door: Leo Aquina | 10 april 2013
Begin maart stemde de Algemene Ledenvergadering van hockeyclub Laren - voluit de Larensche Mixed Hockey Club - met een krappe meerderheid in met een eenmalige contributieverhoging van in totaal tweehonderd euro per lid. Hiermee moest de club een acuut liquiditeitsprobleem van 300.000 euro oplossen. Er was veel protest en de vraag rees of de club zijn leden die extra verplichting zomaar kon opleggen. Voorzitter Micky Adriaansens zegt van wel, advocaat Middendorf denkt van niet. Inmiddels heeft een aantal vermogende leden de club een kortlopende lening verstrekt. “Daardoor hebben we iets meer lucht om te zoeken naar een oplossing”, aldus Adriaansens. 
Naast het liquiditeitsprobleem van drie ton heeft Hockeyclub Laren ook een schuld van 800.000 euro bij de ABN Amro-bank. Adriaansens weerspreekt berichten dat de bank Laren een deel van die schuld heeft kwijtgescholden: “We zijn met alle stakeholders in gesprek over een oplossing. Een herstructurering van ons krediet bij de bank maakt daar deel vanuit, net als een bijdrage van de gemeente en de eenmalige contributieverhoging.”
'Keurig beschreven in statuten'
Advocaat Rutger Middendorf schreef dinsdag jl.
op Sport Knowhow XL dat er geen statutaire grondslag is voor het besluit tot een extra financiële verplichting. Volgens Middendorf is het besluit derhalve nietig, ook al is het door een meerderheid van de leden aangenomen.
“Wat de heer Middendorf beweert, is niet correct”, reageert Adriaansens. “Het staat allemaal keurig beschreven in de statuten. De ledenvergadering kan zo’n besluit nemen. Als leden het er niet mee eens zijn, kunnen zij binnen een maand na het besluit hun lidmaatschap opzeggen en dat hebben sommige leden ook gedaan. Er is een coulancecommissie ingesteld die adviezen heeft gedaan om het besluit tot eenmalige contributieverhoging rechtvaardig uit te voeren. Het bedrag is opgesplitst in twee maal honderd euro. Leden betalen de eerste honderd euro onvoorwaardelijk en de tweede honderd euro is een bedrag dat wordt terugbetaald als de middelen het toelaten. Leden krijgen die tweede honderd euro in ieder geval terug als zij hun lidmaatschap opzeggen. Met name die tweede honderd euro proberen we op allerlei manieren anders te regelen. Het kan zijn dat een aantal mensen een hoger bedrag betaalt, waardoor anderen minder hoeven te betalen. Leden die een lagere contributie hebben - zoals trimhockeyers - betalen de bijdrage overigens naar rato. Daarnaast kijken we ook naar draagkracht en treffen regelingen voor mensen die het moeilijk kunnen opbrengen.”
Desgevraagd blijft ook Rutger Middendorf bij zijn standpunt: "Op de
site van hockeyclub Laren wordt in meerdere artikelen gesproken over 'een eenmalige bijdrage voor de club'. De terminologie van Adriaansens 'eenmalige contributieverhoging' is in dat kader niet juist. Bedoeld is een eenmalige bijdrage. Artikel 8 van de statuten van Laren luidt als volgt:
'De leden van de Vereniging zijn verplicht telkenjare een zodanig contributie in de kas van de Vereniging te storten als de Algemene Vergadering van tijd tot tijd zal bepalen.'"Hier is met name 'telkenjare' van belang. Dat is éénmaal per jaar. Kortom, de ALV bepaalt 'van tijd tot tijd' de contributie zoals die in een bepaald jaar zal gelden; 'van tijd tot tijd' betekent bij gelegenheid, bij tussenpozen, et cetera, maar telkenjare is doorslaggevend, want van belang is hoe de leden deze bepaling begrijpen: 'De leden zijn ieder jaar verplicht een zodanig contributie te betalen als door de ALV wordt vastgesteld'."
