9 januari 2024
Opinie
door: Koen Breedveld
Nederlands is als sportland groot geworden door zijn verenigingen. Meer dan 20.000 sportverenigingen maken dat miljoenen Nederlanders gaan en blijven sporten, en elkaar op het veld of in de zaal ontmoeten en leren kennen. De honderdduizenden betrokken vrijwilligers hebben een imposante sportinfrastructuur opgebouwd, waarvan de historie in voorkomende gevallen meer dan honderd jaar terug gaat. Internationaal behoort Nederland daarmee tot de absolute wereldtop.
Maar blijft Nederland ook wereldtop? Sportverenigingen hebben het moeilijker dan ooit. Nu is het niet voor het eerst dat er twijfels worden geuit over de toekomst van de sportvereniging – het CBS sprak in 1965 al over ‘ verenigingsmoeheid'1 – maar dit keer lijkt het menens. Het sentiment rondom sportverenigingen lijkt te kantelen. Bewierookt ooit als toonbeeld van burgerinitiatief en gemeenschapszin, ontstaat er steeds meer een beeld van sportverenigingen als armetierige clubjes die moeite hebben om te voldoen aan de eisen van deze tijd. Zelfs sportkoepel NOC*NSF laat niet na om van de daken te schreeuwen dat er vooral meer beroepskrachten/professionals in de sport nodig zijn om onze verenigingen overeind te houden.
Feit is dat sportverenigingen onder druk staan. Volgens het Mulier Instituut is er sprake van een toename van het aandeel verenigingen dat zich zorgen maakt over de toekomst, met name over de ontwikkelingen in aantal leden en vrijwilligers2. Natuurlijk is er de dreun die Covid uitdeelde, die maakte dat leden en vrijwilligers de club de rug toekeerden. Los daarvan is demografisch relevant dat nieuwe generaties sportende kinderen niet opgroeien met vaders en moeders die hun kroost van jongs af aan meeslepen naar de club, zoals daarvoor hun vaders met hen deden. De vaders en moeders van nu gaan liever naar de fitness, joggen eenzaam door het bos, of zijn druk met heel veel zaken maar niet met sport. Cultuur en politiek helpen evenmin mee. Meer dan ooit leven we in een tijd van ieder voor zich. Grootmoedig geworden door de aanhoudende welvaart denken we onszelf te kunnen redden, en schudden de ballast van vakbonden en verenigingen van ons af. We kopen in wat we nodig hebben en rekenen simpelweg af aan de balie, zonder gedoe. Het daarvoor benodigde aanbod wordt panklaar voor ons neergelegd door de commercie. En alsof dat nog niet genoeg is, schiet de maatschappij in een regelreflex. De overheid stort maatregel na maatregel uit over de sector, in een wanhopige poging het sociale verkeer in goede banen te leiden nu burgers elkaar niet meer kennen en onderling vertrouwen verder weg is dan ooit.
Als deze trend doorzet, duurt het niet lang of het fenomeen sportvereniging is daadwerkelijk ten grave gedragen. Behoudens via een paar overlevende superclubs, de sportdinosaurussen van de toekomst, krijgt sport dan vooral vorm via staat of markt. Sport wordt georganiseerd door betaalde krachten. Daarmee wordt sport voor grote groepen onbetaalbaar. Een circus van subsidies en belastingmaatregelen zal moeten worden opgetuigd om financieel minder bedeelden in staat te stellen te blijven participeren. Succesvol zal dat nooit worden, leert het verleden, en dus stort de sportdeelname in. De verbindende en overbruggende kracht van sport verschrompelt, omdat er alleen wordt gesport of met kleine groepjes gelijkgestemde intimi. De kans voor burgers om via vrijwilligerswerk maatschappelijk relevante vaardigheden en ervaring op te doen, verdampt. Betrokkenheid bij de vormgeving van onze maatschappij blijft beperkt tot het trekken van de portemonnee – als de financiële ruimte dat toelaat tenminste.
Mijn hoop is dat we dat niet laten gebeuren. Daarvoor betekent de sportvereniging teveel. Voor de sport, voor onze gezamenlijke gezondheid en voor ons samen leven. Vrijwel iedere volwassene die nu sport bij een commercieel fitnesscentrum, is ooit met sport in aanraking gekomen via een sportvereniging. Nog steeds nemen miljoenen mensen deel aan de competities en wedstrijden die sportverenigingen en hun vrijwilligers met zichtbaar plezier organiseren. En zijn er talloze anderen die wellicht minder talentvol of eerzuchtig zijn, maar die in de kantine en op en rond de velden maatjes ontmoeten om lief en leed mee te delen.
Maar wat moet er gebeuren, als verenigingen het klaarblijkelijk lastig hebben? We zullen op zoek moeten gaan naar nieuwe wegen om mensen te stimuleren om zich te blijven verenigen en daar een rol in te nemen. Niet omdat dat goed staat op je cv, maar simpelweg omdat het erbij hoort, leuk is om te doen, en op langere termijn meer bevredigend is dan eenzaam of in je eigen bubble het vermaak uit de entertainmentindustrie te consumeren. Overheden kunnen nadenken hoe ze het zich verenigen faciliteren en niet frustreren. Met vertrouwen in plaats van regelgeving, en passende ondersteuning voor beginnende vrijwilligers. Bedrijven kunnen inzien dat zij baat hebben bij werknemers die zich in hun eigen tijd en voor eigen rekening vaardigheden eigen hebben gemaakt die renderen op de werkvloer. Het onderwijs kan ervaren hoe scholieren bij verenigingen lessen leren die meer binnenkomen dan welk docentenpraatje ook.
Laten we niet in nostalgie blijven hangen. De maatschappij verandert, verenigingen moeten mee veranderen. We moeten het verenigen rondom sport opnieuw uitvinden. Het zal anders gaan dan honderd jaar geleden. Met andere verhoudingen tussen overheid, bedrijfsleven, onderwijs en burgers die barsten van ideeën. Met soepeler overgangen, in plaats van met dichte muren en harde schotten. Ook tussen beroepskrachten en vrijwilligers. Maar wat al zo lang een functie vervult in het gezond en bijeenhouden van een maatschappij, had en heeft een betekenis. Het is nu zaak om die betekenis vast te houden, en opnieuw vorm te geven. Leve het verenigen rondom sport!
Koen Breedveld is sinds begin 2023 lector Impact of Sport aan De Haagse Hogeschool. Eerder was hij vanaf september 2017 directeur van Reddingsbrigade Nederland. Daarvoor was hij tien jaar directeur van het Mulier Instituut.
Deel dit bericht:
0 reacties
Nog geen reacties. Wees de eerste!
Voeg je reactie toe
Wij sturen jou één keer per week een e-mail met de belangrijkste opinies en artikelen van Sport Knowhow XL.