Go with Golazo
Sportknowhowxl
Home
Opinie
Bonden overheid en grote sponsors laten sport 2 0 nog links liggen

Bonden, overheid en grote sponsors laten sport 2.0 nog links liggen

4 maart 2008

Opinie

door: Gijsbregt Brouwer

Toen Nike en Google begin 2006 met Joga Bonita (een wereldwijd ‘social network’ rondom voetbal) kwamen, leek de opmars van sport 2.0 onstuitbaar. De topbedrijven van de gescheiden werelden van sport en internet hadden elkaar gevonden, dit moest een succesvol platform worden. Anderhalf jaar later blijkt dat Nike toch wel erg campagnematig communiceert. Inmiddels is op nikefootball.com alweer een nieuw platform gelanceerd. Joga.com hangt er een beetje zielig bij. Maar dat betekent niet dat ‘social sport communities’ geen levensvatbaarheid hebben. In Nederland en vooral erbuiten, schieten sport 2.0 sites uit de grond. Tijd om deze sites eens onder de loep te nemen en de kenmerken van deze sites op een rijtje te zetten. Ook is het goed om te kijken waarom en hoe de diverse organisaties die met sport werken aan de slag moeten met sport 2.0.

Web 2.0 en sport 2.0
Web 2.0 is overal op internet en vooral de sociale netwerken doen het erg goed, in Nederland met Hyves voorop. Duidelijk is dat de term ‘2.0’ wel garant staat voor PR en zelfs kapitaal, maar niet altijd voor helderheid. Web 2.0 is dan ook niet eenduidig gedefinieerd. Het betreft websites die niet alleen zenden (folders op het internet), maar die communiceren of (onderlinge) communicatie faciliteren. Bekende voorbeelden zijn de sociale netwerken (Hyves, Facebook, MySpace), maar ook de foto- en videosharesites zoals Flickr en YouTube. Ook het delen van kennis (Wikipedia) en van leuke sites op internet (del.icio.us en digg) behoren tot de Web 2.0 golf.

Ook in de  sportwereld zijn er zeer veel verschillende sites die onder de noemer sport 2.0 kunnen vallen. Er zijn de afgelopen anderhalf jaar sites ontstaan met de focus op community, tools, fans, nieuws, gezamenlijke inkoop, dating, spelletjes, weddenschappen en planning. De lijst is daarbij nog lang niet compleet. Voor de helderheid verdeel ik deze sites in vier hoofdcategorieën:
1. communities;
2. functional tools;
3. nieuws;
4. gaming.

Om verder overzicht te krijgen is het handig om de sportmarkt in te delen. Enerzijds met de kenmerken van de sport: individueel sporten versus teamsporten (vaak balsporten). Anderzijds met de kenmerken van de sportconsument: zelf actief sporten of passief sporten (kijken, organiseren, achter de bar staan). Uiteraard bestaat er enorme overlap in beide indelingen: mensen doen meerdere sporten (dus ook individueel én teamsporten) en consumenten spelen zelf op zaterdag en staan op zondag langs de lijn. Deze indeling in vier hoofdcategorieën voor de sites en in 2 x 2 categorieën voor de sportmarkt leidt tot de ‘social sport matrix’:

Site functionalities
Sporter   Community Tools News Gaming
Active team team team team
(athlete) individual individual individual individual
Passive team team team team
(fan) individual individual individual individual

Sport 2.0 voor de sportorganisaties
Sportorganisaties zijn op dit moment de grote afwezigen in de online wereld van sport 2.0. Terwijl er tot zes cijfers achter de komma wordt gekeken hoeveel televisierechten waard zijn, kijkt geen van de ‘eigenaren’ van de sport echt naar zijn klanten. De sportconsument moet zijn ‘online kicks’ ergens anders halen. Uiteraard gebeurt dit via grote platforms zoals Hyves. De hockeyHyves heeft op dit moment ruim 35.000 leden en de Hyves van Ajax en Feyenoord hebben meer leden dan er in het stadion passen. Daarnaast valt mij op dat de kleine startups en in mindere mate mediabedrijven bezig zijn met sport 2.0. Zowel de bonden, als de overheid als de grote sponsors laten sport 2.0 nog bijna geheel links liggen. Al zoemt het rond van plannen, zoals van de KNVB en van NOC*NSF.

