9 oktober 2012
Opinie
De vraag
Beste René,
Mensen die werkzaam zijn in de voetballerij zijn vaak van mening dat de bedrijfstak betaald voetbal niet te vergelijken is met het normale bedrijfsleven. Er is geen enkel bedrijf dat jaarlijks kan degraderen of promoveren, dat zo gevolgd wordt door de media of dat zo geleefd wordt door de uitslagen van het weekend en/of de stand op de ranglijst. Nog los van de klanten (lees: supporters) die vaak ook een niet onbelangrijke stempel op de bedrijfsvoering kunnen drukken. Zijn de bedrijfstakken in de sport naar jouw mening inderdaad anders dan het normale bedrijfsleven? Of zou iedere branche in Nederland denken dat hij anders is dan de andere?
Het antwoordLeuke vraag…..ik ben benieuwd waar die vraag van Serge vandaan komt en wat hij er zelf van vindt. Ik kom niet vanuit de sport. Althans in mijn werkend leven heb ik voordat ik in de sportsector kwam in veel sectoren gewerkt. Bij de vakbeweging zelf, maar via de vakbeweging ook in veel andere bedrijfstakken. Van de Rijksoverheid en gemeentelijke overheden naar de Sociale werkvoorziening en welzijn naar de kinderopvang. En daarna vooral veel jaren in de zorgsector. Ik heb als onderhandelaar en als HRM hoofd gewerkt. En iedere bedrijfstak waar ik kwam werd mij uitgelegd dat dit wel een heel speciale bedrijfstak was.
En eerlijk gezegd, ik vind dat onzin. Ik kom in mijn dagelijkse werk bij de werkgeversvereniging in de sport (WOS) gewoon mensen, managers en medewerkers tegen die allemaal gewoon mensen zijn als u en ik. Die gedragingen en reacties hebben zoals u en ik. In de arbeidsverhouding, waar de kern van mijn werk ligt is er niet zo’n groot verschil in bedrijfstak. De manier van onderhandelingen in de CAO Sport is niet zo anders. De processen zijn hier vergelijkbaar met andere sectoren. Ik mag ook nog met enige regelmaat lessen bij een Sportmanagementopleiding verzorgen. Daar zie ik studenten die zich net als andere jongeren opstellen en gedragen. Ze houden van sport, maar zijn geen andere mensen.
Zijn er dan geen verschillen per bedrijfstak? Toch wel. Iedere bedrijfstak heeft zijn eigen kenmerken en een eigen cultuur. Voor de bedrijfsvoering maakt het natuurlijk uit hoe de organisatiestructuur is. De verenigingsstructuur vraagt andere vaardigheden van de leiding dan een meer bedrijfsgerichte structuur. De passie, emotie vanuit de sport speelt een rol in het handelen. De sporter heeft specifieke eigenschappen, en dat geldt nog sterker voor de topsport.
Sporten is presteren. Sporten is plezier. Sport is mensenwerk. Is de binding anders dan bijvoorbeeld de verpleegkundige en de patiënt? De binding van een conducteur met de trein en zijn NS bedrijf? Is de klant zoveel anders? De sporter wil fijn sporten, de reiziger wil prettig reizen, de patiënt wil goede zorg. Gaat het dan niet in alle gevallen om presteren op het hoogste niveau? Ik geloof niet dat sport een andere bedrijfstak is dan andere sectoren en zeker niet als het om arbeidsverhoudingen gaat. Ik geloof wel dat inhoudelijke verschillen in een branche om een bedrijfseigen regeling vragen. De zorg is een 24 uurs bedrijf. Sport en werken in het weekeinde is een logische combinatie. Sport en evenementen zijn onlosmakelijk verbonden. Daar passen eigen arbeidsverhoudingen bij.
Laat de (student)sportmanager dus vooral kennismaken met de eigenschappen van de sport, maar ook gewoon als bekwaam manager opgeleid worden. En natuurlijk moeten we bedrijfseigen (sport)kennis meegeven.
Laat de werkgever en werknemer in de sport zich bewust zijn dat ze in de sport werken, maar daarnaast een gewone arbeidsverhouding hebben. En laten we zorgen voor een eigen invulling aan hun cao. Daarom hebben we ook een CAO Sport agenda tot 2016 gemaakt met eigen accenten vanuit de sport, maar ook de sport praat over salaris, pensioen, arbeidsomstandigheden etc.
In iedere bedrijfstak werken gewoon mensen, met menselijke processen, net menselijke verhoudingen en ‘menselijke klanten’ met menselijke eigenschappen. Oplossingen op mensenmaat zijn bepalend en niet de bedrijfstak waarin je werkt!
Volgende keer de vraag van René van den Burg aan Jaap Wals, directeur van de Koninklijke Nederlandse Gymnastiek Unie (KNGU):Deel dit bericht:
0 reacties
Nog geen reacties. Wees de eerste!
Voeg je reactie toe
Wij sturen jou één keer per week een e-mail met de belangrijkste opinies en artikelen van Sport Knowhow XL.