Go with Golazo
Sportknowhowxl
Home
Nieuws
Tweede kamerlid mohandis koopt weinig voor goede intenties

Tweede Kamerlid Mohandis koopt weinig voor goede intenties

19 december 2024

Nieuws

door: Leo Aquina | 19 december 2024

“Dit kabinet is geen grote vriend van de sportsector”, zegt Mohammed Mohandis. Als woordvoerder sport van Groen Links/PvdA en voorzitter van de vaste commissie voor Volksgezondheid, Welzijn en Sport in de Tweede Kamer, kruiste hij begin december voor het eerst de degens met het staatsecretaris Vincent Karremans (VVD) in het sportdebat. Vrolijk werd Mohandis er niet van: “Ik koop weinig voor goede intenties. Dit kabinet investeert niet in sport. Sterker nog, er wordt geld weggehaald.” Als het aan Mohandis ligt, gaat de sportbegroting van de huidige 450 miljoen euro naar een miljard. Lichtpuntje in het sportdebat was volgens Mohandis het feit dat de staatssecretaris - in tegenstelling tot het voorgaande kabinet - bereid is onderzoek te doen naar een sportwet.

XL41MohammedMohandisSport was in het verleden veelal een onderwerp waar politiek rechts zich op profileerde, maar Mohammed Mohandis vindt het zeker geen exclusief rechts thema, integendeel. “Veel mensen associëren sport met topsport, commercie, winst-verlies en dat heeft allemaal een wat rechtser karakter, maar ik durf de stelling wel aan dat wij de afgelopen jaren steeds meer in beeld komen als het over sport gaat. Maar dan wel vanuit de maatschappelijke invalshoek omdat sport meer is dan alleen gewin. Wij onderkennen hoe belangrijk sport is als, zoals ik het zelf altijd noem, het cement van de samenleving. Naast het sociale aspect, kunnen we met sport enorme gezondheidswinst boeken en dat kan de maatschappij veel geld opleveren als het gaat om zorgkosten. Bovendien zijn sport en cultuur een belangrijke springplank om talenten verder te ontwikkelen en om iedereen in Nederland een kans te geven zijn of haar talent te ontdekken. Het is onmisbaar om de toekomstige Wesley Sneijders een kans te geven.”

Trapveldje in Gouda
Mohandis’ eigen politieke wortels liggen precies op dat raakvlak tussen sport en samenleving. “Ik kon aardig zaalvoetballen”, vertelt hij. “Ik heb in de zaal zelfs op hoofdklasseniveau toernooien gespeeld, maar je wordt niet zomaar een nieuwe Sneijder. Ik kwam er al snel achter dat er heel veel talentvolle voetballers rondlopen op straten en pleintjes en ik kwam er rond mijn zestiende achter dat ik het leuk vond om een vertegenwoordigende rol te spelen in mijn wijk.”

“Sport is van de samenleving en niet van de overheid. Maar de overheid speelt wel een belangrijke rol als facilitator"

Niet toevallig ging Mohandis eerste politieke actie over sport. Hij vertelt: “Wij wilden een trapveldje waar ik woonde, omdat we vonden dat we op die manier minder herrie zouden veroorzaken in de buurt, dus ik sprak wethouders en raadsleden aan. Dat contact bleef en ik kwam steeds vaker in zaaltjes om te vertellen wat belangrijk was voor jongeren, waarom speelplekken en buurthuizen toegankelijk moeten zijn. Zo ben ik de politiek ingerold en in 2006 werd ik op mijn twintigste in Gouda gekozen tot raadslid. In 2008 mocht ik dat trapveldje openen als raadslid en het ligt er nog altijd, al gebied de eerlijkheid te zeggen dat het inmiddels wel een opknapbeurt kan gebruiken.”

