Go with Golazo
Sportknowhowxl
Home
Opinie
De vraag van joëlle staps aan theo fledderus

De vraag van Joëlle Staps aan Theo Fledderus

17 april 2012

Opinie

De vraag van… Joëlle Staps, directeur van de NeVoBo
Aan… Theo Fledderus, directeur van Judo Bond Nederland

De vraag
Hoe is het om na gestopt te zijn bij NOC*NSF nu als directeur voor een bond te werken?

Het antwoord
Die vraag stel ik mezelf ook regelmatig Joëlle, omdat ik me er van bewust ben dat de mensen die ik tegenkom niet blanco, maar met verwachtingen naar me kijken. Maar dat niet alleen. Het is ook omdat ik er meer dan ooit van geniet om in een sportomgeving mensen in beweging te krijgen.

Juist omdat ik vanuit NOC*NSF afkomstig ben, heb ik - voor ik in januari begon -  gesproken met een aantal toekomstige collega-directeuren. Het waren leuke, openhartige gesprekken. In al die gesprekken viel me de drive op, bij ieder op zijn eigen manier, om betekenis te hebben en samen met anderen iets tot stand te brengen.

Ik ben naar de judobond gegaan met de drive om judo beter op de kaart te zetten: een sport met zo’n historie in topsport, met zo’n trackrecord in het organiseren van internationale evenementen en vooral ook met zo’n aansprekende aanpak voor kinderen, zou toch meer uitstraling en een steviger fundament moeten hebben. Omdat ik een aantal sleutelfiguren goed ken en ik wel houd van de ‘voeten op de grond’-mentaliteit was er al snel een klik.

De achtergrond, kennis en de contacten die ik heb, brengen natuurlijk een verwachtingspatroon met zich mee. Maar ook ik kan natuurlijk geen sponsoren uit de kast trekken of zomaar overal nieuwe fondsen aanboren. Daarom probeer ik zoveel mogelijk de energie bij de mensen zelf los te maken, hen door vragen te stellen te spiegelen en zo samen iets tot stand te brengen. En dat is hartstikke leuk.

Maar er ligt ook een stevige klus. Met plezier zie ik hoe de Sportagenda - aan de basis waarvan ik stond - nog steeds enorm stuwend en sturend is in het ontwikkelen van de sport. Maar ik zie ook hoe afhankelijk bonden kunnen zijn van die externe geldstromen en hoe lastig het is om als sportbond in het grotere geheel je eigen koers en behoeften te realiseren.

Bij de judobond is een stevige verenigingscultuur dominant, maar de sportschoolhouders (er zijn net zoveel sportscholen als verenigingen) zijn ondernemers, die een boterham moeten verdienen. Zij kijken naar wat hun klanten willen en proberen steeds hun wensen een stapje voor te zijn. Dan komt het hen niet altijd uit om hun klanten lid te maken van de judobond. Twee culturen dus binnen één bond. Als je niet oppast gaat dat steeds meer wringen. Maar het zou elkaar ook kunnen versterken. Daarom probeer ik iedere week een sportschoolhouder te bezoeken. Niet alleen om hen te laten merken dat de judobond zich in hen interesseert, maar ook om hun gedachten en ideeën te horen en uit te dragen en dwarsverbanden te leggen. Met nieuwe lidmaatschapsvormen en andere manieren van het betrekken van mensen bij de sport moeten we proberen de basis te versterken en daarmee de kracht van het judo nog meer podium te geven.

De vraag die me bezighoudt is: hoe zorg je bij een individuele sport voor meer langdurige betrokkenheid van je sporters; zijn er varianten in lidmaatschapsvormen of andere concepten die beter passen dan het traditionele lidmaatschap van de sportvereniging en de sportbond? Kortom: “Hoe bindt je mensen aan de bond?” Die vraag leg ik graag voor aan Paul Sanders, directeur van de KNSB.

Volgende keer de vraag van Theo Fledderus aan Paul Sanders, directeur van de KNSB:
Hoe zorg je bij een individuele sport voor meer langdurige betrokkenheid van je sporters; zijn er varianten in lidmaatschapsvormen of andere concepten die beter passen dan het traditionele lidmaatschap van de sportvereniging en de sportbond??

Deel dit bericht:

0 reacties

Nog geen reacties. Wees de eerste!

Voeg je reactie toe

Meer over:

Blijf op de hoogte

Wij sturen jou één keer per week een e-mail met de 
belangrijkste opinies en artikelen van Sport Knowhow XL.