13 juni 2013
Nieuws
Het ‘toeval’ van talentherkenning een handje helpen. Dat staat centraal in het langetermijnbeleid van Almere op sportgebied. De polderstad kwam onlangs uitgebreid in het nieuws vanwege het publieke debat over de nog te bouwen accommodatie Icedôme. Wethouder René Peeters van Jeugd, Onderwijs en Sport ziet gezien de beleidsmatige focus op talentherkenning de schaatshal in zijn stad graag verschijnen.
Het langetermijnbeleid van Almere op sportgebied is vastgelegd in het plan Almere Sport 2.0, als onderdeel van het bredere RAAM-besluit (Rijksbesluit Amsterdam Almere Markermeer) uit 2009 en het bijbehorende Intergraal Afspraken Kader 2.0 (IAK) dat is ondertekend door de overheid, provincie Flevoland en betrokken gemeenten.
Van het Rijk moet het huidige inwoneraantal van Almere - bijna 200 duizend inwoners - in de komende twee decennia doorgroeien naar 350 duizend inwoners. In het IAK is daarom onder meer besloten om vóór 2012 invulling te geven aan het opzetten van een sportieve infrastructuur die de groeiopgave van Almere ondersteunt. Uit dat voornemen is Almere Sport 2.0 ontstaan, waarin de ontwikkeling en herkenning van talent centraal staan.
Talentfocus
René Peeters legt uit waarom zijn gemeente de nadruk op talent legt. “De groeiopgave van het Rijk gaat niet alleen over infrastructuur, het bouwen van huizen en aanlegen van wegen. Het vraagt ook om structuur voor bewoners, en sport speelt daarin een belangrijke rol”, zegt hij.
“In onze visie heeft sport een belangrijke toegevoegde waarde in de structuur van voorzieningen en activiteiten die het welbevinden van bewoners versterkt: sport is leuk, ontspannend en sociaal. Maar we zien nu dat veel kinderen stoppen met sporten wanneer ze de pubertijd bereiken. Met het herkennen van talent kiezen kinderen eerder voor de juiste sport of bewegingsvorm, waardoor de interesse en motivatie om langer te bewegen, blijft.”
Volgens de wethouder is talentfocus dé manier om beweegmotivatie aan te wakkeren bij kinderen. Daarnaast levert het beleid op lange termijn meer toptalenten op, meent Peeters. “Die dienen dan weer als inspiratie voor de stad en zo is de cirkel rond”, zegt hij en voegt daaraan toe: “Verder blijkt uit analyse van Almere Sport 2.0 dat Almere - als jonge stad - er veel jeugd bij zal krijgen in de toekomst. Daarom werken we nu al dagelijks aan de realisatie van de IAK-afspraken.”
Vanuit die gedachte stimuleert Almere alvast de oprichting van multisportverenigingen, om kinderen met zoveel mogelijk verschillende sporten kennis te laten maken zodat ze vroeg kunnen ontdekken waar hun talent ligt. Peeters: “Op het nog te realiseren Sportpark Buitenhout steunen we de oprichting van dergelijke verenigingen. Kinderen sporten dan niet alleen tijdens de gymles divers, maar ook buiten schooltijd en kunnen zo gemakkelijk switchen tussen sporten.”
Piramidevisie
Bij het stimuleren van talentontwikkeling en -herkenning wordt snel gedacht aan de stimulering van topsport. Ten onrechte, vindt Peeters. Hij verwijst naar de piramidevisie die aan de grondslag ligt van het sportbeleid in Almere Sport 2.0 en uit drie lagen bestaat. De visie start met talentherkenning op basisscholen onder professionele begeleiding van combinatiefunctionarissen, onder de noemer ‘De stad als speelveld’. De onderste en breedste laag wordt gevolgd door ‘De stad voor talent’ en ‘De stad die uitblinkt’.
“De piramide laat duidelijk zien dat talentontwikkeling ook breedtesport is”, aldus Peeters. “De basis is het stimuleren van sport en bewegen in de breedte, in de wijk en op sportverenigingen, zodat ongebonden en georganiseerde sport en daarmee laagdrempelige sportvoorzieningen in de openbare ruimte ontstaan. We willen graag een blijvende sportdeelname stimuleren.”
Volgens de wethouder komt talentontwikkeling- en herkenning in alle lagen van de piramide terug en worden relaties gelegd met gebieden als onderwijs, gezondheid en economie.
Wetenschap
Peeters is blij met de tijdig meegedeelde groeiopgave vanuit het Rijk. “Dat biedt ons de kans om vanaf de start een nieuwe sportinfrastructuur op te zetten. We kunnen derhalve pionieren en experimenteren.”
Zodoende is Almere druk bezig met het opzetten van projecten in het kader van talentontwikkeling en -herkenning. De gemeente werkt in het sportbeleid samen met meerdere partijen, waaronder het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, NOC*NSF, provincie Flevoland, Hogeschool van Arnhem Nijmegen (HAN), Rijksuniversiteit Groningen (RUG) en diverse lokale scholengemeenschappen, sportverenigingen en -organisaties.
In die samenwerkingen speelt wetenschap een belangrijke rol. “Wetenschap vind ik in mijn gehele wethoudersportefeuille erg belangrijk”, benadrukt Peeters. “We investeren veel in onderzoek en wetenschappers weten ons goed te vinden. Het is eigenlijk net als bij topsport; je kunt alleen winnen als je de nieuwste ontwikkelingen gebruikt.”