Dat opknappen van een trapveldje is volgens Mohandis op zijn minst voor een deel de verantwoordelijkheid van de overheid. “Sport is van de samenleving en niet van de overheid”, legt hij uit, “maar de overheid speelt wel een belangrijke rol als facilitator. Als er afspraken worden gemaakt over nieuwbouw moet je garanties inbouwen voor sport en bewegen. Dat kun je niet alleen aan de samenleving overlaten, en al helemaal niet aan het bedrijfsleven, want openbare ruimte is schaars en het economisch belang wint vaak.”

XL41MohammedMohandis-2

Mohandis noemt meer voorbeelden: “Je moet er als overheid ook voor zorgen dat er geen financiële drempels zijn waardoor mensen niet kunnen sporten. Daarnaast heb je de overheid nodig als het gaat om accommodaties. Als de overheid accommodaties niet zou subsidiëren, kun je vergeten dat de sport toegankelijk is voor iedereen. Als we vinden dat alle kinderen in Nederland een zwemdiploma moeten halen, moet het aantal beschikbare zwembaden mee met de bevolkingsgroei. Ook dat kun je niet aan de samenleving overlaten. Natuurlijk kun je niet stellen dat de overheid voor alles verantwoordelijk is, dat zou een grote miskenning zijn voor alle vrijwilligers en de structuur die de Nederlandse sport overeind houdt, maar de overheid heeft wel een rol. Niet voor niets pleit NOC*NSF voor een sport- en beweegnorm in de openbare ruimte, en pleit de KNVB voor een sportwet. Ik vind dat de overheid die verantwoordelijkheid op dit moment onvoldoende pakt.”

Perverse manier van financieren
Op dit moment wordt de Nederlandse sport voor een groot deel gefinancierd vanuit loterij-inkomsten. Dat is Mohandis een doorn in het oog. “Ik snap wel hoe het ooit is ontstaan, maar het is een perverse manier om sport te financieren. Bij de totstandkoming van de coalitie zaten onderhandelaars aan tafel die niet eens wisten dat je de sport benadeelt als je de kansspelbelasting verhoogt. Dat ís natuurlijk ook raar. Als we sport echt belangrijk vinden, moeten we af van dat soort rare constructen.” Hoe moet het dan wel? Mohandis: “Je moet toe naar een soort basisbudget zoals dat er ook is in de cultuursector. Dat wordt elke vier jaar verdeeld over een aantal instellingen. Dat kun je in de sport ook doen. Het kan zijn dat het dan via NOC*NSF gaat, maar het kan ook op andere manieren.” Als het aan Mohandis ligt, komt er voor de sport net als voor de cultuursector een duidelijke verdeling tussen rijk, provincie en gemeente waar het gaat om de financiering van sport en dat moet ook op hoofdlijnen worden vastgelegd in een sportwet.

"Nadeel van die Sportakkoorden is dat er veel overlegtafeltjes ontstaan en veel bureaucratie. Daar blijft veel geld hangen en dat geld komt niet terecht in de sport"

Uitknijpen van schaarste
In tegenstelling tot de cultuursector is er als het gaat om sport wettelijk geen enkele overheidsverplichting. Wel hebben de voorgaande kabinetten met Sportakkoorden geprobeerd enige sturing te geven aan het sportbeleid. Hoe kijkt Mohandis daar tegenaan? “Die Sportakkoorden dragen eraan bij dat sportbeleid serieus wordt genomen, dat gemeenten nadenken over deelname, accommodaties, toegankelijkheid en financiering. Er gaat dus wel een positieve werking vanuit, maar je moet je afvragen of je het tot in de eeuwigheid wil voortzetten. Nadeel van die Sportakkoorden is dat er veel overlegtafeltjes ontstaan en veel bureaucratie. Daar blijft veel geld hangen en dat geld komt niet terecht in de sport. Die sportakkoorden worden nu uitgeknepen en dat is het uitknijpen van schaarste. Eigenlijk wordt deze discussie pas weer relevant als we anders naar de financiering kijken, maar nu praten we alleen maar over minder geld voor de sport. Dat is een heel ander debat dan waarop ik had gehoopt.”

