Go with Golazo
Sportknowhowxl
Home
Nieuws
Wat moet er gebeuren met het olympisch museum

Wat moet er gebeuren met het olympisch museum?

4 december 2014

Nieuws

door: Leo Aquina | 4 december 2014

Op 17 oktober sloot de Olympic Experience in het Olympisch Stadion zijn deuren. Daarmee raakte Nederland zijn enige museum voor olympisch sporterfgoed kwijt. Aan enthousiasme voor een dergelijk museum is nooit gebrek, wel aan middelen. “De essentie is toch dat iemand de rekening moet betalen”, zegt Geert Slot van NOC*NSF. Maarten Kievits van vastgoed-adviesbedrijf Fakton gelooft in een olympisch museum dat voor een groot deel overeind wordt gehouden door het bedrijfsleven. Wat zijn de mogelijkheden? Sport Knowhow XL maakte een rondje langs de velden.

XL41OlympicExperience_1De Olympic Experience sloot zijn deuren nadat NOC*NSF besloot haar bijdrage aan het Olympisch Stadion stop te zetten. “De Stichting Olympisch Stadion heeft als exploitant de conclusie getrokken dat ze nergens anders voldoende geld vandaan konden halen om het overeind te houden”, aldus Slot. NOC*NSF leverde de afgelopen negen jaar een financiële bijdrage aan het Olympisch Stadion. Waarom is dat stopgezet? Slot: “Het is in die negen jaar niet gelukt om genoeg partijen te interesseren en voldoende bezoekers te trekken. Er waren bijvoorbeeld plannen voor een museumwinkel en een museumcafé, maar dat is er op de een of andere manier nooit van gekomen. Als je een museum goed wil laten draaien moet je activiteiten eromheen hebben.”

'Jammer dat we er niets van wisten'
Manager sponsoring Ernst Boekhorst van ABN/AMRO is enthousiast over een nationaal olympisch museum. Het verbaast hem dat de financiële middelen daarvoor kennelijk niet te vinden waren. “Wat mij frappeert, is dat ik helemaal niet wist dat er zoiets als de Olympic Experience was. Hoewel er om dit soort projecten te realiseren natuurlijk veel meer nodig is dan alleen het onder de aandacht brengen bij bedrijven, is dat natuurlijk wel jammer. Ik denk dat men is vergeten om zoiets moois breder neer te zetten. Je moet kijken welke rol je bedrijven kunt toedichten en dan kijk ik verder dan alleen als sponsor of financier.”

Maarten Kievits van vastgoed-adviesbedrijf Fakton denkt dat er bij de Olympic Experience te veel is gekeken naar de publieke sector. “Ik pleit er juist voor om het bedrijfsleven de drijvende kracht te laten zijn achter een nieuw nationaal olympisch museum.” Volgens Kievits is het moeilijk om gebouwen met een maatschappelijke functie rendabel te krijgen.

“Dat wordt steeds vaker gecombineerd met commerciële functies. Je kunt denken aan een gebouw waarin naast het museum ook sportgerelateerde commerciële activiteiten worden gehuisvest en bijvoorbeeld horecagelegenheden.” Geert Slot van NOC*NSF is het met Kievits eens dat een olympisch museum op zichzelf niet rendabel te krijgen is. “Dat zien we ook op andere plekken in Europa waar wel dergelijke sportmusea bestaan. Het Duitse Sport & Olympia Museum is bijvoorbeeld gekoppeld aan de Sporthochschule in Keulen.”

Citroëngebouwen
Directeur sponsoring Mark Versteegen van KPN is net als zijn collega Boekhorst van ABN/AMRO enthousiast over een nationaal sportmuseum. Hij was zelf in het verleden als adviseur voor Van Dooren Advies betrokken bij de ontwikkeling van het Olympisch Stadion. Wat Versteegen betreft, is het Olympisch Stadion in Amsterdam de ideale locatie voor een nationaal sportmuseum. “De Citroëngebouwen voor het stadion zijn ook originele olympische locaties en die staan op dit moment te koop. Eigenlijk is nu dus het moment om te handelen.”

XL41OlympicExperience_2Geert Slot ziet voor- en nadelen. “Aan de ene kant is een logische plek voor een dergelijk museum bij de sporters en dan moet je denken aan Papendal. Aan de andere kant is Amsterdam ook wel heel logisch. Door de ramen van het museum uitkijken op het Olympisch Stadion is natuurlijk perfect. Maar het gebouw zal nooit exploitabel worden. Die Citroëngebouwen zijn best groot en zelfs als je daar de volledige erfgoedcollectie van NOC*NSF in zet, houd je ruimte over. Je moet dus kijken hoe je daar invulling aan geeft. Uit de museumbranche horen wij dat je toch zeker 80.000 bezoekers per jaar nodig hebt als je echt winstgevend wil worden. Bij de Olympic Experience waren dat er tot nu toe ongeveer 10.000.”