Volgens Middendorf mag er dan ook geen misverstand bestaan. Hij vervolgt: "De wet bepaalt dat er voor iedere verbintenis die aan de leden wordt opgelegd, een statutaire grondslag moet zijn. De statuten bevatten een grondslag voor de betaling van contributie, die, kort gezegd, van jaar tot jaar geldt. De hiervoor geciteerde bepaling in de statuten van Laren is geen grondslag om aan de leden de verplichting op te leggen om een 'eenmalige bijdrage' te betalen. En de statuten bevatten geen andere bepalingen op dit punt. Volgens het nieuwsbericht van 13 maart op de site van Laren is er een coulancecommissie ingesteld die de uitvoering van de besluiten van 3 maart beoordeelt. En verder is al vast komen te staan dat (voorlopig) niet tot incasso wordt overgegaan. Maar dat doet niets af aan het feit dat het besluit tot een eenmalige bijdrage geen statutaire grondslag heeft. De stelling 'Dat staat allemaal keurig beschreven in de statuten' is dus niet juist."
Middendorf benadrukt dat de meningen over de interpretatie kunnen verschillen. Niettemin besluit hij met: "Als er leden zouden zijn die het besluit willen aanvechten, dan zou ik hen van harte willen bijstaan."
Kortlopende leningVooralsnog wordt de eenmalige contributieverhoging dus nog niet geïnd. “We hebben op maandag 31 maart een kritische maar constructieve ledenvergadering gehad waarop leden zelf ook allerlei oplossingsrichtingen hebben aangedragen”, aldus Adriaansens. “Een aantal leden heeft een kortlopende lening ter beschikking gesteld, waardoor we wat meer tijd hebben gekregen om goede alternatieve oplossingen te bedenken. We zijn op dit moment druk in gesprek met de verschillende stakeholders en ik kan niet op de uitkomsten vooruitlopen.” Duidelijk is wel dat de bank, de gemeente en de leden een bijdrage moeten leveren om de club weer gezond te krijgen.
Te laat geanticipeerd?Waar komen de financiële problemen bij Hockeyclub Laren vandaan? “Dat heeft verschillende oorzaken. We hebben al een aantal jaren last van een liquiditeitsprobleem. Dat heeft onder meer te maken met een fiscale claim uit het verleden van € 250.000 en sponsors die afspraken niet zijn nagekomen. Die fiscale kwestie hebben we opgelost, maar dat konden we niet doen vanuit onze lopende begroting. Daarnaast ziet de sponsormarkt er tegenwoordig ook anders uit dan een aantal jaren geleden. Dat heeft ook te maken met de economische situatie.” Heeft Hockeyclub Laren dan te laat geanticipeerd op de economische crisis? Adriaansens: “De impact van de economische crisis verrast vele organisaties en bedrijven; zo ook Laren. Alle bestuurders die er voor ons waren (Adriaansens is sinds juli 2012 voorzitter, red.) hebben ingespeeld op de veranderingen en keihard gewerkt om de vereniging aan te passen, maar de veranderingen gaan gewoon erg snel.”
Terug naar vrijwilligersKan de club in die huidige veel krappere sponsormarkt nog overleven? “Je ziet in de hele maatschappij dat we zuiniger om moeten gaan met de middelen. Dat betekent dat meer vrijwilligers worden betrokken, mensen die onbetaald een bijdrage leveren aan de vereniging. In het verleden waren er ook geen betaalde krachten bij verenigingen. Ik denk dat we daar met zijn allen een beetje naar terug moeten.”
Adriaansens heeft er vertrouwen in dat de gesprekken met de gemeente, de bank en de leden zullen leiden tot een oplossing ten aanzien van het liquiditeitsprobleem en de bankschuld. Kan de club daarna verder op basis van de huidige inkomsten? “We kunnen de club - met een bezuiniging hier en daar - goed draaiend houden op basis van de huidige contributie. Voor grote investeringen, zoals bijvoorbeeld nieuwe velden, hebben we extra financiering nodig. De hoofdklasseteams financieren we niet vanuit de contributie. Dat doen we op basis van sponsoring en het komend jaar is daar voldoende zicht op.”