Go with Golazo
Sportknowhowxl
Home
Opinie
De sportaccommodatie nader verkend over de belemmeringen die sporters met een beperking tegenkomen op het gebied van toegankelijkheid

De sportaccommodatie nader verkend: over de belemmeringen die sporters met een beperking tegenkomen op het gebied van toegankelijkheid

12 september 2017

Opinie

door: Joris van Impelen, Inge Claringbould & Caroline van Lindert

Hoewel mensen steeds meer ongeorganiseerd in de buitenlucht sporten, wordt er ook nog steeds veel gesport in verschillende sportaccommodaties. Dit geldt voor zowel mensen met als zonder beperking. Maar zijn sportaccommodaties voor deze beide groepen wel even toegankelijk? En wat ondervinden mensen met een beperking nou op hun weg naar en binnen de sportaccommodatie? 

Een onderzoek naar deze vragen laat zien dat de toegankelijkheid van sportaccommodaties voor mensen met een beperking de afgelopen jaren al sterk is verbeterd, maar dat de sporters op zowel fysiek als op sociaal vlak nog veel belemmeringen tegenkomen1. Voor dit onderzoek zijn vijftien mensen met verschillende fysieke beperkingen kwalitatief geïnterviewd over hun ervaringen met de toegankelijkheid van sportaccommodaties en de invloed daarvan op hun eigen sport- en beweeggedrag. 

Sporten mensen met een beperking minder?
Uit eerder onderzoek naar de sportdeelname van mensen met een beperking2 blijkt dat de sportparticipatie van mensen met een beperking achterblijft op die van de reguliere samenleving. De redenen die hiervoor aangedragen komen voort uit zowel persoonlijke- als omgevingsfactoren. De belangrijkste persoonlijke factoren die het sporten hinderen zijn:

  • Géén behoefte hebben aan sport in een mindere periode.
  • Bang om in een groep te sporten.
  • Te weinig energie hebben.
  • Om gezondheidsredenen niet in staat zijn om te sporten c.q. bewegen.

De meest genoemde omgevingsfactoren die belemmerend werken zijn:

  • Het vervoer naar de sportaccommodatie.
  • De kosten die het sporten met zich meebrengt.
  • Het ontbreken van de juiste aanpassingen om het sporten mogelijk te maken.
  • Een ontoegankelijke sportaccommodatie.

Deze omgevingsfactoren hinderen de sporters met een beperking voornamelijk op weg naar de accommodatie of bij het sporten en bewegen binnen de sportaccommodatie. Het is echter niet duidelijk welk belang wordt gehecht aan de verschillende belemmeringen die sporters met een beperking noemen.

"De overheid moet er zorg voor dragen dat gebouwen toegankelijk zijn voor mensen met een beperking"

Aandacht voor toegankelijk maken van sportaccommodaties
In de afgelopen jaren wordt er steeds meer aandacht geschonken aan het toegankelijker maken van accommodaties voor mensen met een beperking. Zo heeft de Tweede Kamer onlangs het ‘Verdrag inzake de rechten van personen met een handicap’ (Verenigde Naties, 2007) geratificeerd. Hierin staat beschreven dat de overheid er zorg voor moet dragen dat gebouwen toegankelijk zijn voor mensen met een beperking. Om bouwers en exploitanten in de sportsector te stimuleren, zijn er verschillende rapporten door Stichting Onbeperkt Sportief3 geschreven waarin richtlijnen staan voor het verbeteren van de toegankelijkheid van binnen- en buitensportaccommodaties.  


Op welke manier beoordelen mensen met een fysieke beperking de toegankelijkheid van sportaccommodaties?
Alle mensen met een beperking worden in hun leven geconfronteerd met toegankelijkheid, dus ook in de sportaccommodatie. In dit onderzoek is de focus van toegankelijkheid vooral gelegd op de bereikbaarheid van de sportlocatie en de bruikbaarheid van sport- en nevenruimtes. Belemmeringen die zij daarin tegenkomen zijn o.a. het ontbreken van drempels, schuifdeuren of aangepaste toiletruimtes. Respondenten benoemden echter ook knelpunten die te maken hebben met sociale en informatieve toegankelijkheid. 