Te laat
Kievits zag de Citroëngebouwen ook als een mogelijke locatie en belde - voor hij de contouren van zijn plan in een column voor de website van zijn bedrijf verwerkte - met DTZ Zadelhoff, de partij die de gebouwen verkoopt. “Ik begreep dat ze al heel ver zijn in hun gesprekken met potentiële kopers. Waarschijnlijk is het voor het eind van dit jaar al rond en ik verwacht eerlijk gezegd niet dat de partijen die de gebouwen overnemen iets van plan zijn met sport.”

"Ik hoop dat er een creatieve vastgoedontwikkelaar opstaat"

Als het aan Kievits ligt, is het Olympisch Stadion niet de enige potentiële locatie. “Ik denk dat je de discussie over de locatie niet te groot moet maken. Dat zag je ook gebeuren bij het Olympisch Plan 2028, toen er een concurrentiestrijd ontstond tussen Amsterdam en Rotterdam. De vraag is of dat helpt. Ik hoop dat er een creatieve vastgoedontwikkelaar opstaat die partijen om de tafel krijgt om een integraal (sport)concept met een goede business case op te zetten. Dat kan op meerdere plekken.”

Joop van den Ende
Voor zo’n goede business case is het volgens Ernst Boekhorst essentieel dat er partijen met ervaring in de entertainmentwereld aanschuiven. “Je wil een plek creëren waar toeristen naartoe komen, dat moet je laten doen door mensen die daar verstand van hebben. Je moet op zoek naar de expertise bij mensen als Joop van den Ende, John de Mol of Reinout Oerlemans en bedrijven als de Efteling en Duinrell, mensen en bedrijven met een bewezen track record hebben op dat gebied. Je moet ook leren van de verkeerde voorbeelden. We hebben een Ajax-museum gehad waarvan je toch dacht dat het op een toplocatie zat. Dat heeft uiteindelijk ook zijn deuren moeten sluiten.”

"Je moet praten met mensen uit de museumwereld die ervaring op dit vlak hebben"

“Ernst Boekhorst slaat de spijker op de kop”, zegt Geert Slot. “Ik denk dat een dergelijke partij moet meedenken over de manier waarop je mensen naar een dergelijk museum kan krijgen. Daarnaast denk ik ook dat je moet praten met mensen uit de museumwereld, die ervaring op dit vlak hebben. Als NOC*NSF doen we dat ook wel. Ik ben bijvoorbeeld laatst op bezoek geweest bij het Muiderslot om te zien hoe zij een concept hebben neergezet dat alle leeftijden aanspreekt.”

Virtueel museum
Wat is NOC*NSF concreet van plan met het olympisch erfgoed nu de Olympic Experience ter ziele is? “We zijn zelf geen museum, maar we willen die erfenis wel weer meer naar ons toetrekken. We willen de kracht van die ringen in blijven zetten en we beschouwen het ook als onze plicht om het olympisch erfgoed aan het publiek te laten zien. We zijn als het gaat om te ontsluiting van onze collectie op dit moment actiever dan ooit. We krijgen nog altijd veel spullen van oud-sporters en hun erfgenamen. Dat tonen we digitaal, maar in samenwerking met musea stellen we het ook tentoon aan het publiek."

Zo waren in Utrecht bij een eerdere tentoonstelling over 'goud' diverse medailles te zien en bij een tentoonstelling in het Utrechts Archief stelde NOC*NSF spullen van Anton Geesink tentoon. "Door de sluiting van de Olympic Exprience is er ruimte gekomen om weer echt goed na te denken over de ontsluiting van onze collectie. Als het gaat om plannen voor een fysiek museum, maken we nu even pas op de plaats om ons goed te oriënteren, en als er partijen zijn die die handschoen op willen nemen, is dat hartstikke mooi.”

Lees ook het artikel van Maarten Kievits

Deel dit bericht:

0 reacties

Nog geen reacties. Wees de eerste!

Voeg je reactie toe

Meer over:

Blijf op de hoogte

Wij sturen jou één keer per week een e-mail met de 
belangrijkste opinies en artikelen van Sport Knowhow XL.