13 december 2022
Opinie
Onlangs stond ik op uitnodiging van mijn zoon langs de lijn bij een wedstrijd van jongens onder 14. Hij is coach van het team van de hoogst spelende voetbalvereniging van Utrecht en de tegenstander was de grootste vereniging van die stad. De rivaliteit tussen beide verenigingen is groot, maar gezond. De een verliest niet graag van de ander en dat geldt op alle niveaus. In de sport is daar niks mee. Tegen de spelverhouding in won de concurrent met 1-0 dankzij een vroege treffer. De verklaring was simpel: het team van mijn zoon had wel veel balbezit, maar creëerde geen kansen en logischerwijs bleven doelpunten uit.
Natuurlijk was het frustrerend voor de ploeg die sterker leek, maar er viel niets af te dingen op de nederlaag. Het voorval dat me het meest bijbleef vond plaats meteen na afloop. Driekwart van de verliezers liep meteen richting de zijlijn, daarbij de scheidsrechter en tegenstanders volkomen negerend. Dat vond ik al vreemd. Nog vreemder was dat de kleinste en brutaalste van het veld even doelbewust een hem tegenmoet komende opponent opzocht en met een uitdagende blik doelbewust tegen diens schouder aanliep. Een provocatie van het zuiverste water. Gelukkig deed de geraakte speler alsof hij het niet voelde en bleef het daarbij. Toen ik mijn zoon later met mijn observaties confronteerde, zei hij dat hij het niet had gezien.
Dit in de kiem gesmoorde incident schoot me door het hoofd toen een opdonder met een Argentijns shirt zich afgelopen vrijdag in woord en gebaar te buiten ging tegenover alles en iedereen die hij tegenkwam. Ik had de Argentijn voetballend altijd hoog zitten, maar merkte de afgelopen jaren tijdens mijn werkzaamheden in de Champions League en op WK’s al dat hij zich goed kon verstoppen en vaker de publiciteit meed dan opzocht, daarbij gretig geholpen door de perschef van de teams waarvoor hij uitkwam.
Het bereiken van de halve finale van het WK ten koste van Nederland was zó’n bevrijding voor het mannetje dat hij op slag alle schroom van zich afgooide en alle woorden die hij jaren had opgespaard, gebruikte om te intimideren, schelden en beledigen. Zo hadden we deze gedroomde opvolger van Maradona nog niet gezien.
De uitspattingen van de Argentijnse capitano overtroffen de aftocht van Cristiano een dag later. De uit de gratie geraakte Portugees bracht tot heden meer tijd door op de bank dan hem lief was en kon het na de verloren wedstrijd tegen Marokko niet opbrengen langer op het veld te blijven dan strikt noodzakelijk. Geen teleurstelling delen met zijn ploeggenoten, geen schouderklopje voor de winnaar, geen handje voor de scheidsrechter en tot overmaat van ramp ook geen groet aan de Portugese supporters die tijdens vijf WK-wedstrijden vol achter de ploeg van coach Santos stonden en twintig jaar stilzwijgend de beurs van de wereldster spekten. Zij konden later terugzien hoe Ronaldo solo de tunnel inliep en zich niets van de wereld om hem heen aantrok. Zo hadden we ineens twee wereldsterren die zich geweldig lieten kennen.
Gelukkig was er ook nog hoop tijdens de kwartfinales van het WK. De duivelse Kroaten knikkerden Brazilië uit het toernooi en hier bleek de kleinste Kroaat na afloop de grootste man op het veld. Ik zag hem meesterduiker Neymar troostend toespreken en Rodrygo, zijn ploeggenoot bij Real Madrid, liefdevol omarmen. Terwijl elders zijn ploeggenoten de verrassende overwinning uitbundig vierden deed Modric eerst aan sportieve nazorg.
Oliver Giroud deed namens Frankrijk een dag later precies hetzelfde nadat zijn ploeg Engeland naar huis had gestuurd. Harry Kane, maker en misser van een penalty, zag het na afloop even niet meer zitten. Als aanvoerder en topschutter was uitgerekend hij de pispaal. Giroud, maker van de winnende treffer en voorheen concurrent en tegenstander van Kane in de Premier League, voelde op zijn klompen aan hoe de Engelsman zich voelde en bekommerde zich eerst over zijn tegenstander voordat hij zich bij zijn feestende collega’s voegde. In dat rijtje positieve uitzonderingen past ook Louis van Gaal die tussen de kruitdampen door zijn collega Lionell Scaloni opzocht en feliciteerde.
Ik besprak het gedrag van de diverse vedetten zondagmiddag met mijn zoon. Ook hij had zich geërgerd aan de zogenaamde grote jongens. Ik herinnerde hem aan wat ik twee maanden eerder bij zijn team had gezien. ‘Ja, ik weet het’, zei hij begripvol. We hopen dat ouders met hun kinderen ook die beelden bespreken en tot een inkeer komen. Hoe zou het moeten en hoeveel moeite kost me dat? Binnenkort ga ik weer eens kijken en heb dan vooral oog voor wat er na de wedstrijd gaat gebeuren.
Deel dit bericht:
0 reacties
Nog geen reacties. Wees de eerste!
Voeg je reactie toe
Wij sturen jou één keer per twee weken een e-mail met de belangrijkste opinies en artikelen van Sport Knowhow XL.