Go with Golazo
Sportknowhowxl
Home
Opinie
De vraag van marije elferink gemser aan jo lucassen

De vraag van Marije Elferink-Gemser aan Jo Lucassen

17 december 2013

Opinie

De vraag van… Marije Elferink-Gemser, lector Sporttalent én Programmamanager Center of Expertise Sport- en Beweegtalent, beide aan de HAN
Aan… Jo Lucassen. senior onderzoeker bij het Mulier Instituut

De vraag
Tijdens de Dag van het Sportonderzoek is jou de Boymansprijs 2013 uitgereikt voor je dissertatie ‘Excellente trainer/coaches voor excellente sport’. Zie je een verband tussen de inzichten die je onderzoek heeft opgeleverd en recente onderzoeksbevindingen over de positieve resultaten omtrent de stimulering van zelfregulatie van sporters ten aanzien van de ontwikkeling van hun sportprestaties?

Het antwoord
Beste Marije,

Ik heb over je vraag toch wel even moeten nadenken. Er is op basis van mijn proefschrift geen direct voor de hand liggend antwoord op te geven. Iets minder rechtstreeks is er wel een verband te leggen met stimulering van zelfregulatie. Ik kom daar zo op terug.

Eerst wil ik graag iets naders zeggen over het proefschrift. Dat gaat over excellente trainer/coaches, maar juist niet - zoals wel gedacht kan worden - over topsportcoaches. Een kernpunt van mijn analyse is immers dat excellente sport anno 2014 veel meer is dan topsport. Met sport kan op veel fronten resultaat worden geboekt op het vlak van gezondheid, van sociale participatie en omgang, leefbaarheid en meer. Dit vereist wel steeds specifieke know how en bekwaamheden van de trainer/coach of sportleider. In de actuele kwalificatiestructuur voor sportleiders vindt dit onder meer zijn weerslag in twee basisprofielen, dat van trainer-coach en die van instructeur. Waarmee Nederland aansluit bij het elders in Europa al langer gemaakte onderscheid tussen performance-oriented coaches en participation-oriented coaches.

Als je sportprestaties dus ruimer ziet en daarmee ook andere resultaten op het oog hebt dan puur sportieve kan ik de verbinding iets gemakkelijker leggen. Het proefschrift beschrijft de ontwikkeling en invoering van (zelf-)assessment methoden voor trainer-coaches. Het assessment is op zijn beurt weer gebaseerd op de principes van servicekwaliteit en op het bekwaamheidsprofiel voor trainer/coaches. Het stimuleren van de sportieve ontwikkeling van sporters is daarin als een kerncompetentie vastgelegd.

Dat stimuleren moet vraaggericht gebeuren, inhakend op de sportervaring, ambities en andere individuele eigenschappen van de sporters. Niet voor niets wordt de laatste jaren veel aandacht gevraagd voor het afstemmen van de coachingsaanpak op de persoonlijke eigenschappen van sporters (bijvoorbeeld gebruikmaken van Action Type). Hoewel het stimuleren van zelfregulatie niet als zodanig wordt benoemd, hebben veel van de criteria die in het assessment worden getoetst hiermee wel degelijk een relatie. Ik denk bijvoorbeeld aan het inventariseren van verwachtingen en ervaringen van de sporter, formuleren van leerdoelen in samenspraak met de sporter, openstaan voor inbreng van sporters en inzicht geven in en bespreken van vorderingen. Trainer/coaches blijken aan deze vraaggerichtheid echter in doorsnee minder belang te hechten dan de sporters zelf. De vaktechnische bekwaamheden (lesvoorbereiding en les geven) worden door hen belangrijker gevonden.

Tussen het leren van sporters en dat van trainer/coaches zijn wel enkele duidelijke parallellen te zien. Onderdeel van mijn proefschrift vormt een verkenning van de leeractiviteiten die trainer/coaches doen om zichzelf te ontwikkelen. Een assessment is immers het meest van waarde als het bij de alledaagse leerpraktijk van trainer-coaches aansluit. Hoe uitgebreider trainer/coaches actief zijn met verschillende leervormen, des te meer geven zij aan vooruit te gaan. En daarbij leren ze vooral door zelf te doen, maar ook door ondersteuning van andere trainers en het volgen van scholingen.

Het oorspronkelijke zelf-assessment is mede daarom omgebouwd naar een 360 graden-feedbackmethode die binnen sportopleidingen en kaderondersteuning kan worden ingezet. Het assessment is erop gericht een zelfgekozen leerproces van de trainer/coach te ondersteunen. Onderzoek over het leren van mensen toont immers aan dat dit het vlotst en meest succesvol verloopt als mensen uit zichzelf de drive hebben om zich iets eigen te maken of iets aan hun gedrag te veranderen. Competent worden of zijn wordt dan niet beschouwd als het strikt kunnen voldoen aan de functie-eisen van het trainersberoep of -vak, maar als het ontwikkelen van de eigen talenten als trainer/coach. Een assessment kan die ‘sterke kanten’ in de aanpak van trainer/coaches in beeld brengen en hen stimuleren in het ontwikkelen daarvan. Op basis van die eigen kracht blijken coaches met uiteenlopende stijlen (Van Gaal, Hiddink, Guardiola) succesvol te kunnen zijn.

Net zoals voor het leren van trainers is voor dat van sporters het krijgen van gerichte feedback over hun acties en het creëren van een positief leerklimaat (positief coachen) van groot belang. Wanneer bij sportorganisaties volgens deze principes wordt gewerkt kan dat leiden tot talentbevordering over de volle breedte. Als ook het bewegingsonderwijs hierop weet in te haken kan die winst nog flink worden vergroot.

Volgende keer de vraag van Jo Lucassen aan Paul Dirkse, initiatiefnemer van het crowdfundingsproject 'Wij zijn sport':
In de zomer van 2013 ben je gestart met 'Wij zijn sport'. Hoe heeft dit crowdfundingsproject zich inmiddels ontwikkeld? Heeft 'crowdfunding' de toekomst denk je?

Deel dit bericht:

0 reacties

Nog geen reacties. Wees de eerste!

Voeg je reactie toe

Meer over:

Blijf op de hoogte

Wij sturen jou één keer per week een e-mail met de 
belangrijkste opinies en artikelen van Sport Knowhow XL.