'Als er iemand is die bij een sportaccommodatie je even de weg wijst, bereik je hier gelijktijdig mee dat je je welkom voelt. Als je de weg een paar keer hebt gelopen, dan weet je dit wel. Maar de eerste keer niet. Dit is wel een belangrijk ontbrekend aspect in de toegankelijkheid. Het is fijn voor slechtzienden en blinden om hier in het begin mee geholpen te worden.' (niet-sporter, met een visuele handicap)

In de interviews geven de sporters met een beperking aan dat zij het gevoel hebben meer moeite te moeten doen om te sporten of bewegen dan mensen zonder een beperking. Dit ondervinden zij niet alleen binnen de sportaccommodatie zelf, maar tevens op de weg er naar toe.

"Bij het bereiken van een accommodatie ervaren sporter met een beperking verschillende soorten belemmeringen die niet alleen praktisch, maar vaak ook sociaal van aard zijn"

Bereikbaarheid van de sportaccommodatie 
Het bereiken van de sportaccommodatie is niet voor iedere sporter met een beperking even gemakkelijk. Zij doorlopen vaak een lastige route door verschillende ruimtes (het eigen huis, het (openbaar) vervoer, tot aan het parkeerterrein van de sportaccommodatie) voordat ze bij de sportaccommodatie aankomen. Hierin ervaren zij verschillende soorten belemmeringen die niet alleen praktisch, maar vaak ook sociaal van aard zijn. 

'Bij het zwembad zijn er sinds kort invalide-parkeerplaatsen waar ik mijn auto kwijt kan. Vaak staan hier ouders om hun kinderen van zwemles op te halen. Ik laat dan mijn kaart zien. Ze gaan altijd weg, maar het is niet leuk. Ik vind het niet leuk om dit kaart te laten zien. Ik wil ook geen politieagent spelen, zo van ‘Héé, heb jij wel een kaart?’’. Maar het is niet vanzelfsprekend dat die plaats is voor mensen die niet of moeilijk kunnen lopen.' (sporter met een lichamelijke handicap)

Vooral het vervoer wordt vaak als lastig bestempeld. Mensen met een beperking moeten vaak langere afstanden naar de accommodatie afleggen, aangezien er voor hen minder mogelijkheden zijn om te sporten, vergeleken met de reguliere sport. Hierdoor zijn ook hun vervoerskosten hoger. Belemmeringen die het meest worden genoemd bij de fysieke toegankelijkheid van een sportaccommodatie, zijn het ontbreken van gidslijnen of invalide parkeerplaatsen. Een ander veelgenoemde fysieke belemmering is de entree van een sportaccommodatie. De ingang is vaak ontoegankelijk, omdat er trappen, drempels of te steile hellingbanen zijn. De doelgroep geeft aan dat automatische schuifdeuren een ideaal alternatief zijn.

Over de informatieve toegankelijkheid zijn sporters met een beperking meestal positief. Met name de informatievoorziening van revalidatiecentra over het sportaanbod en de sportaccommodaties vinden ze uitstekend. Tevens is er steeds meer informatie te vinden op het internet over de toegankelijk van een specifieke accommodatie.

"Het meest opvallende punt is de (on)bruikbaarheid van de kleedkamers (douches, wc’s)"

Bruikbaarheid van sport en nevenruimtes.
Ook eenmaal binnen de sportaccommodatie, worden de geïnterviewde sporters met een beperking regelmatig met fysieke belemmeringen geconfronteerd. Zo kunnen zij niet van alle faciliteiten in de sport- en nevenruimtes gebruik maken. Het meest opvallende punt is de (on)bruikbaarheid van de kleedkamers (douches, wc’s). Respondenten geven aan dat deze ruimtes vaak niet zijn aangepast of dat zij ze niet kunnen gebruiken, omdat ze als opslaghok worden gebruikt. 

'Wat ik vaak tegenkom is dat de invalidekleedkamers worden gebruikt als opslagruimte. Hierdoor is er weinig ruimte meer voor mensen om zich om te kleden. Het is een slechte zaak dat de materialen hier worden opgeslagen, want dit nodigt nieuwe mensen ook niet uit om vaker langs te komen. Hier zouden ze wat aan moeten doen.' (sporter met een chronische handicap en tevens een rolstoelgebruiker)

Bij het gebruik van de sportaccommodatie geven respondenten aan dat zij ook in sociaal opzicht drempels ervaren. Dit doet zich bijvoorbeeld voor bij het omkleden in de kleedkamer. Respondenten hebben daarbij het gevoel dat zij hun beperking soms letterlijk blootgeven. 

