch Plan 2028. Het refereert aan slechte ervaringen in het olympische verleden, denk bijvoorbeeld aan het prachtige Olympisch Stadion in Beijing (het zogenoemde Vogelnestje) dat sinds de Spelen daar in 2008 – nog maar drie jaar geleden - zijn gehouden niet of nauwelijks meer wordt gebruikt. Dat willen wij in Nederland voorkomen als we de Olympische Spelen mogen gaan organiseren en de daarvoor noodzakelijke accommodaties gaan bouwen; in ons overvolle land is ruimte zeer schaars en de financiële middelen bijna per definitie beperkt.
In 2012 worden de Olympische Spelen in London gehouden. Het lijkt erop dat ze daar eerst zijn gaan bouwen en toen pas zijn gaan nadenken. Vorig jaar heeft de eigenaar van het Londonse Olympisch Stadion - de Olympic Park Legacy Company - een zogenaamde ‘soft market test’ uitgezet. Deze bevatte een grote hoeveelheid informatie over het nieuwe stadion, waarna geïnteresseerden in de vorm van een bid konden aangeven hoe zij het Olympisch Stadion zouden exploiteren na de Olympics. Verschillende experts moesten hierom lachen, omdat hiermee duidelijk werd dat er oorspronkelijk geen strategie achter het concept zat. Ik heb de gegevens uit deze soft market test gebruikt voor een casus tijdens een internationale stadion-managementcursus die ik in Londen vorig jaar gegeven heb. Ook heb ik een aantal ervaren stadionmanagers gesproken om eens te kijken of er een haalbaar exploitatieconcept van het Olympisch Stadion te componeren viel, op basis van de gepresenteerde gegevens. Zowel na de cursus als na het raadplegen van de experts was de conclusie: ‘afbreken en er iets anders voor neerzetten’.
Recentelijk heeft Olympic Park Legacy Company bekend gemaakt wie allemaal ingeschreven hadden op hun soft market test. Dat bleken slechts twee partijen. De eerste was de Londonse voetbalclub Tottenham Hotspur, die echter ook met het voorstel kwam: ‘afbreken en er een echt en kleiner voetbal stadion voor in de plaats bouwen’. Het huidige stadion heeft een atletiekbaan en dat past niet bij de club. Uiteraard was ‘afbreken en opnieuw opbouwen’ niet de bedoeling toen dit iconische stadion gebouwd werd, zeker niet als je als bedrijf de naam ‘Olympic Park Legacy Company’ voert.
De tweede partij die geïnteresseerd bleek in het stadion is West Ham United, ook een voetbalclub uit Londen. Deze club won de bidprocedure (vooral omdat ze de atletiekbaan wél wilde houden) en wil graag in het nieuwe stadion spelen, maar… ze zijn net gedegradeerd, hebben een gemiddeld toeschouwers van rond de 20.000 en hebben een enorme schuld. Dus zou je kunnen concluderen dat het stadion voor West Ham United meer een last wordt dan een zeer noodzakelijk steuntje in de rug. Er zijn overigens ook veel bezwaren tegen de komst van West Ham in dit stadion.
Kortom, er staat in Londen straks een stadion dat in de hele geschiedenis misschien maar twee keer vol zit (tijdens de openingsceremonie en de honderd meter sprint) en daarna nooit weer. Dit stadion blijkt dan een hele grote Witte Olifant die een sprookje uit gaat blazen en in zijn ondergang ook nog eens een historische voetbalclub mee zou kunnen nemen. Enige hoop is dat het stadion inderdaad weer wordt ge-down sized van 80.000 naar 25.000, dat de afstand tot het veld niet de typisch Engelse voetbalsfeer beïnvloedt en dat West Ham snel weer promoveert?
Samenvattend: één van de rampscenario’s van het organiseren van grootschalige (sport)evenementen bestaat uit de bouw van accommodaties die later nauwelijks of soms nooit meer gebruikt worden. In ons land zijn we daar gelukkig heel alert op, na de vele slechte ervaringen in andere landen. De Engelsen – toch bepaald geen slechte organisatoren – waren dat ongetwijfeld ook, getuige de intentie om het Olympisch Stadion modulair te bouwen, dus met de mogelijkheid om de stadioncapaciteit later te ‘downsizen’. Niettemin lijken ook zij in de bekende valkuil getrapt. Laat dat een les voor ons in Nederland zijn. Diverse eminente Nederlandse architecten hebben tijdens tal van exposities reeds voorbeelden laten zien van creatieve, innovatieve concepten waarmee zij met behulp van flexibele bouwtechnieken de prachtigste accommodaties hebben gecreëerd met multifunctionele bestemmingen.
Die architecten verdienen de ruimte, maar het belangrijkste is om de bouw van grote accommodaties aan de proceskant te laten beginnen. Met name de expertise die nodig is om een accommodatie te exploiteren - de software - moet er vanaf het eerste moment bij betrokken worden. Nu worden dergelijke experts meestal buiten het proces gehouden door partijen die direct voor de bouw - de hardware - verantwoordelijk zijn.
Berend Rubingh is als adviseur werkzaam voor Manage to Manage. Dit bedrijf heeft vijf jaar geleden een opleiding ontwikkeld voor stadionmanagers. Rubingh is daardoor – met vele andere ervaringsdeskundigen uit de stadionmarkt – als docent betrokken bij de zogenoemde Summer School, een cursus die uit twee intensieve weken bestaat met een operationeel en een strategisch deel. Deze cursus wordt gegeven in Londen en Frankfurt, georganiseerd door EVMI, Event & Venue Management Institute.
Als docent heeft Rubingh alle stadionmanagers van Polen en de Oekraïne – waar in 2012 het EK voetbal wordt gehouden – in de klas gehad en eerder een aantal stadionmanagers uit Zuid-Afrika. Cursisten komen uit alle werelddelen – in toenemende mate uiteraard ook uit Brazilië – en zijn meestal reeds werkzaam als manager in een stadion.
Onlangs was Rubingh in St. Petersburg op uitnodiging van de Herzen University en Zenit FC om te helpen het onderwijs op gebied van sportmanagement in Rusland op te zetten. Dit vanwege de noodzaak tot professionaliseren met het oog op de komende grote evenementen zoals de Winterspelen in Sochi (2014) en het WK Voetbal (2018).
Voor meer informatie: Berend Rubingh, berend.rubingh@managetomanage.nl.
Deel dit bericht:
0 reacties
Nog geen reacties. Wees de eerste!
Voeg je reactie toe
Wij sturen jou één keer per week een e-mail met de belangrijkste opinies en artikelen van Sport Knowhow XL.