8 november 2012
Nieuws
Sinds het schooljaar 2011/’12 zijn maatschappelijke stages voor middelbare scholieren verplicht. Uit het regeerakkoord van VVD en PvdA blijkt echter dat vanaf het schooljaar 2015/’16 het initiatief - afkomstig van het kabinet Balkenende IV - alweer verdwijnt. Daar kon ook het project ‘Maatschappelijke Stage in de sport’, dat het Nederlands Instituut voor Sport en Bewegen (NISB) vorig jaar afrondde, geen verandering in brengen. In die periode kozen meer dan twaalfduizend middelbare scholieren voor een maatschappelijke stage in de sport. De bezuiniging moet in totaal twintig miljoen euro opleveren.
In 2009 benaderde het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) - na enkele succesvolle proefprojecten - NISB voor het project ‘Maatschappelijke stage in de sport’ (MAS). Een driejarig project werd uitgestippeld waarin het instituut de leidende rol had. Hoofddoel: scholieren motiveren om voor een sportstage te kiezen.
Als vrijwilliger bij een sportorganisatie moesten jongeren op deze manier het belang en plezier van vrijwilligerswerk in de praktijk ervaren. Andersom profiteerden sportclubs van de frisse ideeën die jongeren meebrachten. Die wisselwerking moest het Nederlandse verenigingsleven en sportlandschap een positieve impuls geven.
Succes
Dayenne L’abée leidde namens NISB het project Maatschappelijke Stage in de sport. In drie jaar zag zij dat het streefgetal van twaalfduizend plaatsingen ruim werd overschreden. Elf provinciën deden mee aan het project, waarbij per provincie afspraken werden gemaakt voor de te behalen aantal stageplekken. Na het projecteinde voldeden provincies ruimschoots aan de afgesproken aantallen. Alleen Gelderland - dat streefde naar tweeduizend stagiairs - telde bijvoorbeeld al vierduizend stageplekken.
Exacte cijfers zijn volgens L’abée lastig te noemen. “Het is een vrij kwetsbaar telsysteem. Sommige scholen hebben bijvoorbeeld niet exact bijgehouden in welke sector de maatschappelijke stages zijn verwezenlijkt, of geven de informatie niet prijs in verband met privacyregelingen. Maar we weten dat de beschikbare cijfers slechts het topje van de ijsberg zijn. In werkelijkheid lopen nog veel meer dan twaalfduizend jongeren stage in de sport. Jongeren voelen zich erg aangetrokken door deze sector.”
Projectleider L’abée benadrukt dat voornamelijk grotere sportverenigingen het aandurfden om MAS-stagiairs aan te nemen. Deze stagiairs passen eerder in de verenigingsdoelstellingen van dergelijke clubs, zoals het stimuleren van de sociaal-maatschappelijke waarde van de club voor de wijk. Ook is de bestuurlijke infrastructuur van grotere sportorganisaties vaak beter ingericht op stagiairbegeleiding.
“Lang niet alle organisaties hebben bijvoorbeeld het benodigde aanspreekpunt. Een verenigingsmanager zou ideaal zijn, zo wijst de praktijk uit”, legt L’abée uit. “Maar de belangrijkste afweging voor sportorganisaties is: zie je het zitten om een stagiair aan te nemen en wil je daar de tijd in steken? Goede of slechte ervaringen met stagiairs zijn daarin vaak doorslaggevend.”
Overheidssubsidie
Het project werd gefinancierd vanuit OCW, dat tien euro afdroeg per gerealiseerde stageplek. Daarvan verdeelde NISB als overkoepelende organisatie zeven euro over de participerende provinciale sportraden. Deze fungeerden als onderaannemer in het project en speelden op kleinere schaal een belangrijke rol als spil tussen NISB en het lokale werkveld: scholen, vrijwilligerscentrales, stageaanbieders en stagiairs. Van de overgebleven drie euro per gerealiseerde stageplek werden door NISB diverse overige middelen en activiteiten ontwikkeld. Allen ter bevordering van lokale kennisuitwisseling en deskundigheid op het gebied van maatschappelijke stage in de sport.
Zo werden onder andere bijeenkomsten voor kennisuitwisseling georganiseerd, samenwerking met verschillende organisaties zoals Movisie en NOC*NSF gecoördineerd, adviseurs betaald en promotiemateriaal verspreid. Ook zorgde NISB ervoor dat provinciale sportraden met elkaar in contact kwamen, zodat deze informatie en tips konden uitwisselen over hun deelprojecten.
Wegbezuinigd
In 2010 dreigde het eerste kabinet Rutte ook al de verplichte maatschappelijke stage te schrappen. Daarop stuurde NISB-directeur Clémence Ross samen met twintig samenwerkingspartners een brandbrief naar de informateurs om de stage, en daarmee het nog lopende project, te redden. Met succes. Dat het nieuwe kabinet nu alsnog definitief besluit om de verplichte maatschappelijke stage voor middelbare scholieren weg te bezuinigen, doet L’abée pijn. Ook al is het project inmiddels afgelopen.
“De overheid heeft er veel geld en tijd ingestoken. Er is lokaal een goede structuur opgezet en sportverenigingen hebben met de inzet van maatschappelijke stages goud in handen. Ze hebben namelijk de kans om jonge mensen structureel als vrijwilliger te werven. Maar het probleem is dat je met maatschappelijke stages niet kunt aantonen of het kosteneffectief is geweest. Ik vraag me af - nu de verplichting wegvalt bij scholen - of ze ermee door zullen gaan. Ik hoop het van harte. Niet voor niets zijn veel scholen, verenigingen en leerlingen enthousiast over de maatschappelijke stage in de sport.”
Toekomstperspectief
Het ligt niet in de lijn der verwachting dat NISB een nieuwe opdracht van OCW zal krijgen om het project te herstarten, gezien de afspraken in het huidige regeerakkoord. Het kennisinstituut wil zich daarom meer richten op haar rol als adviesorgaan voor professionals en organisaties. Scholen, vrijwilligerscentrales en sportaanbieders kunnen ook nu profiteren van de kennis en ervaringen die door NISB zijn opgedaan.
Toch kijkt L’abée tevreden terug op de afgelopen drie jaar en benadrukt dat er wel degelijk een solide basis is gelegd met het project. “De kennis is er nu. En we hebben bereikt dat provinciale sportraden maatschappelijke stages in de sport meenemen in hun verenigingsondersteuning. Dat is positief.”
Voor meer informatie: www.maatschappelijkestageindesport.nl
Deel dit bericht:
0 reacties
Nog geen reacties. Wees de eerste!
Voeg je reactie toe
Wij sturen jou één keer per week een e-mail met de belangrijkste opinies en artikelen van Sport Knowhow XL.