24 augustus 2010
Opinie
Sport 2.0 staat voor 'de verbetering van sportbeleving door het gebruik van internet en mobiele technologie'. De term heeft wel raakvlakken met Web 2.0, maar eigenlijk benadrukt het in één zin de essentie van de ‘nieuwe media/social media uitdaging’ waar sportorganisaties anno 2010 voor staan.
Sport is sociaal, sport is leuk omdat je de beleving met anderen kan delen. Dit is de basis van iedere sportorganisatie, voor velen misschien zonder dat ze het weten. Voor proeftuin Sportdorp passen we bij Huis voor de Sport Groningen dit principe toe in vier Groningse dorpen door voor elk dorp een eigen sportcommunity-website te ontwikkelen. Sportdorp is erop gericht dat er in vier dorpskernen een sportplek wordt gecreëerd waar elke inwoner een leven lang betrokken is; als actieve sporter of als vrijwilliger in de sport. De sportcommunity-websites (sportcommunity is een online gemeenschap van gelijkgezinden rondom de sport) moeten er aan bijdragen om van elk dorp een betrokken sportgemeenschap te maken.
Sport 2.0
De term Sport 2.0 is ongeveer drie jaar geleden gelanceerd door Gijsbregt Brouwer. In eerste instantie lijkt Sport 2.0 een populaire term die afgeleid is van Web 2.0, maar het is meer dan dat. Sport 2.0 staat voor 'de verbetering van sportbeleving door het gebruik van internet en mobiele technologie'. De term heeft wel raakvlakken met Web 2.0, maar eigenlijk benadrukt het in één zin de essentie van de ‘nieuwe media/social media uitdaging’ waar sportorganisaties anno 2010 voor staan. Internet en mobiele technologie kunnen worden gezien als een toegevoegde laag op de passieve en actieve sportbeleving. Het zorgt voor verdieping, verbreding en verlenging van belevenissen voor, tijdens en na het sporten.
Sport 2.0 kan zowel worden toegepast op de passieve sportbeleving (sport beleven als volger) als op de actieve sportbeleving (sport beleven als deelnemer). Een goed voorbeeld van de verbetering van actieve sportbeleving is Nike+. Dit is een applicatie die, door gebruik van een sensor in de hardloopschoen in combinatie met een I-pod, tijdens het hardlopen feedback geeft op de prestaties. www.coachvanhetjaar.nl is een goed voorbeeld van de verbetering van passieve sportbeleving. Deze fantasy sport game draagt bij aan een verlenging, verdieping en verbreding van de sportbeleving van een voetballiefhebber rondom een Eredivisie speelweekend. De verbetering van sportbeleving kan plaatsvinden op drie niveaus (modelweergave):
1. verlengen (mensen zijn langer met de sport(beleving) bezig);
2. verbreden (meer mensen zijn (tegelijkertijd) met de sport(beleving) bezig, sportbeleving kan makkelijker worden gedeeld);
3. verdiepen (mensen zijn op andere manier met hun sport(beleving) bezig, halen meer informatie uit hun sport(beleving)).
Actieve beleving binnen de sportvereniging
De Sportdorp-communities die medio september gelanceerd worden richten zich op de actieve sportbeleving van inwoners uit de Sportdorpen en zijn bedoeld om ze meer te betrekken bij het Sportdorp. Inwoners kunnen aangeven welke sporten ze graag beoefenen en sportverenigingen kunnen het sportaanbod beter communiceren. Verbeterde communicatie tussen de verenigingen in het Sportdorp en haar inwoners is het belangrijkste voordeel, maar de community draagt ook bij aan de verbetering van sportbeleving. Zo kunnen leden van de Sportdorp-community via een logboek op een leuke manier doelen stellen en hun sportbeoefening bijhouden, zich opgeven voor sportcursussen, meedoen aan uitdagende wedstrijden tegen medebewoners en via de community een beweegmaatje zoeken.
De technische realisatie van deze communities wordt verzorgd door New Sport Solutions, de communities zijn gebaseerd op het product MySportsApp. Deze technische realisatie is maar een begin, er zijn daarna nog veel factoren waarvan het zal afhangen of de communities een succes worden. Dit zijn de drie belangrijkste factoren zijn voor het slagen van een sportcommunnity:
1. Het is niet de techniek, het zijn de mensen. Kartrekkers moeten uit de community zelf komen
Als sportorganisatie kun je nog zo'n gelikte community-website aanbieden, als er geen behoefte is om er gebruik van te maken zal het geen succes worden. Voor een sportcommunity is het belangrijk dat het moment van kritieke massa (Tipping Point theory) wordt bereikt. Dit werkt het beste als kartrekkers, vaak de early adopters, vanuit de community overige gebruikers enthousiasmeren en de interactie stimuleren.
2. De content die je aanbiedt moet aanzetten tot interactie
Na de realisatie van de community kun je als sportorganisatie nog wel degelijk invloed uitoefenen op het succes van de community, door te zorgen dat de community content (inhoud) bevat die gebruikers willen delen. Binnen het Sportdorp kan dit al iets simpels zijn als een foto of videoregistratie van een evenement.
