Go with Golazo
Sportknowhowxl
Home
Opinie
Hoera geld voor de sport en dan

Hoera, geld voor de sport! En dan?

7 november 2023

Opinie

door: Joscha de Vries

Op 22 november is het zo ver: de Tweede Kamerverkiezingen. Altijd een kans (nog) beter op de politieke agenda te komen. Kenniscentrum Sport & Bewegen heeft alle programma’s geanalyseerd: 21 van de 26 partijen die meedoen, hebben sport een plek gegeven in hun programma. Welke plek en welke inhoud is heel divers. De toegankelijkheid van sport voor iederéén, krijgt in veel programma’s aandacht. Natuurlijk weten we allemaal dat de mooie intenties in de partijprogramma’s en de breed gedeelde lobby nog niet betekenen dat sport daadwerkelijk een plek in het nieuw te sluiten regeringsakkoord krijgt. Toch wil ik voor deze column, voor het gemak, even aannemen dat het lukt: dat het nieuwe kabinet er daadwerkelijk voor kiest sport een prominente plek in verschillende beleidsdomeinen te geven. En dat de regering ons dan, als sportbestuurders, vraagt een plan te maken hoe dat geld te besteden; een plan om de sport breed toegankelijk te maken en als gewenst neveneffect hiervan de zorgkosten te verlagen.

In mijn ogen staan we dan voor een aantal enorme opgaven.

Ten eerste moeten we natuurlijk zorgen dat we vasthouden wat we hebben. Of beter gezegd: wíe we hebben. Er sporten op dit moment zo’n tien miljoen mensen. Dat is niet niks. Die bereiken we nu voor een groot deel via clubs en competities. We hoeven dus niet alles overhoop te halen. Sterker nog, als je alles overhoop haalt om niet-sporters in beweging te krijgen, dan moet je ook nagaan of je de huidige sporters gedurende de rit niet verliest. Gelukkig is een groot deel van deze tien miljoen te kwalificeren als ‘verknochte sporter’. Die raken we niet zomaar kwijt. Maar toch zal het aandacht vragen hen enthousiast en betrokken te houden. Als sporter, en in veel gevallen bovendien als o zo belangrijke vrijwilliger in de sport.

"Om deze mensen vast te houden voor de sport, moeten we meer doen dan ‘blijven doen wat we al deden'"

Maar daarmee zijn we er nog lang niet. We moeten namelijk ook mensen die twijfelen of ze zullen blijven sporten voor de sport zien te behouden. En dat vraagt in veel gevallen iets anders dan wat we nu doen; anders zouden ze niet twijfelen. En ten slotte moeten we aan de bak om die mensen die niet sporten en dit ook helemaal niet van plan zijn, tóch aan het sporten te krijgen.

Geen homogene groep
Als gezegd: de tweede uitdaging is dat iedereen die ooit gesport heeft of nu aan het sporten is, dit ook daadwerkelijk levenslang blijft doen. Het terugwinnen en/of behouden van de groep die gesport heeft of sport, maar hun kicks aan de wilgen hebben gehangen of overwegen dit te gaan doen. Dit is geen homogene groep. Er zijn net beginnende sporters bij, die twijfelen of ze het wel leuk vinden. Sporters bij wie de vele activiteiten in een week steeds meer gaan knellen. Sporters, die het om diverse redenen minder leuk vinden. Sporters die zich niet welkom voelen. Sporters die last hebben van prestatiedruk. Sporters die te maken hebben met discriminatie. Om deze mensen vast te houden voor de sport, moeten we meer doen dan ‘blijven doen wat we al deden’.

XL35SpbestInDePr-TKV-1We zullen moeten onderzoeken waarom mensen niet blijven sporten en wat we kunnen doen om hen vast te houden. We zullen in de spiegel moeten kijken. Ons aanbod aanpassen? Het klimaat op de club verbeteren? We moeten in gesprek gaan juist ook met die sporters, die er mínder plezier in hebben. Met leden die opzeggen en teamgenoten die steeds vaker afwezig zijn. Met leden die kritisch zijn op het spelletje, de regels, de omgangsvormen of het fanatisme.

