Go with Golazo
Sportknowhowxl
Home
Opinie
De sport verzilvert niet alle kansen

De sport verzilvert niet alle kansen!

9 juni 2009

Opinie

door: Henk Uildriks

Waarom verzilvert de sport niet alle maatschappelijke kansen die er zijn? Omdat de plannen ‘top-down’ tot stand komen. Het zijn opgelegde ideeën bedacht vanachter ons bureau en niet voortgekomen uit het brein van de sport op lokaal niveau…

Na de hockeywedstrijd staan de minister en de aannemer samen onder de douche. Op dat moment is het sporten een doel op zichzelf. Het is leuk en kan sociaal zijn. Maar steeds meer wordt gepraat over sport als middel om maatschappelijke doelen te bereiken, zoals het voorkomen van overgewicht of het bevorderen van integratie. Als sport maar een middel is, dan komt er geld vrij…

Voorbeeld 1: ‘Meer bewegen’ is een must in verband met de volksgezondheid. Dus storten velen zich op ‘meer bewegen’ als doel. Van ministeries tot aan verzekeringsbedrijven.

Voorbeeld 2: De gymlessen moeten terugkomen op school. Dus komt er geld voor gymleerkrachten, die ook bij sportverenigingen moeten gaan werken (de combinatiefuncties).

Deze en andere initiatieven kennen een top-down-benadering. Ze zijn bedacht vanachter het bureau. Wij leven kennelijk steeds meer in een samenleving die zegt wat de mens moet doen. En dat werkt niet!!

Mijn eerste stelling luidt dan ook: ‘als wij de mens niet kunnen bijbrengen dat sporten gewoon leuk is, dus sporten als doel op zich, dan zullen maatschappelijke doelen (sport als middel) niet worden gehaald.’

Kortom, zorg ervoor dat de mensen zélf elkaar stimuleren, inspireren, motiveren en activeren en geef de mensen slechts handvatten om dat te kunnen realiseren. Dan werken wij bottom-up en zorgen de mensen zélf voor het vergroten van het draagvlak.

In april is officieel het project ‘Sport in Holland’ van start gegaan, een initiatief van Sportservice Noord-Holland. Een laagdrempelig, bottom-up, cross-mediaal breedtesportplatform. Een massaal breedtesport verkeersplein, bestaande uit een website die door de bezoekers zélf wordt gevuld. Een interactief platform dat sporters en potentiële sporters aan elkaar koppelt, onder meer door middel van activiteiten in de buurt, maar ook door vragen over gezondheid, life style, enzovoort. Zo zullen duizenden kleine communities ontstaan met maar één doel, namelijk dat de mensen sporten en bewegen leuk gaan vinden.
Sport in Holland komt wekelijks op televisie, vrijdags om 10.45 uur op Nederland 2 en een dag later de herhaling om 13.00 uur op Nederland 1. Acht bankzitters gaan proeven, ruiken, aan acht sporten. Ze kiezen er eentje uit, gaan daarin trainen en gaan een uitdaging aan. Ik kan u verzekeren: het leuk vinden van sporten druipt ervan af.

Nadat wij in 2006 twee groepen hangjongeren hadden bezocht, ontstond Panna. Een soort straatvoetbal in een kooi. Sindsdien organiseren wij meer dan driehonderd Panna-toernooien per jaar, want met Panna bereiken wij de moeilijke jeugd. Ook in België, Frankrijk, Duitsland, Brazilië en Zuid-Afrika zijn nu Panna-toernooien. Ze zijn bedacht door de doelgroep zélf. Volledig bottom-up.

Sport kan gouden kansen bieden aan het publieke domein. Sportservice Noord-Holland bijvoorbeeld heeft Provinciale Staten van Noord-Holland het volgende perspectief voorgehouden.

Wonen
• Vergroot de leefbaarheid door goede, multifunctionele sportvoorzieningen. Maak van sportlocaties een ontmoetingsplaats.

Economie en Arbeid
• Sport kan een grote arbeidsmarkt worden.
• Er moet kennisuitwisseling plaatsvinden tussen bedrijven en sportverenigingen.
• Het Olympisch plan 2028 heeft implicaties voor de economie in het algemeen en de arbeidsmarkt in het bijzonder.

Landbouw
• Integratie kan plaatsvinden van wandel-, fiets-, kano-, schaats- en skeelerroutes in het landelijk gebied.

Zorg, inclusief Jeugdzorg
• Sport bestrijdt overgewicht.
• De samenwerking tussen sport, GGD's, patiëntenorganisaties en zorginstellingen moet versterkt worden.
• Sport kan helpen chronisch zieken te activeren.
• Sport moet binnen de Wet Maatschappelijke Ondersteuning een betere positionering krijgen.
• Het Jeugdsportfonds is een uitkomst voor voor sociale minima.

Cultuur
• Sportieve recreatie kan plaatsvinden langs cultuur-historische routes.
• Meer aandacht is gewenst voor het sportief historisch erfgoed.

Water
• Noord-Holland kan gepromoot worden als watersportprovincie (zeilen, kanoën, roeien, schaatsen).

Ruimtelijke Ontwikkeling
• Optimalisering van sportief gebruik van de openbare ruimten, recreatie- en natuurgebieden.
• Het instellen van een provinciaal fonds voor multifunctionele (sport)organisaties.

Noord-Holland promotie
• Topsport als uithangbord door middel van:
* talentontwikkeling en het gebruiken van gewezen topsporters voor de breedtesport
* topsportevenementen
* topsportaccommodaties

Eigenlijk kun je het gehele provinciale beleid met een sportieve en beweging-stimulerende invalshoek benaderen en ontwikkelen, waarbij de financiële inzet direct resultaat oplevert.

