door: Thomas van Zijl | 15 december 2011
Het is niet altijd gemakkelijk om verschillende bevolkingsgroepen op een ongedwongen manier samen te brengen. Stijn Verhagen - lector Participatie en Maatschappelijke Ontwikkeling - ziet voor sportclubs een belangrijke rol weggelegd om daar verandering in te brengen. Voetbalverenigingen Zwaluwen Utrecht 1911 en VV De Meern plukken nu al de vruchten van het project ‘Verbinden door voetbal’. 
Dat het belangrijk is zoveel mogelijk mensen te laten deelnemen aan de samenleving is een wijdverspreid inzicht. Lector Stijn Verhagen probeert met zijn onderzoeksgroep aan de Hogeschool Utrecht te achterhalen aan welke randvoorwaarden voldoen moet worden om dat ook te realiseren. “Er zijn verschillende verklaringen aan te voeren waarom participatie niet altijd vanzelfsprekend is, denk bijvoorbeeld aan het hebben van schulden of laaggeletterdheid. Met projecten die daar iets aan doen proberen we drempels weg te nemen.”
Sport is voor Verhagen een voor de hand liggend terrein om bij zijn onderzoek te betrekken, zeker in een tijd waarin bevolkingsgroepen soms tegenover elkaar (lijken te) staan. “Om verschillen te overbruggen zien we vaak initiatieven om mensen – meestal eenmalig – met elkaar samen te brengen. Dat zijn evenementen die heel nadrukkelijk met dát thema bezig zijn. Onze aanpak is om er juist géén extra aandacht aan te zijn. Op een voetbalclub komen mensen óók samen. Niet in de eerste plaats om met elkaar kennis te maken, maar omdat ze een
gezamenlijke passie delen. Dat is heel ander uitgangspunt.”
Toch is de gezamenlijke hobby alleen niet voldoende om bevolkingsgroepen met elkaar te overbruggen. Tot die conclusie kwamen ook Zwaluwen 1911 en VV De Meern, dus klopten zij bij Verhagen aan. “Beide clubs gaven aan Fair Play belangrijk te vinden, maar er in de praktijk geen mankracht voor te hebben om er extra aandacht aan te geven. Wij startten in samenwerking met de stichting Positief Coachen het positief coachen traject, organiseerden de Fair Play Cup en lieten studenten er een maatschappelijke stage lopen, zodat ook het vrijwilligerstekort een minder nijpend probleem werd.”
Daarmee wil Verhagen overigens niet zeggen dat de problemen als sneeuw voor de zon verdwenen. Zijn onderzoek heeft een lange adem nodig en leidt ook niet automatisch tot het gewenste resultaat. “Ik wil af van
feel good projecten waarbij je bejubeld voordat je goed en wel begonnen bent, alleen al vanwege de aandacht voor een bepaald onderwerp. We streven naar vooruitgang, maar positieve effecten zijn moeilijk meetbaar. Zeker op de korte termijn die bestuurders vaak voor ogen hebben.”
Bij Zwaluwen Utrecht 1911 ziet de lector wel duidelijke vooruitgang. Drie jaar geleden werd een nulmeting uitgevoerd. Daaruit bleek dat sfeer, sportiviteit en omgang tussen allochtone en autochtone leden binnen de vereniging met een 6.5 werden beoordeeld. Nu komt de score een vol punt hoger uit. Voor Verhagen is het geen reden om het project ‘Verbinden door Voetbal’ groots uit te rollen. “Daarin schuilt een gevaar. Iedere club heeft andere behoeften en problemen en dus ook andere oplossingen nodig. Het is belangrijk om voor iedere club een eigen diagnose te stellen, dan te bepalen welke interventie daarbij past en vervolgens te onderzoeken of dat ook het gewenste resultaat oplevert. Een algemene aanpak levert waarschijnlijk minder op.”
Toch gaat Verhagen – wiens lectoraat onlangs met een tweede termijn van vier jaar verlengd is – naar alle waarschijnlijkheid wel proberen om een grotere samenwerking tussen Utrechtse voetbalclubs tot stand te brengen. Binnen het project de Vitale Vereniging werkt hij samen met verschillende partijen. “FC Utrecht doet mee, omdat van die club een voorbeeldfunctie uit kan gaan door het geven van clinics. De KNVB is een andere partij, die scheidsrechterscursussen kan verzorgen. Het departement Bestuurs- en Organisatiewetenschap van de Universiteit Utrecht hebben we gevraagd omdat kennisdeling tussen de deelnemende verenigingen heel belangrijk is. Clubs hebben recht op en baat bij hun eigen aanpak, maar kunnen elkaar wel verder helpen.”
Voor meer informatie: www.stijnverhagen.nl