Go with Golazo
Sportknowhowxl
Home
Opinie
De vraag van frans thuijs aan frank huizinga

De vraag van Frans Thuijs aan Frank Huizinga

17 maart 2009

Opinie

De vraag van… Frans Thuijs, trainer van Ellen van Langen in 1992 (Olympisch goud op 800 m)
Aan… Frank Huizinga, woordvoerder van de KNVB

De vraag
Er is mijns inziens een belangrijk onderscheid tussen een profsporter en een topsporter. Een profsporter is iemand die door zijn sport voorziet in zijn levensonderhoud. Een topsporter is iemand die voor de volle honderd procent iedere minuut van een dag, zeven dagen per week, investeert in het bereiken van het maximaal haalbare. De laatste tijd staan de kranten vol met vraagstukken over de blessuregolf in het profvoetbal en het groeien van de kloof tussen de topclubs in Europa en de Nederlandse clubs. Het topvoetbal in Nederland is een profsport. Wordt er in het Nederlandse voetbal wel voldoende geïnvesteerd om van het voetbal een topsport te maken?

Het antwoord
'Voetbal is geen topsport. Dat stelt Frans Thuys althans in zijn vraag. Een topsporter is volgens hem iemand die voor de volle honderd procent iedere minuut van een dag, zeven dagen per week, investeert in het bereiken van het maximaal haalbare. Het profvoetbal doet dat in zijn ogen dus blijkbaar niet. Maar Thuys heeft het in zijn vraag vervolgens wel over topvoetbal.
 
Vanuit welk uitgangspunt moet de KNVB deze vraag beantwoorden? Vanuit medisch perspectief of vanuit de voetbaltechnische kant? Een ding is helder en dat wordt door zowel de voetbaltechnici als de medici ondersteund: een teamsport kun je moeilijk vergelijken met een individuele sport. Appels met peren. Bovendien is voetbal een contactsport, waardoor de kans op blessures alleen daarom al groter is dan bij een individuele sport. De wetten van het betaalde voetbal zijn sowieso anders dan bij een sport als atletiek, en het is bovendien maar de vraag in hoeverre trainingsuren daarbij de norm zijn.
 
Ik kan die vergelijking tussen atletiek en betaald voetbal niet maken, omdat ik onvoldoende weet van de atletiekwereld. Wat ik wel weet, is dat om op hoog niveau betaald voetbal te kunnen bedrijven er door de nationale bonden en individuele clubs veel tijd en geld gestoken wordt in begeleiding. En dan gaat het verder dan het aanstellen van een goede trainer en een verzorger langs de lijn. Het betaalde voetbal anno 2009 is ondenkbaar zonder artsen, fysiotherapeuten, inspanningsfysiologen, hersteltrainers, voedingsdeskundigen en professionele mentale begeleiders. Bovendien stellen wij hoge eisen aan onze trainers en aan onze trainersopleidingen. Strenge licentie-eisen dwingen clubs aan bepaalde minimale eisen te voldoen.
 
Laat ik een ander voorbeeld geven. Met het Sportmedisch Centrum van de KNVB (SMC) beschikken wij over een eigen gerenommeerde sportmedische instelling waar veel profs en amateursporters voor advies komen of revalideren. Door de samenwerking tussen het SMC en het UMC Utrecht, in het Universitair Centrum Sportgeneeskunde (UCS), is er sinds 1 januari 2007 zelfs een sportarts benoemd tot de eerste hoogleraar Sportgeneeskunde. Er wordt veel onderzoek gedaan naar sportgerelateerde blessures en andere sportgerelateerde medische zaken, zoals de cardiovasculaire screening. Het UCS loopt voorop als het gaat om topmedische zorg en begeleiding, mede dankzij de constante aandacht die wordt gegeven aan wetenschappelijk onderzoek. In de komende jaren verricht het UCS wetenschappelijk onderzoek naar de effecten van een programma voor blessurepreventie binnen het amateurvoetbal. Het UCS zal voor dit onderzoek samenwerken met de KNVB Academie en TNO. Het SMC heeft bij de wereldvoetbalbond FIFA de voorwaarden opgevraagd om in aanmerking te komen voor accreditatie als FIFA Medical Centre of Excellence. Thans zijn er wereldwijd zes centra geaccrediteerd door de FIFA. Het SMC heeft de ambitie tot de mondiale top tien te behoren.
 
Vanaf dit seizoen werken het SMC van de KNVB en de afdeling Revalidatie- & Sportgeneeskunde van het UMC Utrecht ook samen in het Topsport Medisch Centrum Midden (TMC). Het TMC heeft als missie de optimale verzorging (topzorg) van het aanbod aan sportmedische begeleiding, zorg en advies – in de ruimste zin van het woord – aan topsporters in Nederland en buiten Nederland.
 
Het zijn maar een paar voorbeelden binnen het betaalde voetbal en de KNVB alvorens ik ter afsluiting toch nog even wil terugkomen op de stelling over profsport of topsport. Sporters als Ellen van Langen en Sven Kramer hebben hun medailles logischerwijs toch ook verzilverd waarmee zij in hun levensonderhoud kunnen voorzien? Zijn zij dan profsporters omdat zij veel geld hebben verdiend? Ik denk dat het Nederlandse publiek hen toch écht de definitie topsporter zal geven.' 
 
Volgende keer de vraag van Frank Huizinga aan Maarten van Bottenburg, bijzonder hoogleraar sportontwikkeling:
Wat is een goede definitie van topsport/topsporter; welke criteria kunnen daarbij gehanteerd worden?

Deel dit bericht:

0 reacties

Nog geen reacties. Wees de eerste!

Voeg je reactie toe

Meer over:

Blijf op de hoogte

Wij sturen jou één keer per twee weken een e-mail met de 
belangrijkste opinies en artikelen van Sport Knowhow XL.