Go with Golazo
Sportknowhowxl
Home
Opinie
De vraag van werner helsen aan frank backx

De vraag van Werner Helsen aan Frank Backx

12 mei 2009

Opinie

De vraag van… Werner Helsen, buitengewoon hoogleraar trainings- en bewegingsleer aan de KU Leuven, en FIFA en UEFA training expert en instructeur
Aan… Frank Backx, sportarts en hoogleraar klinische sportgeneeskunde in het UMC Utrecht

De vraag
Vanaf welke leeftijd zou er in voetbal aan blessurepreventie-training moeten gedaan worden en hoe zou dit best moeten aangepakt worden?

Het antwoord
Preventie van blessures dien je met de paplepel ingegeven te krijgen. Jeugdige voetballertjes zouden met andere woorden idealiter van jongs af aan van goed opgeleide jeugdtrainers de beginselen van blessurepreventie bijgebracht moeten krijgen. Onder training versta ik overigens niet alleen fysieke of motorische training. De betreffende oefeningen moeten ook doorspekt worden met theoretische onderbouwing over het waarom en hoe, en ook regelmatig herhaald worden om het te laten beklijven. Het zou optimaal zijn als de lessen lichamelijke opvoeding en gezondheidsvoorlichting op scholen en ook de sportieve opvoeding door ouders hier naadloos op aan zouden sluiten. Ik pleit voor ’education permanente’ via een multi-approach.

Hoewel de effectiviteit van talrijke preventieve maatregelen (nog) niet bewezen is - vooral omdat het methodologisch moeilijk uitvoerbaar is dan wel financieel niet haalbaar is gebleken - zijn er duidelijke indicaties dat warming-up (inclusief rekoefeningen), gedoseerde trainingsopbouw, adequaat schoeisel, gebruik van beschermende maatregelen, fair play en balanstraining de kans op endogeen bepaalde risico’s kunnen beperken. Deze mogelijkheden kunnen echter volledig teniet gedaan worden door externe inwerking van krachten zoals bij teamsporten de ongeoorloofde acties van tegenstanders. Een onderschatte persoonsgebonden risicofactor bij de jeugd is een gebrek aan coördinatieve vaardigheden. Verbetering van de spierbeheersing van jonge voetballers kan gerealiseerd worden door gedoseerde spierkracht-, coördinatie- en stabilisatietraining. Hierbij zijn herhalingen (frequentie) en duur belangrijker dan intensiteit (zwaarte). Door dit al op pupillenleeftijd in de verplichte en plenaire warming-up in te bouwen wordt het met de paplepel ingegoten.

Wetende dat jeugdtrainers grote invloed uitoefenen op jeugdvoetballertjes zou geïnvesteerd moeten worden in optimale scholing van de betreffende trainers. Hierbij moet ingespeeld worden op een gedragsverandering van deze trainers; anders gezegd: niet alleen maar resultaatgericht en korte termijn denken, maar voetballertjes rustig en speels laten rijpen waarbij veel blessurepreventieve informatie kan worden verpakt in gerichte bal- en vaardigheidsoefeningen.

Volgende keer de vraag van Frank Backx aan Jan Sjouke van de Bos (bondscoach KNKV):
Bij topclubs in het korfbal wordt tegenwoordig de trainingsfrequentie opgevoerd naar zelfs vijf tot zes keer per week. Terwijl korfbal een blessuregevoelige sport is en de sportcarrière van topspelers/internationals steeds korter wordt. Wat doet het korfbalverbond tegen deze twee ontwikkelingen?

Deel dit bericht:

0 reacties

Nog geen reacties. Wees de eerste!

Voeg je reactie toe

Meer over:

Blijf op de hoogte

Wij sturen jou één keer per twee weken een e-mail met de 
belangrijkste opinies en artikelen van Sport Knowhow XL.