Wellicht moeten deze organisaties ook helemaal niet aan web 2.0 komen. Dit is immers het web van de eindgebruiker en niet van de instituten. Een sport 2.0 website opzetten en zeker één met een sterke community component vraagt om veel inzet. Daarmee verschilt het ontwikkelen van sport online nauwelijks van het ontwikkelen van sport offline. Er zijn mensen nodig die de handen uit de mouwen willen steken met een hart voor de sport. Dit zijn mensen aan wie al zo hard getrokken wordt, op het veld, achter de bar, in de bestuurskamers.

Sport vormt één van de grootste communities ter wereld
Waarom al deze vrijwilligers nog verder vermoeien? Om de sportlievende mens te betrekken bij de sport. Om echte relevante communicatie met je leden op te zetten. Om nieuwe sportliefhebbers te interesseren voor de sport. Om sponsors een platform te bieden om met de sporters te communiceren. Maar vooral om aan de wensen van je sportconsumenten tegemoet te komen. Mensen zijn anno 2008 meer tijd online dan dat ze met enig ander medium bezig zijn. Social sites vormen daar een steeds groter deel van. Sport is in dagelijkse leven één van de grootste communities ter wereld. Deze community vertalen naar de wereld van enen en nullen, is niet makkelijk, maar wel nodig. Zeker omdat de toekomst deze twee werelden alleen maar verder zal verbinden.

5 gouden regels voor sport 2.0
Sport communities op het internet zijn logisch en voor de hand liggend, maar zijn niet makkelijk of simpel te ontwikkelen. Voor elke succesvolle community (groot of klein) staan vele mislukte of kwijnende communities. Toch zullen bijna alle sportorganisaties binnen nu en een jaar (maximaal twee jaar) de aftrap nemen en beginnen met een ‘eigen’ social network, zo is mijn verwachting. Is het niet om één van de bovengenoemde redenen dan is het wel uit defensief oogpunt. Iedereen kan immers op internet een sportcommunity beginnen en voor je het weet heb je als bond of sponsor je relevantie online verloren.

Als je als sportorganisatie begint met een social sport site zijn er vijf belangrijke regels om je aan te houden. Dit zijn geen garanties voor succes, maar zullen in ieder geval voorkomen dat je in de eerste de beste valkuil stapt.

1. Maak je zelf relevant door één of meerdere categorieën (community, nieuws, functionele tools en/of gaming) te integreren in je social sport site;
2. Bouw de site op vanuit de leden (grass roots noemt men dat op internet) en niet vanuit het ‘instituut’ ofwel bottom up versus topdown;
3. Zoek één of meer zeer betrokken communitymanagers. Mensen met een passie voor de sport en absoluut zonder 9-5 mentaliteit;
4. Heb een lange adem en houdt de hoge betrokkenheid (vooral van de communitymanagers) over een langere periode vol;
5. Maak ruimte voor bestaande initiatieven, zoals club websites en sites als Hyves en YouTube.

Gijsbregt Brouwer is consultant en projectmanager bij Brightguys Sport & Media Consulting.
Daarnaast is hij oprichter van het sport 2.0 netwerk. Verder heeft Gijsbregt tien jaar lang topsportervaring als selectielid van de Nederlandse langlaufselectie. Bovendien kent hij vanuit professionele functies als consultant en projectmanager alle facetten van de sport: evenementorganisatie, bestuur, training, sponsoring en media. Ook is hij al tien jaar werkzaam op het kruispunt van sport en media: als commentator bij Eurosport, auteur voor kranten en magazines en als blogger op Marketingfacts. Gijsbregt Brouwer is één van de weinige experts op het gebied van sport en nieuwe media in Nederland en heeft deze kennis in veel (grote) projecten toegepast. Voor meer informatie: www.brightguys.nl

Deel dit bericht:

0 reacties

Nog geen reacties. Wees de eerste!

Voeg je reactie toe

Meer over:

Blijf op de hoogte

Wij sturen jou één keer per twee weken een e-mail met de 
belangrijkste opinies en artikelen van Sport Knowhow XL.