"De tranen van Kirsty Coventry illustreren haar onmacht om moreel leiderschap uit te oefenen binnen de archaïsche IOC-regels die uit een andere eeuw stammen," zegt sportfilosoof Sandra Meeuwsen. Hoezeer de IOC-voorzitter zich ook vastklampt aan 'Rule 50', die voorschrijft dat er op de Olympische Spelen geen plaats is voor politieke uitingen, het lukt haar niet de olympische bubbel te vrijwaren van politiek beladen discussies. Als de sport er niet in slaagt een nieuwe verhouding te vinden ten opzichte van het publieke politieke domein, verliezen de instituties volgens Meeuwsen hun legitimiteit.
19 februari 2026
Nieuws
De Amerikaanse vicepresident J.D. Vance zit op de tribune, maar de Oekraïense skeletonner Vladyslav Heraskevytsj wordt geschorst omdat hij in de oorlog met Rusland omgekomen collega-sporters wil eren met afbeeldingen op zijn helm. Kirsty Coventry was in tranen nadat zij er niet in was geslaagd Heraskevytsj op andere gedachten te brengen. Waarom beschouwt het IOC het bezoek van Vance niet als politiek en schieten ze bij de Oekraïense helm in een kramp? Meeuwsen: "Het interpreteren van Rule 50 is op zichzelf al politiek."
"Natuurlijk wil je geen spandoeken van politieke partijen langs de schaatsbaan in Milaan"
Sandra Meeuwsen
Meeuwsen grijpt terug op de oude Griekse filosoof Aristoteles. "Als wij het woord politiek gebruiken, hebben we het meestal over partijpolitiek", legt Meeuwsen uit. "En natuurlijk wil je geen spandoeken van politieke partijen langs de schaatsbaan in Milaan, maar politiek is niet alleen die technocratische kant. Politiek is ook het brede publieke domein, de samenleving waarin we de zaken van de dag met elkaar bespreken en onszelf een mening vormen over de manier waarop we ons tot elkaar moeten verhouden. Dat publiek-politieke domein vind je bijvoorbeeld binnen de prachtige verenigingsstructuur die we in Nederland kennen. Bij Aristoteles is moraliteit de basis van politiek verkeer. Dat begint bij je familie, dat gaat door in bredere maatschappelijke verbanden zoals verenigingen, en uiteindelijk krijgt het vorm in de (politieke) instituties die we kennen. Bij Aristoteles was dat de polis, ofwel stadstaat. In onze internationale sport is het IOC die polis."
Sandra Meeuwsen
Volgens Meeuwsen maakt ook het sportveld deel uit van het politiek publieke domein: "Sport is niet de bubbel waarin we met elkaar kunnen doen alsof de rest van de wereld niet bestaat." Zij constateert bovendien een vreemde tegenstelling: "We zijn enorm goed in het in kaart brengen van de maatschappelijke waarde van sport, de impact op de samenleving, de maatschappelijke verdienmodellen. We hebben in Nederland diverse lectoren en onderzoekers aan universiteiten die op dat gebied geweldig werk verrichten. Kennelijk zien we dat niet als politiek. Maar we schieten in een kramp als er kritische geluiden komen. Dat is meten met twee maten. Er is een continuüm tussen enerzijds het exploiteren van de maatschappelijke waarde van sport en anderzijds de partijpolitiek op het speelveld."
"Ze proberen het ongemak krampachtig buiten de deur te houden"
Sandra Meeuwsen
Het IOC lijkt selectief gevoelig als het gaat om politieke uitgingen. Afgelopen week ontstond er bijvoorbeeld ophef over een T-Shirt met een affiche van de Olympische Spelen van 1936 in Berlijn, die door Hitler's Nazi-regime als propagandamachine zijn misbruikt om het idee van 'Arische superioriteit' uit te dragen. Het IOC ziet geen kwaad in het T-shirt, dat onderdeel uitmaakt van de zogeheten 'Heritage Collection', waarin originele affiches, emblemen en andere ontwerpen van alle edities van de Olympische Spelen zijn opgenomen. Meeuwsen: "Ze proberen het ongemak krampachtig buiten de deur te houden, want – zo luidt de redenering – Hitler is toch heel iets anders dan wat er gebeurt op dat prachtige Olympische sportveld?"