Aanbod verrijken
De inzichten uit die gesprekken moeten we vertalen in ons aanbod. Op zoek naar aanbod dat we misschien nog niet ontwikkeld hebben. Het gaat dus niet om groei binnen het bestaande aanbod , maar om een growth mindset voor de organisatie van de sport. Het ontwikkelen, verrijken van je aanbod, omdat je steeds meer haakjes vindt voor verschillende groepen mensen met uiteenlopende behoeftes. De verrijking dient niet alleen in het sportaanbod zelf plaats te vinden, niet alleen op het veld, in de hal of op de baan, maar vooral ook naast het veld, in de bestuurskamer en in de vele commissies. In de bond, in de regels. In de spelvormen. En zoals we richting politiek betuigen: dat gaat niet vanzelf!

Ten derde moeten we een substantieel deel van die kleine acht miljoen inwoners die níet sporten ook nog zien te bereiken; hen winnen voor de sport. En waar het vasthouden van mensen die niet meer enthousiast genoeg zijn al een lastige opgave is, is dit echt een taaie klus. Want die mensen sporten niet voor niets niet. Ze hebben bijvoorbeeld nooit meegekregen dat het iets voor hen zou kunnen zijn, ze houden er niet van te transpireren, ze denken dat ze het niet kunnen, ze hebben iets onder de leden, ze kunnen het niet betalen, misschien hebben ze zelfs nog nooit overwogen te gaan sporten.

"Het vraagt dat we als sport inclusiever worden, dat we ons verplaatsen in de niet-sporter"

Kortom: het is een sport op zich om deze mensen in beeld te krijgen en te bereiken. Ze zijn ver van de sport verwijderd en blijven daarmee buiten beeld. En uitleggen wat sport is en dat dit leuk en belangrijk is, overtuigt ze nu niet en zal ze in de toekomst ook niet overtuigen. Het vraagt dat we als sport inclusiever worden, dat we ons verplaatsen in de niet-sporter. We zullen niet alleen ons aanbod, maar ook onze taal en onze toegang hier op aan moeten passen. Volgens mij vraagt het dat we de grenzen van de sport zoals we die nu kennen, open gooien en verruimen. De sport letterlijk inclusiever maken, zodat de mensen die nu nog buiten de grenzen van de sport staan binnenkomen. Want als ze eenmaal ‘ín de sport staan’, zijn er vele routes te bedenken die kunnen helpen om elk van hen tot een volgende stap te verleiden. Waardoor steeds meer mensen een structureel gezonde(re) leefstijl gaan omarmen.

Verhaal om in beweging te komen
XL35SpbestInDePr-TKV-2Ik ga deze uitdaging graag aan. En ik denk vele sportbestuurders met mij. Dat vraagt dat we als sporters onze grenzen oprekken. Onze fixatie van wat sport behoort te zijn loslaten. We moeten af van de gedachte dat sport goed is zoals het is en dat er vooral meer van moet komen. En niet omdat dit niet waar zou zijn. Immers, tien miljoen mensen kiezen ervoor en vinden dat dit wél waar is. Maar omdat het niet om die tien miljoen gaat. Het gaat nu even om die andere acht miljoen mensen. En zij hebben blijkbaar een verhaal nodig om in beweging te komen.

Ik wil alle sportbestuurders uitdagen juist ook die andere taal, dat andere verhaal, dat nieuwe mensen kan trekken, belangrijk onderdeel te maken van de lobby in politiek Den Haag. Niet alleen benadrukken wat sport al is en wat er uit voortkomt. Durf gedifferentieerd te kijken en weet wat alle verschillende groepen nodig hebben. Praat over bewegen, praat over plezier. Praat over spelvormen. Koester verhalen, ook al is de prestatie uit gebleven. Blijf niet bij ‘sporten is gezond, sport is verbindend en sport maakt ons gelukkig.’ Dat ontkent niemand, maar trekt de niet-sporters niet over de streep. Ontdek waar mensen op aanhaken die nog niet sporten. We zullen een ander geluid nodig hebben om meer te krijgen dan we nu hebben!

Joscha de Vries is directeur-bestuurder bij SportUtrecht. Eerder was zij werkzaam als organisatieadviseur en verandermanager vanuit haar eigen bureaus Hiemstra & De Vries en later Assist4Sport. Vanuit die bureaus werkte zij aan opgaven in de publieke sector in het algemeen en vanuit Assist4Sport in de sport in het bijzonder. In nevenfuncties was en is zij al langer actief als bestuurder in de sport.

Deel dit bericht:

0 reacties

Nog geen reacties. Wees de eerste!

Voeg je reactie toe

Meer over:

Blijf op de hoogte

Wij sturen jou één keer per twee weken een e-mail met de 
belangrijkste opinies en artikelen van Sport Knowhow XL.