Peeters noemt als voorbeeld van een huidig project de ontwikkeling van het vierjarig promotieonderzoek op het gebied van sport- en beweegtalent, dat onder leiding staat van Marije Elferink-Gemser, lector Herkennen en Ontwikkelen van Sporttalent bij de HAN en tevens verbonden aan de RUG. Peeters: “Een ander streven is om samen met onze partners in Almere Poort nabij het Topsportcentrum een kenniscentrum op het gebied van talent te vestigen”.
Focussporten
Om gericht in talent te investeren zal Almere zich de komende jaren gaan focussen op enkele kernsporten, aldus Peeters. “We houden daarbij rekening met onder meer de al aanwezige voorzieningen.” Als voorbeelden noemt de wethouder duursporten (triatlon in het bijzonder), paardensport en badminton: de drie sporten met een regionaal topsportcentrumin Almere. “Verder investeren we in exceptionele individuele talenten.”
De wethouder benadrukt dat Almere op dit moment nagenoeg geen geld uitgeeft aan topsport. “We faciliteren topsport wel”, zegt Peeters, “maar financieren het niet. Daar hebben we onze lessen wel van geleerd, zoals met voetbalclub FC Omniworld in het verleden. We willen nu juist extra aandacht geven aan breedtesport en investeren in talentonderzoek, mankracht en playgrounds.”
In de komende jaren hoeft Peeters niet te vrezen dat het opzetten van de nieuwe sportinfrastructuur in Almere gehinderd wordt door geldgebrek. In april kende minister Melanie Schultz van Haegen van Infrastructuur en Milieu de stad 200 miljoen euro toe namens het Rijk - verdiend via grondverkoop - in het kader van de groeiopgave en te besteden aan sport, cultuur, leefbaarheid en onderwijs in Almere.
Icedôme
Maar naast financiële ondersteuning zijn goede sportaccommodaties net zo belangrijk voor de ontwikkeling van talent, bevestigt Peeters. Onvermijdelijk in die context is de huidige mediastorm rondom de Icedôme; het 185 miljoen euro kostende ijsstadion dat vanaf 2016 als (inter)nationaal ijssportcentrum het iconische Thialf moet vervangen. Peeters ziet de schaatsarena graag in zijn stad verrijzen.
“Het stadion past in onze nieuwe sportnota voor Almere, waarin het bieden van kansen aan plannen voor nieuwe sportaccommodaties is opgenomen, maar wel met als uitgangspunt dat de gemeente niet zelf initiatief neemt de accommodaties te realiseren en deze door private investeringen worden gefinancierd. De schaatsbaan kost de gemeente Almere niets”, zegt Peeters met klem. “Dit is een honderd procent private investering.”
Wel begrijpt Peeters de emotie rondom de eventuele verhuizing van het nationale schaatscentrum van Heerenveen naar Almere. “Natuurlijk. Ik zou dat ook hebben als ze bijvoorbeeld de Triatlon van Almere - ons paradepaardje - afpakten. Maar als er uiteindelijk een tender komt, is het logisch dat partijen rechtop gaan zitten, waaronder het consortium uit onze stad.”
Sentiment
Schaatsen is volgens de wethouder niet onlosmakelijk verbonden aan Friesland. “De centrale landsligging van Almere biedt meer Nederlanders de kans om te genieten van deze sport. Verder blijkt uit onderzoek dat de actiefste recreatieve schaatsers in ons omliggende provincies zitten, namelijk in Utrecht, Noord-Holland en Zuid-Holland.”
Bij de officiële aanbestedingsprocedure van NOC*NSF en de KNSB scoorde de Icedôme na beoordeling 79 punten, waar de ijsstadionvoorstellen van Heerenveen en Zoetermeer respectievelijk 49 en 56 punten kregen. Peeters: “Dat zijn dertig punten verschil en dan vind ik dat we niet moeten zeuren. Maar nogmaals, het sentiment snap ik.”
De Icedôme-plannen zijn begin juni officieel gepresenteerd. Wat verwacht Peeters nu? “Als je me het nu vraagt en alles op een rijtje zet, kan ik me niet voorstellen dat Almere straks niet wordt aangewezen als toekomstige locatie voor topschaatsen in Nederland. Maar we gaan zien hoe het afloopt. Als wethouder maak je wel eens rare dingen mee.”
Hoewel het ijsstadion geen gemeentegeld krijgt, verzekert de wethouder het consortium wel ‘rugwind’. “De Icedôme krijgt een topplek die we niet aan iedereen weggeven”, zegt Peeters over de geplande bouwlocatie langs de A6. “En we werken ook mee als er links of rechts een weg moet worden omgelegd.”
De plannen voor de schaatshal en het beleid van de gemeente op sportgebied versterken elkaar in de volle breedte, vindt Peeters. “Wij investeren in talentontwikkeling, daar gaan zij ook van profiteren. Daarnaast zouden zowel regionale, nationale en internationale talenten met de Icedôme een perfect trainings- en opleidingscentrum hebben.”
Voor meer informatie: Almere 2.0, thema sport en Almere, stad van talent (pdf)Deel dit bericht:
0 reacties
Nog geen reacties. Wees de eerste!
Voeg je reactie toe
Wij sturen jou één keer per week een e-mail met de belangrijkste opinies en artikelen van Sport Knowhow XL.