Go with Golazo
Sportknowhowxl
Home
Nieuws
Sportgeneeskunde strijdt opnieuw voor erkenning

Sportgeneeskunde strijdt opnieuw voor erkenning

20 mei 2010

Nieuws

door: Babette Dessing | 20 mei 2010

Sinds 1999 probeert prof. Willem Mosterd om sportgeneeskunde als medisch specialisme op de kaart te zetten. Nu de overheid steeds meer mensen oproept om te gaan sporten en bewegen, is de erkenning van sportgeneeskunde als medisch specialisme des te belangrijker, want de roep om sportartsen zal naar verwachting alleen maar toenemen.

Sportartsen zien een steeds maar groeiende belangstelling van sporters voor hun vak, maar toch word sportgeneeskunde als medisch specialisme niet erkend. Willem Mosterd - cardioloog (niet praktizerend)/sportarts en Nederlands eerste bijzonder hoogleraar Sportgeneeskunde - probeert hier samen met de Vereniging voor Sportgeneeskunde (VSG) al jarenlang een eind aan te maken. “Het trieste van de situatie is dat Nederland op het gebied van sportgeneeskunde een lange traditie heeft. In 1986 werd sportgeneeskunde erkend als specialisme binnen de tak van de sociale geneeskunde. Wij brachten vervolgens andere Westerse landen - zoals Groot-Brittannië - in de jaren negentig met de moderne sportgeneeskunde in aanraking en intussen is sportgeneeskunde daar wél een erkend medisch specialisme en bij ons nog steeds niet. Dat is werkelijk verbazingwekkend”, aldus Mosterd.

Aanwijzingen dat orthopedisch specialisten zullen tegenwerken
Mosterd vertelt dat de VSG al eerder heeft geprobeerd om sportgeneeskunde als medisch specialisme erkend te krijgen bij de Koninklijke Nederlandsche Maatschappij tot bevordering der Geneeskunst (KNMG). “In 1999 was het bijna rond, maar plots was er een switch. We moesten voldoen aan een aantal toetsingscriteria en naar ons inzien voldeden we daar ook aan, maar toch werden we op vier criteria plotseling onvoldoende bevonden. Achteraf kwamen we er achter dat de orthopedische tak ons heeft tegengewerkt. Ze waren bang dat er niet meer genoeg geld over bleef voor hun specialisme, totale onzin natuurlijk.”

De sportgeneeskunde voldoet nu echter wel aan alle criteria, zo heeft de VSG van KNMG-voorzitter Arie Nieuwenhuijzen Kruseman onlangs bevestigd gekregen. “Maar Nieuwenhuijzen Kruseman verklaarde ook dat de KNMG voor de toewijzing afhankelijk is van de Orde van Medisch Specialisten. En de VSG heeft aanwijzingen gekregen dat de orthopedische specialisten opnieuw hetzelfde standpunt in zullen nemen als in 1999.” Het draait volgens Mosterd dus allemaal om financiën. “Weer zijn de orthopeden bang dat het van hun budget afgaat, terwijl dat volledig irreëel is, want dat is aantoonbaar niet aan de orde. Voor de orthopeden vormen we dus geen bedreiging; ons specialisme heeft immers niets met de kerntaak van de orthopedie (opereren) te maken. Wij houden ons vooral bezig met wekedelen letsels (spier-bandapparaat); geen sportarts zal gaan opereren. Bovendien is de behandeling van wekedelen letsel voor orthopeden (met uitzondering van een belangrijke groep sportorthopeden) geen prioriteit dan wel ze komen er niet aan toe. Er bestaan veel good practices waarin sportorthopeden en sportartsen nauw samenwerken. Daaruit blijkt dat we niet concurrerend maar complementair aan elkaar zijn.”

‘Nederland sportland? Dan heeft het sportgeneeskunde nodig’
Sportgeneeskunde heeft haar waarde als medisch specialisme al ruimschoots bewezen. “We beschikken over een specifieke knowhow. Niet voor niets hebben andere medisch specialismen al veel van sportgeneeskunde opgestoken; met name de orthopedie via de vele samenwerkingsverbanden met sportartsen. En bovendien houden we ons allang niet meer alleen bezig met topsporters. Het overgrote deel zijn we werkzaam in de breedtesport.” Het is volgens Mosterd daarom van groot belang dat sportgeneeskunde wordt erkend, want op dit moment wordt een behandeling niet of slechts gedeeltelijk via een aanvullende verzekering door verzekeringsmaatschappijen vergoed. “En dat is uiteraard doodzonde, want dat betekent dat het specialisme op dit moment alleen beschikbaar is voor degenen die dat kunnen betalen.”

Mosterd hoopt dat sportgeneeskunde nog dit jaar officieel wordt erkend, maar beseft dat dat een zware opgave zal worden. “Toch is het zeer belangrijk dat we op korte termijn een doorbraak realiseren. Nederland heeft immers de ambitie een sportland te willen zijn – denk bijvoorbeeld aan het Olympisch Plan 2028 – en sportmedische infrastructuur is hierbij van groot belang. De vraag naar sportmedische zorg zal immers alleen maar toenemen.”

Handen in één met KNVB en NOC*NSF
De Vereniging voor Sportgeneeskunde (VSG) doet er daarom alles aan om sportgeneeskunde op de kaart te zetten en slaat daarbij de handen in een met stakeholders als de KNVB, NOC*NSF en de Raden van Bestuur van de meer dan dertig Nederlandse ziekenhuizen die sportgeneeskunde al hebben omarmd. Mosterd: “Sport wordt door de rijksoverheid steeds meer gepromoot als onderdeel van een gezonde leefstijl. Zo worden er diverse programma’s opgezet om mensen aan het bewegen te krijgen. Prima werk natuurlijk, maar dat betekent ook dat er steeds meer wekedelen letsels zullen zijn. Sportartsen zijn daarom meer dan nodig.”

Deel dit bericht:

0 reacties

Nog geen reacties. Wees de eerste!

Voeg je reactie toe

Meer over:

Blijf op de hoogte

Wij sturen jou één keer per week een e-mail met de 
belangrijkste opinies en artikelen van Sport Knowhow XL.