Go with Golazo
Sportknowhowxl
Home
Opinie
Lutger brenninkmeijer reageert op discussiestelling over aanstellen bondscoach hockey

Lutger Brenninkmeijer reageert op discussiestelling over aanstellen bondscoach hockey

15 juni 2010

Opinie

Reactie op discussiestelling ‘Het doet er niet toe dat de nieuwe bondscoach van de herenhockeyers geen trainersdiploma’s heeft’ en de reacties die daarop kwamen

Een ‘managing coach’ is zo gek nog niet!
Onlangs is succescoach Paul van Ass aangesteld als bondscoach van het Nationale Herenhockeyteam. Kort daarvoor is oud-international en balvirtuoos Taco van den Honert coach geworden van het eerste herenteam bij Hockeyclub Amsterdam. Afgelopen week werd bekend dat oud-international Peter Bolhuis (en inderdaad de broer van de NOC*NSF-voorzitter André Bolhuis) Robbert Paul Aalbrecht opvolgt bij Dames 1 van diezelfde hoofdstedelijk club. Wat hebben deze drie personen met elkaar gemeen, zal de eerste vraag zijn. Opvallend is dat al deze nieuwe coaches niet gediplomeerd zijn met KNHB-certificaten. Velen vragen zich af of dit wel goed gaat en of diploma’s geen waarde meer hebben.

Zelf ben ik niet verrast over deze ontwikkeling. Bovendien juich ik deze tendens toe. Paul van Ass heeft met HGC en Jong Oranje laten zien dat zijn manier van werken (snel) positief resultaat oplevert. Taco van den Honert is al jaren assistent bij Amsterdam en is inmiddels ook al een jaar actief bij het Nederlands Dameselftal. Peter Bolhuis is in dit rijtje de minst ervaren man, hoewel hij wel veel ervaring heeft in het bedrijfsleven. Ik kan dus best begrijpen dat bij zijn aanstelling vraagtekens bij gezet worden. Maar in de hockeywereld is het niet zo nieuw dat coaches geen KNHB-certificaten hebben en zeker niet bij Hockeyclub Amsterdam. In de jaren negentig stond Joep Brenninkmeijer jaren aan het hoofd bij de dames met diverse successen en daarna bij de heren.

Ik wil het liever niet over de personen zelf hebben. Interessant is om de stroming er achter te bekijken. Binnen de hockeywereld is het al jarenlang gebruikelijk om aan een trainer/coach de leiding van een team met begeleiders over te laten. Toen ik zelf coach was, merkte ik dat ik niet op alle belangrijke deelterreinen evenveel kwaliteiten had (training geven, coachen, organisatie rondom team, oog voor sociale context, communicatie naar het team en de club). Om mijn team optimaal te laten presteren heb ik daarom personen om me heen verzameld die mij konden aanvullen op de gebieden die mij minder lagen. Een bijkomstig voordeel was dat ik nu ook een klankbord had en er niet meer alleen voor stond. Toen ik rond de eeuwwisseling Technisch Manager bij Hockeyclub Amsterdam was heb ik vervolgens doorgevoerd dat een team door minimaal twee à drie personen begeleid werd. Mede door deze opzet is het niveau van de jeugdopleiding omhoog geschoten en won de club prijs na prijs bij de jeugd.

In Engeland is men al veel langer gewend aan een ‘managing coach’ die een team om zich heen verzamelt voor de deelterreinen. Denk maar aan sir Alex Ferguson bij Manchester United. Kijk eens naar het bedrijfsleven. Daar regelt de directeur toch ook niet alles en geeft hij of zij leiding aan een managementteam. Waarom zou dat dan niet geen goede constructie voor de sport zijn? Ik ben voorstander van een coach die vooral groepsprocessen begrijpt, leiding kan geven en goed kan luisteren naar wat er beweegt in de spelersgroep en op de club. Hij moet vooral een communicator zijn. Wedstrijdanalyses, periodeplannen, oefenstof en organisatorisch randvoorwaarden kunnen uitstekend uitbesteed worden. Sportkennis is natuurlijk wel een pre maar waarom zou een managing coach niet goede ervaren trainer(s) om zich heen verzamelen die wel de benodigde diploma’s en kennis heeft?

Mijn vader zat destijds bij een landelijk advocatenkantoor in een sollicitatiecommissie. Hij keek niet naar de cijferlijst maar vooral naar levenservaring van een persoon: wat heeft hij / zij naast de studie gedaan, welke interesses heeft de sollicitant, hoe bewogen en betrokken is de persoon in kwestie. Hij zei altijd: rechten kan je leren. Maar mentaliteit, interesse in anderen en samenwerken heel wat minder. Mijn zakenpartner Erik Ruts verwoordde het heel treffend: als je niet kan delen dan kan je ook niet vermenigvuldigen.

Kortom een coach die verder kijkt dan zijn neus lang is, ervaringen op andere terreinen heeft meegekregen en die van een stel individuen een team kan maken, is de kip met de gouden eieren. Als technisch managers/directeuren bij een club onder druk komen te staan, is dit veelal niet door gebrek aan hockeytechnische kennis. Vaak ontbeert de persoon in kwestie managementvaardigheden en heeft hij veel moeite om zijn boodschap over te brengen. Gelukkig onderkent de KNHB dit probleem en is nu ook bezig opleidingsmodules te ontwikkelen waarbij het accent ligt op bovengenoemde terreinen.

Als ik tot slot bij Amsterdam bij de selectiespeler van de afgelopen jaren ga navragen wie zij de beste coach vonden, dan staat Australiër Jim Irvine bovenaan. Telkens komt als reden daarvoor naar boven: hij had oprechte interesse in je, niet alleen als speler maar vooral als persoon. Dus een ‘managing coach’ is zo gek nog niet!

Lutger Brenninkmeijer was onder andere technisch manager en daarna commercieel manager van Hockeyclub Amsterdam. Vanuit zijn eigen adviesbedrijf ‘LiBeR’ kan hij worden ingehuurd voor advies, begeleidingstrajecten of projectontwikkeling bij sportverenigingen (vorm geven aan visie en strategie) en bij het bedrijfsleven (hoe laat je sponsoring het beste renderen).  Zo adviseert hij diverse sportclubs als MHC Alliance, MHCFletiomare, HC AthenA, BMHC Xenios, HV Omega, HV Celeritas, Benschopse Gymvereniging.

Deel dit bericht:

0 reacties

Nog geen reacties. Wees de eerste!

Voeg je reactie toe

Meer over:

Blijf op de hoogte

Wij sturen jou één keer per twee weken een e-mail met de 
belangrijkste opinies en artikelen van Sport Knowhow XL.