Tommie Smith en John Carlos in Mexico 1968
De kramp van het IOC vindt zijn wortels in 1968, toen de Amerikaanse sprinters Tommie Smith en John Carlos met een opgeheven vuist tijdens het volkslied op het podium een statement maakten voor de Black Power-beweging in de Verenigde Staten. Meeuwsen: "Toenmalig IOC-voorzitter Avery Brundage, daarna ook wel 'Slavery Avery' genoemd, dacht: dit nooit meer. Daaruit is Rule 50 voortgekomen." De bijnaam van Brundage illustreert dat Rule 50 ook destijds al discussie opriep. Meer dan vijftig jaar later is dat eens te meer het geval en Meeuwsen roept dan ook op tot herbronning.
"De huidige generatie neemt geen genoegen meer met Rule 50"
Sandra Meeuwsen
"Ik ben zelf een groot sportliefhebber en ik wil ook genieten van de sport en wat mij betreft hoeft echt niet iedere sporter onder een politiek vergrootglas te worden gelegd, maar ik pleit wel voor meer balans in het debat. Er is een spanningsveld binnen de Olympische beweging als het gaat om de publiek politieke ruimte. De sport is van oudsher ook een waardengemeenschap en dan moet je je constant bewust zijn van de vraag hoe je van uit de instituties moreel leiderschap inricht. De huidige generatie neemt geen genoegen meer met Rule 50. Het hernemen van de publiek politieke ruimte vindt onder onze ogen plaats. De stap van onderaf richting instituties is druppelsgewijs, maar als die instituties zich krampachtig vasthouden aan de oude regels, verliezen zij hun legitimiteit. Dan komt er een revolutie."
Hoe die revolutie er precies uitziet, weet Meeuwsen niet, maar zij gelooft dat de wal het schip uiteindelijk zal keren als het schip geen koers verlegt: "In het voetbal zie je dat al gebeuren. De FIFA is haar geloofwaardigheid al kwijt. De vraag is waar dat uiteindelijk toe leidt." Hoewel de FIFA haar geloofwaardigheid kwijt is, regeert de organisatie nog altijd over Koning Voetbal, mede omdat principes het vaak afleggen tegen het grote geld. Meeuwsen: "Sport, politiek en economische doelstellingen zijn op allerlei manieren met elkaar verweven. De sport staat voor de enorme uitdaging om los te komen van die economische afhankelijkheid. Ik stel dan graag de vraag: waar komen we vandaan? Sport was in eerste instantie: samen leuke dingen doen. Dat is uitgegroeid tot de Olympische Spelen zoals we die nu kennen. We kunnen ook weer terug."
Sandra Meeuwsen (Curaçao, 1966) is filosoof, gespecialiseerd in sport, integriteit, leiderschap en gender. In 2020 promoveerde zij aan de Vrije Universiteit Brussel in de wijsbegeerte en moraalwetenschappen. Van 2022 tot 2025 gaf Sandra leiding aan het Erasmus Center for Sport Integrity & Transition, verbonden aan de Erasmus School of Philosophy, onderdeel van de Erasmus Universiteit Rotterdam. Sindsdien staat zij als ‘Chief Ethics’ teams en organisaties bij en is zij als Visiting Scholar verbonden aan Université Paris Cité.
Deel dit bericht:
Door: Leo Aquina
0 reacties
Nog geen reacties. Wees de eerste!
Voeg je reactie toe
Wij sturen jou één keer per week een e-mail met de belangrijkste opinies en artikelen van Sport Knowhow XL.