XL41MohammedMohandis-3Juist als het om die financiering gaat, is een sportwet volgens Mohandis onmisbaar. Gemeenten zijn als subsidiegevers voor accommodaties verreweg de grootste financier van de sportsector in Nederland, met een nettobedrag van 1,2 miljard euro, getuige de Monitor sportuitgaven gemeenten 2022 van het Mulier Instituut. Als de gemeentelijke budgetten onder druk komen te staan, dreigt sport het kind van de rekening te worden. Mohandis legt uit: “De gemeente heeft wettelijke verplichtingen. Twee jaar geleden heb ik bijvoorbeeld het initiatief genomen om de bibliotheek onder de zorgplicht te laten vallen. Dat zijn de gemeenten nu dus verplicht, net zoals ze rijksmonumenten moeten onderhouden en ze zorg moeten dragen voor een cultuuraanbod. Op sportgebied zijn er geen verplichtingen. Welke rem hebben de Kamer, de staatssecretaris of het kabinet om te zorgen dat er niet nog veel meer sportvoorzieningen verloren gaan omdat gemeenten het niet meer kunnen betalen? Ik weet dat er gelukkig wethouders zijn die echt tot het gaatje gaan om zwembaden in de gemeente te behouden, maar ik zie ook hoe nijpend de budgetten zijn.”

Sportwet
De Nederlandse Sportraad kwam al in 2020 met het rapport ‘De opstelling op het speelveld’ waarin werd gepleit voor een sportwet. Na aanvankelijk positieve reacties, werd dat idee door de vorige Tweede Kamer tot 2026 in de ijskast gezet, maar staatssecretaris Karremans liet weten er toch eerder naar te willen kijken. Mohandis: “De staatsecretaris is er door de Kamer van overtuigd dat een sport- en beweegwet noodzakelijk is om een gelijk speelveld te creëren voor de gemeenten en voor de zomer komt hij met de contouren, waarin hij op mijn aandringen ook de zorgplicht voor het zwembad meeneemt. Het hoeft technisch helemaal geen ingewikkelde wet te zijn, je kunt het in de vorm van een rompwet gieten, waarin je de basis neerzet door een aantal functies en doelstellingen te beschrijven zonder het tot in detail in te vullen.”

"Ik vind dat er veel meer nodig is. Als we nog eens 600 miljoen euro zouden investeren, dan hebben we in totaal een miljard euro"

Sportwet of niet, uiteindelijk gaat het ook om geld en daarvan wordt op dit moment volgens Mohandis sowieso te weinig gereserveerd voor sport. “Op dit moment gaat het om zo’n 400 à 450 miljoen euro, maar daar zitten ook subsidies bij voor bijvoorbeeld kennis en innovatie en de dopingautoriteit. Lang niet al dat geld gaat ook direct naar de sport zelf. Ik vind dat er veel meer nodig is. Als we nog eens 600 miljoen euro zouden investeren, dan hebben we in totaal een miljard euro. Naast alle maatschappelijke waarde die sport al heeft, zorg je daarmee ook nog eens voor een enorme gezondheidswinst, dat is in legio onderzoeken aangetoond. Meer bewegen op jonge leeftijd, druk op termijn de zorgkosten voor de samenleving. Die businesscase moeten we echt eens aandurven: nu die een miljard naar sport en dan over tien jaar zien of een gezondere samenleving ook echt in zorgkosten wordt uitgedrukt.”

Voor meer informatie: profiel Mohammed Mohandis

Deel dit bericht:

0 reacties

Nog geen reacties. Wees de eerste!

Voeg je reactie toe

Meer over:

Blijf op de hoogte

Wij sturen jou één keer per twee weken een e-mail met de 
belangrijkste opinies en artikelen van Sport Knowhow XL.