27 oktober 2011
Nieuws
Talentontwikkeling in de sport. Daarbij denken de meeste mensen waarschijnlijk in eerste instantie aan kinderen die al op jonge leeftijd worden klaargestoomd voor een topsportcarrière, bijvoorbeeld op de tennisschool van Nick Bolettieri of in de jeugdopleiding van Ajax. Het nieuwe ‘Talentprogramma Werken in de Sport’ richt zich echter niet op de sporters, maar op de mensen eromheen: talenten die werken bij sportbonden en NOC*NSF. “Het is moeilijk om die mensen voor de sport vast te behouden”, aldus Jolina Broesder van NOC*NSF.
Broesder heeft het talentprogramma samen met KNVB-collega Marjolein Vermeulen en Randstad – ‘Partner in Sport’ van NOC*NSF - ontwikkeld. Het is een direct uitvloeisel van de werkgroep HRSport2016, waarin sportbonden, NOC*NSF en de Werkgeversorganisatie in de Sport (WOS) met ondersteuning van Randstad samenwerken aan het werkklimaat in de sportsector. “In het kader van dat programma is onderzoek gedaan. We hebben directeuren van bonden geïnterviewd, kwantitatieve gegevens in kaart gebracht en imago-onderzoek gedaan onder studenten”, aldus Broesder. “Uit al dat onderzoek bleek onder meer dat er in de sport veel goede mensen rondlopen, maar dat het vaak moeilijk is om deze vast te houden. Dat komt doordat de sport vrij plat georganiseerd is, waardoor de ontwikkelingsmogelijkheden bij dezelfde bond vaak beperkt zijn. Daarnaast is er weinig mobiliteit in de sport. Daar willen we met dit programma verandering in brengen.” Het programma richt zich niet op specifieke functies. “Je moet denken aan projectleiders, coördinatoren, beleidsadviseurs, teammanagers, op het gebied van topsport, breedtesport maar ook communicatie en marketing.”
Het Talentprogramma is begin oktober van start gegaan met de eerste vijftien deelnemers. Een van hen is Anne Schulze, voormalig redacteur van Sport Knowhow XL en momenteel werkzaam als communicatiemedewerker bij de Nederlandse Onderwatersport Bond. Zij vertelt enthousiast: “We hebben tijdens een intake met NOC*NSF en Randstad onder meer onze persoonlijke leerdoelen besproken. Het programma leert je na te denken over jezelf: waar liggen je sterke en zwakke punten en waarin kun je je verder ontwikkelen? Op die manier word je je meer bewust van je kansen. Bovendien leer je veel over de sportwereld, ook buiten je eigen bond. Daardoor weet ik straks beter waar in de sportwereld voor mij uitdagingen liggen. Omdat er aan de cursus mensen van allerlei bonden deelnemen, vergroot het ook je netwerk.”
Dat grotere netwerk leidt wellicht tot grotere mobiliteit van medewerkers in de sportwereld en dat is volgens Broesder een goede manier om talenten vanuit hun huidige werkplek perspectief te bieden, te boeien en te behouden voor de sportwereld: “Het gaat om mensen die wel een stap verder willen en ook de capaciteiten hebben en van hun eigen organisatie de kans krijgen door te groeien. Er verhuizen nu wel eens mensen tussen bonden of van bonden naar NOC*NSF of andersom, maar dat is niet structureel. Mensen in de generatie van 25-35 jaar zoeken dan hun eigen weg op de arbeidsmarkt en de vraag is of wij daar als sport een antwoord op hebben.”
Naast het Talentprogramma ontwikkelt de werkgroep HR Sport 2016 ook andere initiatieven. Broesder: “We bieden iedereen die nieuw komt werken in de sport een gezamenlijke introductiedag aan. De sportbrede introductie wordt daar een standaard onderdeel van. Mensen leren op die manier kennismaken met het werken in de sport in zijn algemeenheid en krijgen antwoord op vragen als: hoe wordt in de sport beleid ontwikkeld, wie zijn de partijen, hoe lopen de financieringsstromen? Daarnaast zijn de eerste stappen gezet in gezamenlijke digitale HR basis en wordt er hard gewerkt aan de website ‘Werken in de Sport’, met alle relevante informatie over werken en werkgeverschap in de sport.”
De website is toekomstmuziek, maar de Introductiedag en het Talentprogramma voor ‘high potentials’ zijn al begonnen. Het Talentprogramma bestaat uit vier ronde tafel-gesprekken met een directeur of manager uit de sport. Voor aanvang van deze serie komen de deelnemers bij elkaar voor een kick-off, is er een tussentijdse intervisie en wordt er afgesloten met een gezamenlijke evaluatie. De bijeenkomsten zijn eens per maand. De deelnemers hebben zelf veel inbreng in het programma. Vooraf is hen gevraagd op te schrijven welke thema’s zij graag zouden willen behandelen in de ronde tafel-gesprekken.
Een van de zaken die Anne Schulze op haar lijst had staan was het politieke krachtenveld binnen de sport en dat komt in de eerste sessie aan bod. Het is een van de zaken die een baan in de sport volgens Broesder anders maakt dan werken in een ‘gewoon’ bedrijf. “Je hebt als bond te maken met een politiek-bestuurlijke omgeving, je bent dienstverlenend naar sportverenigingen en vrijwilligers en vaak moet je projecten met vrijwilligers realiseren. Daarnaast wordt er meer en meer samengewerkt met bedrijfsleven, onderwijs en andere sectoren. Dat zijn allemaal samenwerkingsverbanden waar je wegwijs in moet worden.”
Het talentprogramma is echter geen cursus waarbij deelnemers lesstof moeten verwerken. “Het is ter inspiratie en oriëntatie. We gaan ook kijken of de deelnemers na dit programma behoefte hebben aan een aanvulling. Misschien komt er voor hen nog een vervolgprogramma. Volgend jaar starten we in ieder geval ook weer met een nieuwe groep.”
Voor meer informatie: Jolina Broesder jolina.broesder@noc-nsf.nl of 026-483 4707Deel dit bericht:
0 reacties
Nog geen reacties. Wees de eerste!
Voeg je reactie toe
Wij sturen jou één keer per week een e-mail met de belangrijkste opinies en artikelen van Sport Knowhow XL.