29 mei 2012
Opinie
door: Harm Rozie
Hoe organiseert de sport de organisatie van de sport? Gebeurt dat nog steeds op bijna rituele wijze door archaïsche sporen van het verleden te blijven volgen? Maakt men gebruik van de modes uit de organisatieleer zoals ze eerder in zwang waren bij bedrijven en overheden, en uiteindelijk dan ook nog een laatste dienst bewijzen aan bonden en koepels in de sport? Of is er op Papendal, in Zeist, Amersfoort en Nieuwegein ook ruimte voor eigen vernieuwende kracht. En hoe kunnen sportbonden die kracht van onderop, vanuit de gelederen van professionals op hun loonlijsten stimuleren? Ik wil een pleidooi houden voor Methodisch Innoveren, een aanpak die recent is ontwikkeld in de technologie en die hernieuwd plezier in het werk combineert met vergroting van individueel leervermogen en versnelling van innovaties binnen bedrijven. Een flosberry flop voor de sportwerkers op kantoor met als resultaat een blijvend hoger prestatieniveau.
Aanleiding voor deze column zijn rookwolken boven Papendal. Het was allemaal wat langs me heen gegaan. Pas toen Joop Alberda lichtelijk aangebrand uit het Olympisch Vuur stapte drong het tot me door dat het goed mis aan het gaan is met die Olympische Spelen in het jaar 2028 ergens in Nederland. Heel goed ken ik Joop niet, maar ik geloof dat hij een man van vernieuwing is, getuige zijn lijfspreuk ‘if you do what you did, you will get what you got’. Als zo’n man niet meer warm te krijgen is voor het Olympisch Vuur lijkt het erop dat alle stapels gemaakte roadmaps en plannen er de vlam niet meer in kunnen krijgen.
Hoewel verleidelijk, laat ik een analyse van de door NOC*NSF tot hier gevolgde aanpak achterwege. Interessanter is de vraag hoe het hele project 2028 een succes zou kunnen worden met methodisch innoveren als motor voor nieuw denken en nieuw doen.
Brein als inspiratiebron
Als er iets is dat in staat is om snel informatie op te nemen, te verwerken, op te slaan en er van te leren, dan zijn het onze hersenen. Terwijl ze actief aan het werk zijn met de meest uiteenlopende taken, onderhouden ze ook nog eens schijnbaar moeiteloos de hele machinerie van het lichaam dat er aan vast zit. Met groeiende interesse nemen we steeds meer en makkelijker kennis van de wetenschappelijke ontdekkingen over hoe ons brein werkt.
Die nieuwe en eigentijdse kennis over onze grijze cellen vormt de inspiratiebron voor Methodisch Innoveren, een aanpak die mensen in staat stelt binnen hun sociale omgevingen en organisaties met sprongen vooruit te gaan in leer- en arbeidsprestaties. En ook samenwerken gaat ineens veel beter. In Nederland is Methodisch Innoveren inmiddels bij tientallen bedrijven met aantoonbaar succes toegepast, door de stichting AcadeMi-IO in samenwerking met onderwijsinstellingen. Projecten zijn beschreven op de site www.academi-io.nl.
Werken en leren horen bij elkaar
Methodisch Innoveren verbindt werken en leren, en dus ook de verschillende partijen die zich er als hoofdtaak mee bezig houden: bedrijven - dus ook sportorganisaties als NOC*NSF - en onderwijsinstellingen. Je begrijpt de dingen beter als je ze doet of anderen ziet doen. We hebben ten slotte niet voor niets spiegelneuronen. Bij Methodisch Innoveren vertrouwen we er op dat werkende weg en al lerende nieuwe oplossingen ontstaan voor vraagstukken die opduiken. Methodisch Innoveren kent procedures en modellen die bouwstenen vormen voor een samen of zelf te ontwikkelen structuur voor de benadering van een vraagstuk of opdracht. Deze structuur vormt vervolgens de basis voor een proces van zelforganisatie. Samenwerken en kennisdelen binnen zo’n proces leiden tot accumulatie van kennis, en dat wordt zichtbaar en tastbaar in verbeterde of nieuwe diensten en producten. Denkend aan 2028 betekent dat een lange leer- en innovatieweg vol creatieve vondsten en fantastische oplossingen voor de sport die zich gaan aandienen.