'Als ik dan in de kleedkamer zit met mijn kunstbeen voel ik mij niet fijn. Ik merk dat als ze langer bij het zwembad zijn en ze me kennen het prima is. Maar als ze er voor de eerste keer zijn dan word ik heel erg bekeken. Dat voelt niet lekker, je bent dan kwetsbaar.' (sporter met een lichamelijke handicap)

"Gemengd sporten brengt altijd de confrontatie met hun eigen beperking met zich mee. Bij het ‘onder elkaar’ sporten is dat in mindere mate het geval"

Verder vinden sporters met een beperking het doorgaans lastig om met andere sporters in contact te komen. Zij geven aan dat contacten in de kantine vaak beperkt blijven tot de ‘eigen groep’. Hoewel het contact met andere sporters zich wellicht makkelijker ontwikkelt wanneer zij ook samen zouden sporten, wordt het geïntegreerd sporten door de meeste sporters met een beperking niet geambieerd. Ze vinden het prettig ‘onder elkaar’ te sporten. Gemengd sporten brengt immers altijd de confrontatie met hun eigen beperking met zich mee. Bij het ‘onder elkaar’ sporten is dat in mindere mate het geval. 

'Nou, pfoe, ik ben laatst eens gaan kijken bij de fitness, maar ik kreeg een brok in mijn keel. Ik dacht joh wat blijf ik hier ver achter… ja dat is voor mij niet weggelegd. Dus ik ben heel blij dat de mogelijkheid er is om apart te sporten. Ik voel me namelijk altijd de mindere (vergeleken met valide sporters) en dat voelt niet zo gelijkwaardig. De mensen geven wel aan, zo van: voor mij is het geen probleem hoor. Maar voor mij voelt dat niet zo.' (sporter met een lichamelijke handicap)

Het is interessant om te zien dat de enkele topsporters met een fysieke beperking die voor dit onderzoek zijn geïnterviewd, allen juist wel liever geïntegreerd willen sporten. 

Wanneer sporters met een beperking hun onvrede uiten over de fysieke toegankelijkheid van de accommodatie of van nevenruimtes, krijgen zij vaak het gevoel dat anderen hen een ‘zeurpiet’ of ‘betweter’ vinden. De indruk die uit het onderzoek ontstaat is dat een deel van de sporters met een beperking de belemmeringen in toegankelijkheid daarom niet ter sprake brengt, dit kan ervoor zorgen dat zij op een goed moment besluiten om niet meer te gaan sporten. 

De knelpunten die sporters met een beperking ervaren bij de toegankelijkheid van sportaccommodaties betreffen dus niet alleen de sportaccommodatie zelf, maar ook de kleedkamer en de kantine. Zij ondervinden dit op zowel fysiek als sociaal vlak.

"De eigen woonomgeving blijkt voor enkele respondenten een fijne plek om te bewegen, waar zij bovendien meer gebruik van zouden willen maken"

De thuisomgeving als sportaccommodatie? 
Mensen willen steeds meer zelf bepalen hoe ze willen sporten. In de interviews kwam, naast het sporten in een sportaccommodatie, de thuissituatie als alternatieve locatie voor sport- en bewegen naar voren. De eigen woonomgeving blijkt voor enkele respondenten een fijne plek om te bewegen, waar zij bovendien meer gebruik van zouden willen maken. De thuissituatie kan vooral voor mensen met een beperking die op dit moment nog niet sporten, mogelijkheden bieden om hun bewegingspatroon uit te breiden, omdat daarbij een aantal van de bovengenoemde belemmeringen wegvalt.

