28 augustus 2012
Opinie
door: Tim Savenije
Sport blijkt een goed middel voor sociale ontwikkeling, draagt bij aan de participatie van mensen aan de samenleving en wordt daarom steeds vaker ingezet als beleidsinstrument. Door maatschappelijke doelstellingen slim te combineren, ontstaan vernieuwende initiatieven zoals de Dutch Career Cup. Sinds oktober 2011 worden met dit programma jonggehandicapten via voetbal naar een baan begeleid. De resultaten zijn goed, maar hadden nog beter kunnen zijn wanneer vooraf meer nagedacht was over de invulling van de rol van sport voor de arbeidsbemiddeling. Dit is niet overal gebeurd, waardoor het sportgedeelte soms los kwam te staan van het arbeidsbemiddelingtraject. Een gemiste kans om meer uit de toepassing van sport te halen en een les voor andere, soortgelijke initiatieven.
De Dutch Career Cup is een initiatief van Stichting Life Goals, het UWV, re-integratiebureau USG Restart en voetbalclubs. Het doel is om jonggehandicapten met een Wajonguitkering binnen een jaar via voetbal en het netwerk van de voetbalclub aan een baan te helpen. De jongeren trainen twee keer in de week bij de aangesloten club en nemen namens hen deel aan vier landelijke toernooien. Ondertussen worden zij door een ‘jobcoach’ begeleid richting de arbeidsmarkt. Op 21 locaties door het land zijn op deze manier ruim driehonderd ‘Wajongers’ aan de slag gegaan bij clubs als Ajax, PSV en SC Cambuur, maar ook bij amateurverenigingen als v.v. Rigtersbleek en Achilles ’12. Het programma heeft met deze opzet een groep Wajongers weten te bereiken die tot dat moment voor het UWV lastig in beweging te krijgen was.
Meer dan voetbalkwaliteiten
Binnen de Dutch Career Cup gaat het niet alleen om voetbalkwaliteiten. Juist de menselijk eigenschappen zijn van belang. Via voetbal leren de deelnemers - die vaak in een sociaal isolement leven - verschillende sociaalpsychologische en arbeidstechnische vaardigheden: ze moeten onder meer met elkaar samenwerken, afspraken nakomen, opdrachten uitvoeren, anderen leren vertrouwen en op tijd komen. Tegelijkertijd schept deze aanpak voor de arbeidsbemiddelaar mogelijkheden om de Wajonger beter te leren kennen. Op het sportveld handelen de jongens en meiden instinctief. Door de inzichten die de jobcoach hierbij opdoet, kan hij beter bedenken wat een geschikte werkplek zou kunnen zijn. Dit laatste is van belang voor het succesvol bemiddelen naar en behouden van een baan. Dit blijkt bij Wajongers extra lastig.
De aanpak biedt kansen
De resultaten van het project zijn zeer bemoedigend. Ongeveer de helft van de deelnemers is na driekwart van de projecttermijn naar werk begeleid: cijfers die vergelijkbaar zijn met de resultaten van de meer gevestigde re-integratietrajecten. De aanpak biedt perspectief op meer, gezien het een pilot betreft en er nog verbeterpunten doorgevoerd kunnen worden. Ook staat de inzet van sport voor re-integratie op de arbeidsmarkt nog in de kinderschoenen. Zo is door het UWV en USG Restart niet eerder op deze schaal en wijze gebruik gemaakt van sportactiviteiten.
Een onbekende methode heeft als keerzijde dat er veel aandacht geschonken moet worden aan de uitwerking en implementatie van de ideeën binnen het project. Het UWV heeft als opdrachtgever de kansen voor de sport gezien, maar de concrete invulling daarvan is aan de lokale projectgroepen overgelaten. De lokale uitvoerders, vooral de jobcoaches, zijn hierbij relatief vrij gelaten in de wijze waarop zij gebruik maken van het sporttraject. Dit heeft tot verschillende aanpakken en daarom wisselende resultaten geleid en had achteraf meer centraal gecoördineerd kunnen worden.
Zo is er op een van de onderzochte locaties voor gekozen sport als activeringsmiddel voor de Wajongeren te gebruiken. Daaromheen zijn re-integratieactiviteiten gehouden, zoals het opstellen van een cv en het oefenen van een sollicitatiegesprek. Het werk- en sporttraject waren grotendeels onafhankelijk van elkaar georganiseerd. De Wajongers zagen de sport en de arbeidsbemiddeling hierdoor ook als losstaande trajecten. Het uiteindelijke doel – werken - werd verdreven door het plezier van het sporten en leidde tot minder gerealiseerde plaatsingen.
