Go with Golazo
Sportknowhowxl
Home
Nieuws
Verenigingen worden ingedeeld om ze beter te ondersteunen

Verenigingen worden ‘ingedeeld’ om ze beter te ondersteunen

9 juni 2011

Nieuws

door: Leo Aquina | 9 juni 2011

De Nederlandse Sport Alliantie organiseerde op dinsdag 31 mei in Stadion Feijenoord een congres onder de titel ‘Segmenteren van Sportverenigingen’. “Als organisatie ondersteunen wij sportverenigingen via gemeentelijke sportloketten, provinciale sportraden en bonden. Daar komen wij dit onderwerp regelmatig tegen”, vertelt Peter van Diermen van NSA. Op het congres bleek dat het leeft bij de ruim zestig vertegenwoordigers van diverse gemeenten.

“Bij segmenteren van verenigingen gaat het om het indelen van verenigingen op basis van criteria om verenigingsondersteuning zodanig aan de verenigingen te kunnen koppelen dat de kans van slagen wordt verhoogd”, legt van Diermen uit. Dat kan op verschillende gebieden: naar grootte, geografisch, binnen- of buitensport, enzovoort. Op het NSA-congres kwam vooral het segmenteren op basis van vitaliteit aan de orde. Van Diermen noemt een voorbeeld uit de praktijk. “Een paar jaar terug hebben we een vereniging ondersteund die eigenlijk ten dode was opgeschreven. Daar is destijds veel geld ingestoken en je moet je afvragen of dat wel zo’n goed idee is als de kans op mislukken grenst aan honderd procent. Indertijd werd dat geld erin gestoken omdat het gevoelig lag en de politiek vond dat er in de betreffende wijk iets moest gebeuren. Nu zou je op basis van een vitaliteitsonderzoek geen geld in een dergelijke vereniging investeren. Je kunt het niet verantwoorden om veertigduizend euro in een vereniging te stoppen zonder enige kans van slagen.”

Bezuinigingen
Het verantwoorden van uitgaven wordt steeds belangrijker. Rik Verelzen van de Vereniging
Sport en Gemeenten (VSG) besteedde als een van de inleiders op het congres aandacht aan de bezuinigingen na de gemeenteraadsverkiezingen als opmaat voor gemeenten om te kiezen voor segmenteren. “Het is een instrument om met de beperkter wordende middelen een goede keuze te maken”, aldus Van Diermen. De sportwereld prijst zich gelukkig dat sport in de meeste gemeenten niet het grootste slachtoffer van de bezuinigingen is, maar in veel gevallen wordt ook in de sport de broekriem aangehaald. “Het wisselt per gemeente”, zegt Van Diermen. “Je merkt dat er vooral wordt gekort op accommodaties (uitstel van nieuwbouw en onderhoud), sportstimulering en dat vaak de kaasschaaf wordt gehanteerd als het gaat om het ondersteunen van sportverenigingen.”

Is er met de slinkende budgetten in de sportsector nog wel financiële ruimte voor vitaliteitsonderzoeken op basis waarvan gemeenten kunnen segmenteren? “Dat kan inderdaad een probleem zijn”, aldus Van Diermen. Tijdens de rondetafelgesprekken zaten bij mij aan tafel drie gemeenten die graag wilden segmenteren, maar er eigenlijk geen budget voor hadden. Dan zie je de meerwaarde van zo’n congres. Als die gemeenten de handen ineen slaan en met zijn drieën de ontwikkeling van het onderzoek oppakken, is het misschien wel haalbaar. Het blijft natuurlijk de vraag of je er verstandig aan doet dure onderzoeken op te starten. Je kunt ook kiezen voor een praktische indeling waarmee je snel aan de slag kunt.”

Voortrekkersrol Rotterdam
Rotterdam loopt voorop als het gaat om segmenteren. “Daar verwachten ze wel dat de investering zich gaat terug betalen”, aldus Van Diermen. Directeur Gert-Jan Lammens en projectleider Liesbeth van der Meer van Rotterdam Sportsupport gaven op het congres een presentatie over de manier waarop zij de Rotterdamse verenigingen hebben ingedeeld. Er zijn drie categorieën, van niet-vitaal tot vitaal en maatschappelijk actief. Analoog aan het Rotterdamse voorbeeld kun je bijna alle sportverenigingen categoriseren. Van Diermen: “Ongeveer vijftien procent valt op als niet-vitaal. Die verenigingen kampen met dalende ledentallen of hebben financiële problemen. Vijftien procent steekt er bovenuit. Dat zijn heel vitale verenigingen die maatschappelijke activiteiten ontplooien, en zeventig procent zit er tussenin. Die eerste twee groepen krijgen vaak voldoende aandacht, de onderste categorie vanwege problemen en de bovenste categorie omdat zij zichzelf profileren. Juist in die middengroep kun je veel winst boeken met gerichte verenigingsondersteuning.”

Rotterdam geldt voor andere gemeenten als voorbeeld, maar iedere gemeente heeft zijn eigen specifieke kenmerken. Toch wordt er op het congres overwegend positief gereageerd op de vraag of er behoefte is aan een standaardmethode om te segmenteren. Het W.J.H. Mulier Instituut, de VSG en in mindere mate NOC*NSF worden genoemd als organisaties die zo’n methode gezamenlijk zouden kunnen ontwikkelen. “De Nederlandse Sport Alliantie draagt hier uiteraard graag aan bij met haar expertise”, aldus Van Diermen. “Natuurlijk hebben we dit onderwerp niet voor niets op de agenda gezet. Eind juni zijn de resultaten van het congres als rapport in een download-versie beschikbaar op onze website. Dat is een mooie basis om op voort te borduren.”

Voor meer informatie: www.sportalliantie.nl

Deel dit bericht:

0 reacties

Nog geen reacties. Wees de eerste!

Voeg je reactie toe

Meer over:

Blijf op de hoogte

Wij sturen jou één keer per week een e-mail met de 
belangrijkste opinies en artikelen van Sport Knowhow XL.