Als er zoveel kansen zijn, waarom worden die niet verzilverd of zelfs verguld? Nόch door het publieke domein, nόch door de sport? Omdat de voorbeelden die ik noemde ook top-down zijn. Het zijn opgelegde ideeën die vanachter ons bureau zijn bedacht en niet voortgekomen uit het brein van de sport op lokaal niveau.

In mijn ogen zijn er drie oorzaken waarom dit beleid niet bottom-up tot stand komt en dat zijn dan ook mijn stellingen nummer twee, drie en vier.

Die drie oorzaken zijn:
1. De Nederlandse sportstructuur is monopolistisch en enkelvoudig.
2. De Nederlandse sport wordt top-down en conservatief - op macht gebaseerd - gemanaged.
3. De Nederlandse sportaccommodaties hebben onvoldoende publieke functies.

Mijn tweede stelling luidt dan ook: ‘De monopolistische Nederlandse sportstructuur staat sport als middel - om maatschappelijke doelen te bereiken - in de weg.’

De Nederlandse sportstructuur is piramidaal en georganiseerd per tak van sport. Een badmintonclub is lid van de badmintonbond en daarmee zijn de leden van de badmintonclub ook automatisch lid van de badmintonbond. Die badmintonbond is weer lid van NOC*NSF en er mag maar één landelijke bond in een tak van sport lid van NOC*NSF zijn. Het systeem kent dus geen concurrentie.

Binnen de tak van sport (dus binnen de badmintonsport bijvoorbeeld) is alles gebaseerd op competitie. En competitie is concurrentie. Samenwerken van sportverenigingen in één tak van sport is niet aan de orde. De sportbond is namelijk een verzameling van concurrenten.

Het aantal leden van sportclubs is dan ook al jaren stabiel. Zo'n 4,5 miljoen.

Daarnaast is deze structuur in strijd met het recht op mededinging, met het verenigingsrecht en met de privacywetgeving. Want als jij lid wordt van een sportvereniging worden jouw gegevens automatisch doorgegeven aan een andere vereniging, namelijk de sportbond.

Mijn derde stelling luidt: ‘De sport in Nederland wordt top-down en conservatief gemanaged.’

De Toto/Lotto haalt maatschappelijk geld op, dat alleen beschikbaar komt van NOC*NSF en de landelijke sportbond. Gevolg: steeds grotere bondsbureaus met meer personeel die vanachter hun bureau bedenken wat sportverenigingen zouden moeten doen, zonder dit met geld te ondersteunen, want dat is inmiddels op aan het personeel bij de sportbond. Die torenflats zouden bungalows moeten worden en het personeel zou lokaal ingezet moeten worden.

Overigens kunnen sportverenigingen van oudsher ook georganiseerd zijn op levensbeschouwelijke basis. Via de NKS, de NCSU en de NCS (katholiek, christelijk en humanistisch). Zij krijgen geen geld van de Toto/Lotto, terwijl zij door hun pluriformiteit wél maatschappelijke doelen bereiken.

De laatste tien jaar hebben de landelijke sportbonden een forse centraliseringslag gemaakt. Op regionaal niveau is de tussenstructuur weggesneden. Gevolg: de vrijwilligers bij de 30.000 sportverenigingen (meer dan één miljoen) moeten het zélf doen, zonder steun. En aangezien die vrijwilliger zijn klusje gemiddeld maximaal drie jaar doet (het verloop is 33%) ontstaat een hoge mate van discontinuïteit. Maar die steun blijft nodig, dus zoeken zij die elders. Gevolg: Sportservice Noord-Holland groeide als kool van vijftien fte naar ruim honderd fte in 2009.

Door de centralisatie van de sportbonden is het machtsgevoel gegroeid, een gevoel dat samenwerken met anderen in de weg staat. En dat terwijl het woord team betekent:
together, everyone acheaves more.

Mijn vierde stelling luidt: ‘de Nederlandse sportaccommodaties zijn onvoldoende publieksvriendelijk om te stimuleren dat er meer gesport en bewogen wordt.’

Met een knipoog naar de vorige public table kunnen wij het volgende constateren. De sportvelden zijn een privaat domein, want de vereniging huurt en beslist wie er op mag. De sportzalen zijn eveneens een privaat domein. Zij worden verhuurd onder strikte voorwaarden in verband met aansprakelijkheden (bijvoorbeeld bij blessures). In grote steden, maar ook steeds meer in kleinere steden zijn de sportvelden verhuisd (ten behoeve van woningbouw) naar de stadsring. Dus geen kans op een maatschappelijk bredere functie dan sec de sport. Sportaccommodaties zouden in mijn ogen een parochiaal domein moeten worden, dus ze zouden ingericht moeten worden als parken, speeltuinen. Je zou er scholen moeten stichten.

Slotsom
Sport kan een geweldig middel zijn. Wij roepen het al jaren. Er is echter een structuurrevolutie nodig om de gouden kansen te verzilveren.

Henk Uildriks is directeur van Sportservice Noord-Holland. Voor korte, directe reacties: h.uildriks@sportservicenoordholland.nl Uitgebreider reageren via Sport Knowhow XL? Mail naar info@skxl.nl

Deel dit bericht:

0 reacties

Nog geen reacties. Wees de eerste!

Voeg je reactie toe

Meer over:

Blijf op de hoogte

Wij sturen jou één keer per twee weken een e-mail met de 
belangrijkste opinies en artikelen van Sport Knowhow XL.