11 september 2008
Nieuws
Tot
voor kort werd er niet of nauwelijks aan getwijfeld dat regelmatig sporten
angstige en depressieve klachten zou verminderen. Marleen de Moor - als aio
verbonden aan de afdeling Biologische psychologie van de Vrije Universiteit -
komt tot een andere conclusie. Onderzoek onder bijna 6000 tweelingen leverde
interessante inzichten op.
“Het onderzoek dat tot nu toe verricht is naar de relatie tussen depressiviteit en sporten, spitste zich toe op een kleine groep al gediagnosticeerde mensen die onder begeleiding sportten”, legt De Moor uit. De conclusies die uit dergelijke tests komen, leveren een beeld op dat nooit representatief kan zijn. Voor het generaliseren van de resultaten, was een grootser en internationaal opgezet onderzoek noodzakelijk. De Moor nam een deel voor haar rekening en richtte zich daarbij specifiek op tweelingen en familieleden van tweelingen. Voor gegevens hoefde zij niet lang te zoeken. De deelnemers aan haar onderzoek – Nederlanders tussen 18 en 50 jaar - staan ingeschreven bij het Nederlands Tweelingen Register en vullen iedere twee jaar een uitgebreide vragenlijst in.
Wat tweelingen voor het onderzoek van De Moor zo interessant maakt, is dat zij beschikken over een genenpakket dat in het geval van een eeneiige tweeling geheel identiek is en bij een twee-eiige tweeling voor de helft overeenkomt. “De genetische uitgangspositie is voor eeneiige tweelingen dus gelijk. Toch is het niet zo dat de sportieve helft van het paar minder last heeft van depressieve klachten”, concludeert De Moor. “Daarbij zijn we uitgegaan van één keer in de week minstens zestig minuten tamelijk intensief sporten. Het maakt wel wat verschil of je een partijtje squasht of aan yoga doet.”
De vaststelling van De Moor geldt alleen voor eeneiige tweelingen. De uitkomsten voor twee-eiige tweelingen en familieleden van tweelingen zijn minder eensluidend. Over het algemeen kan overigens wel geconstateerd worden dat regelmatige sporters minder angstig en depressief zijn. Marleen de Moor, die begin 2009 hoopt te promoveren, wijst voor een verklaring vooral op erfelijke factoren. Die kunnen een tegenovergesteld effect hebben op sporten en symptomen van angst en depressie. “Hoe je reageert op sport is hoofdzakelijk genetisch bepaald. Een causaal verband tussen sporten en afnemende depressiviteit is dan ook moeilijk te leggen.” Dat wil volgens De Moor niet zeggen dat personen met depressieve klachten geen baat kunnen hebben bij sporten. Mogelijk treedt de positieve werking alleen op bij begeleid sporten en als onderdeel van een therapeutisch programma.
Voor meer informatie: Marleen de Moor(mhm.de.moor@psy.vu.nl)
Deel dit bericht:
0 reacties
Nog geen reacties. Wees de eerste!
Voeg je reactie toe
Wij sturen jou één keer per twee weken een e-mail met de belangrijkste opinies en artikelen van Sport Knowhow XL.