Op een andere locatie is juist voor een meer integrale aanpak gekozen. Hier stond de sport in dienst van de arbeidsbemiddeling, waarbij de jobcoach een actieve rol innam binnen het voetbalgedeelte door met de groep mee te trainen. Op deze manier kon de jobcoach het gedrag van de deelnemers observeren, bijsturen en de verbeteringen op het veld aan de Wajonger laten zien. Hij kon de jongeren positieve zaken tonen op het moment dat ze gebeurden, bijvoorbeeld dat zij wel degelijk kwaliteiten hadden en zich ontwikkelden. Het vertrouwen tussen deelnemers en begeleiding nam hierdoor toe en het werken bleef centraal staan. Uiteindelijk zijn hier relatief meer deelnemers naar een baan begeleid. Het actief gebruik maken van sport heeft daarmee dus direct bijgedragen aan betere projectresultaten.
Bij de initiatie van het programma hadden het UWV en USG Restart beter na kunnen denken over een integrale methodiek. De keuze voor sport wordt gemaakt omdat er parallellen en meerwaarde in de toepassing van deze methode wordt gezien. Probeer deze waarde dan ook zo veel mogelijk te benutten. Nu werd er verwacht dat sport automatisch van meerwaarde zou zijn voor de arbeidsbemiddeling.
Bevinding Dutch Career Cup staat niet op zichzelf
De bevindingen van de Dutch Career Cup staan niet op zichzelf. Het afgelopen decennium is het aantal projecten waarbij sport ingezet wordt als middel, mede door verschillende overheidsimpulsen, sterk toegenomen. Volgens onderzoekers Boonstra en Hermens - in navolging van verschillende internationale onderzoeken - maken veel van dit soort interventies nog ongericht gebruik van sport. Concreet betekent dit dat de sport nog niet ten dienste staat van de beleidsdoelstellingen, maar een doel op zich blijft. Nu ben ik – net als velen – een sportgelovige. Ik sport zelf veel en ook ik heb de neiging al gauw de waarde van sport te zien. Hier schuilt echter ook een gevaar in: door het enthousiasme dat daarmee ontstaat, kunnen ‘blinde vlekken’ ontstaan. Daarom is het des te belangrijker om kritisch te blijven kijken naar de rol en mogelijke meerwaarde van sport. Anders blijft het sportelement binnen zulke interventies leuk om te doen, zien en mee te maken, maar draagt zij niet direct bij aan het hoofddoel. Een voorbeeld waar dit wel goed is gedaan, is de Buurtbattle. Bij deze voetbalcompetitie spelen schoolkinderen uit verschillende wijken tegen elkaar. Zij kunnen bonuspunten scoren door onder andere het schoonhouden van de wijk en het uitvoeren van klusjes. Indirect draagt dit programma bij aan de bewustwording van deze kinderen van hun omgeving. Daarnaast draagt het programma, gebruikmakend van de sport, direct bij aan verschillende beleidsterreinen, zoals de integratie van schoolkinderen, leefbaarheid van de wijk en sportparticipatie.
Hoe dan wel?
Het is belangrijk om vooraf goed na te denken over de mogelijke kansen die sport biedt voor projecten. Biedt sport aanknopingspunten voor werk, probeer dan die parallellen te benutten en ook voor de participanten zichtbaar te maken. Het plezier van het sporten zal te allen tijde voor de deelnemer centraal moeten staan. Maar daaromheen kan het project dusdanig ingericht zijn dat de sport een bijdrage levert aan de maatschappelijke doelstellingen. Die bijdrage en invulling kan vooraf grotendeels concreet gemaakt worden. Op die manier ontstaat een gerichte interventie die gebruik makend van sport een daadwerkelijke positieve bijdrage aan de gestelde maatschappelijke doelstellingen levert.
Tim Savenije studeerde in juli af aan de opleiding Sportbeleid en sportmanagement aan de Universiteit Utrecht met een onderzoek naar plan en praktijk van de Dutch Career Cup. Tot eind augustus is hij parttime verbonden aan Stichting Life Goals, een organisatie die maatschappelijke sportprojecten opzet voor kwetsbare groepen.
Deel dit bericht:
0 reacties
Nog geen reacties. Wees de eerste!
Voeg je reactie toe
Wij sturen jou één keer per week een e-mail met de belangrijkste opinies en artikelen van Sport Knowhow XL.