3. De regie ligt bij de gebruiker, niet de leverancier
Durf als sportorganisatie de regie uit handen te geven. Sporters zijn op zoek naar manieren om zelf te bepalen hoe zij hun sportbeoefening invullen. Daardoor groeit het sporten in individueel verband en de deelname aan solosporten. Speel hierop in. Geef gebruikers de mogelijkheid om enerzijds aan te geven welke sportbehoefte ze hebben en anderzijds de mogelijkheid om zelf sport te organiseren door bijvoorbeeld een eigen loopgroep te starten.
De vertaling van de fysieke gemeenschap rondom proeftuin Sportdorp naar een online community moet stapsgewijs plaatsvinden. De inwoners van de Sportdorpen moeten geleidelijk kunnen wennen aan de transitie van alleen fysieke contactmomenten naar de waarde van extra online contactmomenten. De doorsnee internetgebruiker gebruikt in online communicatie nog voornamelijk e-mail, daarom doen we er goed aan om de inzet van de website stapsgewijs te laten verlopen. Van basiscommunicatie via e-mail, naar community gebaseerde communicatie via de website waar Hyves een voorbeeld van is. Het doel is dan ook om het voor de doelgroep zo makkelijk mogelijk te maken om verbonden te raken met het Sportdorp. Dus een zo gebruiksvriendelijk mogelijke website creëren, waar iedereen met een basiskennis van internet terecht kan.
Sport 2.0 en breedtesport ambities Olympisch Plan
Een belangrijke stap in het OP 2028 is Nederland voor 2016 op Olympisch niveau brengen. De breedtesport speelt daar een cruciale rol in, sportverenigingen kunnen Sport 2.0 gebruiken om bij te dragen aan het halen van deze ambitie. Nederland op Olympisch niveau houdt onder andere in dat minimaal 75% van alle Nederlanders regelmatig aan sport moet doen. Een doelstelling die daar bij hoort - en alleen in het expertrapport vermeld staat - is dat het aandeel Nederlanders wat in georganiseerd verband sport verhoogd moet worden van 28% naar 35%. Kortom, de sportbonden en verenigingen moeten meer leden werven binnen een samenleving met een sterk individualistisch karakter en waar mensen op zoek zijn naar oplossingen waarmee ze zelf hun tijdsindeling kunnen bepalen.
Door nieuwe media zijn sporters steeds beter in staat om zonder een sportorganisatie zelf sport te organiseren. Een clubje waarmee je op zondagochtend gaat wielrennen is makkelijk gevormd en via bijvoorbeeld een Hyves pagina kun je prima onderling communiceren en afspraken maken over te volgen routes of trainingsschema's, daar heeft een wielrenner geen vereniging meer voor nodig. Daarom is het terecht dat sportbonden zich nu buigen over een nieuwe definitie van wat leden zijn. De roep om meer een 'klantrelatie' aan te gaan met sporters en ze specifieke diensten te laten afnemen in plaats van een volledig lidmaatschap wordt steeds groter, maar hierbij blijft het een struikelblok hoe het verenigingsgevoel gewaarborgd moet blijven. Wanneer leden zich als klanten gaan gedragen en puur consumeren bij een vereniging, zal de vereniging langzaam omvormen naar een commerciële organisatie zoals een fitnessclub.
Het is dus belangrijk dat een vereniging een hechte gemeenschap blijft. Alles draait hierbij om een goede communicatie relatie, een goede interactie met de leden. Het traditionele verenigingsaanbod zal altijd een bepaalde doelgroep blijven bedienen, maar mensen die niet op vaste tijden willen sporten of altijd dezelfde sport willen beoefenen worden hier niet mee bediend. Een vereniging zou voor sporters die een dienst willen afnemen de mogelijkheid moeten bieden om via internet en mobiele technologie de regie in de sportbeoefening zelf in handen te nemen. Wanneer een sportvereniging zich ook zal toespitsen op het faciliteren van sportbeoefening waarbij ze de specifieke organisatie van de sport overlaten aan individuen die zich verenigen binnen een sportcommunity, kunnen zij een grotere doelgroep bedienen dan met het huidige verenigingsaanbod.
Op deze manier kunnen verenigingen meer sporters aan zich verbinden en bijdragen aan de Olympische ambitie. Zo kunnen verenigingen, zoals Andre Bolhuis het noemt in SPORT Bestuur & Management, het Olympisch Plan als 'sticker' op hun activiteiten plakken. Zowel voor de inzet van Sport 2.0 als bijdragen aan het Olympisch Plan geldt voor verenigingen het advies van Gerard Dielessen: ‘Durf risico's te nemen! Soms moet je gewoon iets proberen en dan ga je af en toe op je plaat. Je kunt wel afwachtend zijn, maar doe het nou gewoon!’
Janne Kuipers is fan van sport en nieuwe media. Hij is in mei 2010 op Sport 2.0 afgestudeerd aan het Instituut voor Sportstudies Groningen in de richting Sportmanagement. Per 1 juni 2010 is hij werkzaam als Projectmedewerker Sportdorpen bij Huis voor de Sport Groningen. Daarnaast schrijft hij blogs voor www.sport8.nl & www.sport28.nl. Voor meer informatie: janne@sport8.nl en 06-1873 0651.Deel dit bericht:
0 reacties
Nog geen reacties. Wees de eerste!
Voeg je reactie toe
Wij sturen jou één keer per twee weken een e-mail met de belangrijkste opinies en artikelen van Sport Knowhow XL.