Hoofdproduct groeiend leervermogen
Het hoofdproduct van Methodisch Innoveren is groei van leervermogen, voor ieder persoonlijk en in groepsverband. Methodisch Innoveren laat je ervaren hoe kennis en inzicht ontstaan en hoe je nieuwe inzichten en kennis vervolgens kunt gebruiken. Uiteindelijk kun je ook begrijpen hoe Methodisch Innoveren als sturingsproces van kennisontwikkeling en overdracht zelf werkt. De methode bevat een ‘helpers-weg-formule’ die haar oneindig overdraagbaar maakt, als instrument voor blijvende vernieuwing van activiteiten en systemen.
Vergeleken met traditionele procedures en methoden voor planvorming verschuift de focus van taakgericht naar prestatiegericht werken en van top-down naar zelfsturing. In het geval van de voorbereidingen voor 2028 zou eenvoudig begonnen kunnen worden met het aanspreken van het onderneemtalent van de eigen medewerkers van NOC*NSF. Geen aparte projectstructuur, geen sportadel met ambassadeurs, adviseurs en hofhouding. Gewoon de betrokken sportwerkers de ruimte geven.
Er ontstaat dan een nieuw type organisatie door deze doorgaans zeer gemotiveerde vrouwen en mannen in teams mee te laten denken over de innovaties die nodig zijn om als sportland op de kaart te staan en vervolgens de Olympische Spelen in 2028 binnen te halen. In de aanpak van Methodisch Innoveren zit een halve dag per week voor dit leren innoveren. In de 35 bedrijven waar de methode inmiddels is beproefd, werden mensen er blij van, omdat ze inbreng kregen in korte- en langetermijnontwikkelingen. Ook bleek dat als de baas regeltaken loslaat mensen creatiever worden en samen betere oplossingen vinden. Prestatieniveaus en output stijgen. En waar de kennis binnen bedrijven tegen de grenzen van de eigen competenties aanliep, leverden onderwijsinstituten aanvullende kennis. Omgekeerd ontdekten de scholen en universiteiten wat de kennis- en opleidingsbehoefte van de bedrijven is. Met zo’n nieuwe vorm van samenwerking met het onderwijs kan de sport ook haar voordeel doen.
Olympische Spelen zijn exportthema
Inmiddels is Methodisch Innoveren in een volgend stadium beland: dat van dynamisch bindmiddel bij exportactiviteiten. De AcadeMi-IO biedt binnen haar methode een ‘woordenboek’ met tekens, symbolen en modellen, en een bijbehorende code of ‘grammatica’. Er is daarmee een gemeenschappelijke taal die begrepen en gebruikt kan worden vanuit ieders eigen natuurlijke taal. Via het raamwerk van de Mi-taal kun je van elkaar leren, en zien en beoordelen waaraan wordt (samen)gewerkt.
Feitelijk is de hele operatie 2028 erop gericht Nederland als sportland met een topambiance te verkopen aan de rest van de wereld. In die zin moet NOC*NSF voor exportkwaliteit gaan. De Olympische Spelen vormen een thematische uitdaging die de volledige sportketen omvat. Dat is interessant voor het denken over export op een innovatieve manier. Door bij het uitvinden van de exportaanpak van de 21e eeuw voorop te durven lopen kan NOC*NSF nieuwe benaderingen en werkwijzen ontwikkelen en introduceren als onderdeel van de Nederlandse exportcultuur van de toekomst.
Harm Rozie werkt bij Communication Concert uit Weesp. Van 1994 tot 1998 was hij ‘manager communicatie betaald voetbal’ bij de KNVB. Daarvoor werkte hij tweeënhalf jaar als hoofd communicatie bij het Wereld Natuur Fonds, en gedurende anderhalf jaar als interim-manager bij de Informatie Beheer Groep, onder meer om de invoering van de OV-studentenkaart publicitair in goede banen te leiden. Nog eerder was Rozie bij het ministerie van VROM woordvoerder van zowel Pieter Winsemius als Ed Nijpels.
Deel dit bericht:
0 reacties
Nog geen reacties. Wees de eerste!
Voeg je reactie toe
Wij sturen jou één keer per week een e-mail met de belangrijkste opinies en artikelen van Sport Knowhow XL.