'Toen ik in een rolstoel zat en bezig was met het proberen zelfstandig te lopen, deed ik dat liever thuis. Aangezien ik dan zelf kon plannen wanneer en hoe vaak en zeker ook wanneer ik er zelf zin in heb. Dus dan is het fijn als je in je eigen omgeving kan sporten en bewegen. Er zit dan ook geen druk van de buitenwereld op.' (niet-Sporter met een verlamming)

Deze vorm van bewegen voor mensen met een beperking verdient verdere aandacht. Immers, als men thuis of in de buurt sport, vormt afstand geen belemmering meer, de omgeving is vertrouwder en voelt dit wellicht ook in sociaal opzicht veiliger. Het sporten of bewegen kan hierdoor vaker en op elk gewenst moment worden gedaan. Uiteraard gaat het dan voornamelijk om sport- en beweegactiviteiten die individueel of in duo’s, en eventueel in samenspraak met een fysiotherapeut, kunnen worden gedaan. Hoewel professionele begeleiding wellicht moeilijker te realiseren is, is dit niet altijd een vereiste. Ook vormen van sport en bewegen die minder professionele begeleiding vereisen en/of zelf georganiseerd kunnen worden, kan in overweging worden genomen. Of de thuisomgeving ook mogelijkheden biedt om met anderen te sporten, moet nader worden verkend.

"Het is voor de sportparticipatie van mensen met een beperking van groot belang dat zij zich binnen een sportaccommodatie veilig, vertrouwd en geaccepteerd voelen"

Conclusie
In de beleving van de sporters met een fysieke beperking schiet de toegankelijkheid op zowel fysiek als sociaal vlak te kort op gebieden als: de weg naar de accommodatie, de ontvangst bij de accommodatie, de kleedkamer, de sportruimte en de kantine. Het is overbodig te benadrukken dat het voor de sportparticipatie van mensen met een beperking van groot belang is dat zij zich binnen een sportaccommodatie veilig, vertrouwd en geaccepteerd voelen. Tegelijkertijd kunnen de sport- en beweegmogelijkheden voor mensen met een beperking worden vergroot door de thuissituatie en de naaste omgeving als mogelijke sport- of beweegaccommodatie te zien. 

Noten

  1. Van Impelen, J. (2016). Volwaardig meedoen in de maatschappij, begint met volwaardige toegang. Faculty of Law, Economics and Governance Theses (Master thesis)
  2. Monitor (On)beperkt Sportief 2013, Von Heijden, Van den Dool, Van Lindert en Breedveld
  3. Aller, H. van. (2014). Richtlijnen toegankelijkheid indoor sportaccommodaties. Onbeperkt Sportief. Nieuwegein/Utrecht: Arko Sport Media.

Literatuur

  • Aller, H. van. (2014). Richtlijnen toegankelijkheid indoor sportaccommodaties. Onbeperkt Sportief. Nieuwegein/Utrecht: Arko Sport Media.
  • Aller, H. van. (2015). Richtlijnen toegankelijkheid buitensportaccommodaties. Onbeperkt Sportief en BSC. Bunnik/Houten. Hier geraadpleegd op: 22-12-2015.
  • Heijden, A. von, Van den Dool, R., Van Lindert, C., Breedveld, K. (2013). (On)beperkt sportief. Monitor sport- en beweegdeelname van mensen met een handicap 2013.
 Nieuwegein/Utrecht: Arko Sport Media/Mulier Instituut. 
  • Van Impelen, J. (2016). Volwaardig meedoen in de maatschappij, begint met volwaardige toegang. Faculty of Law, Economics and Governance Theses (Master thesis)
  • Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (2014). Beleidsbrief sport. Kamerbrief hoofdlijnen gehandicaptensportbeleid. Hier geraadpleegd op: 10-11-2015.
  • Verenigde Naties. (2007). Verdrag in zake de rechten van personen met een handicap. 
Hier geraadpleegd op: 12-11-2015.

Joris van Impelen is werkzaam als Coördinator Sport bij Gehandicaptensport Nederland. Hij is afgestudeerd aan de Universiteit Utrecht (masterstudie Sportbeleid en Sportmanagement).

Dr. Inge Claringbould werkt als Universitair Hoofddocent aan de Universiteit Utrecht bij de Utrechtse School voor Bestuurs- en Organisatiewetenschap waar zij de master Sportbeleid en Sportmanagement coördineert. In haar onderzoek richt ze zich op vraagstukken van diversiteit, integriteit en grensoverschrijdend gedrag in sport.

Caroline van Lindert is senior onderzoeker bij het Mulier Instituut.

Deel dit bericht:

0 reacties

Nog geen reacties. Wees de eerste!

Voeg je reactie toe

Meer over:

Blijf op de hoogte

Wij sturen jou één keer per week een e-mail met de 
belangrijkste opinies en artikelen van Sport Knowhow XL.