Go with Golazo
Sportknowhowxl
Home
Nieuws
Sporten met een kleine beurs de regelingen zijn er maar waar

Sporten met een kleine beurs: de regelingen zijn er, maar <em>waar</em>?

5 december 2024

Nieuws

door: Leo Aquina | 5 december 2024

Mensen met een laag inkomen sporten minder. Het landelijk Sportakkoord heeft daarom als doelstelling financiële drempels om te sporten en bewegen voor deze mensen lager te maken. Lukt dat ook? Het Mulier Instituut deed afgelopen jaar onderzoek naar financiële steunregelingen voor sport, waar gemeenten voor verantwoordelijk zijn. Onderzoeker Mirjam Stuij worstelde zich daarom met collega’s door de websites van een derde van de gemeenten om de verschillende regelingen en de toegankelijkheid daarvan in kaart te brengen. Dat viel haar niet mee. “ Het kostte veel tijd en dat zegt iets over de toegankelijkheid van de informatie”, aldus Stuij.

XL37MirjamStuij-1B “We weten uit eerder onderzoek dat geldzorgen op veel verschillende manieren doorwerken in het leven van mensen”, zegt Mirjam Stuij. “En als we naar sportdeelnamecijfers kijken, zien we grote verschillen aan de hand van inkomen. Gezien de opgave uit het Sportakkoord, wilde het ministerie van VWS graag meer inzicht in de diverse lokale regelingen. Naast sport, hebben we ook de zwemlesregelingen onderzocht. In het Nationaal Plan Zwemveiligheid staat dat ieder kind van wie de ouders het niet kunnen betalen, toch zwemles moet kunnen krijgen. Regelingen kunnen daaraan bijdragen.”

Stuij en haar collega’s formuleerden vier onderzoeksvragen. Ten eerste wilden zij de verschillende bestaande regelingen in kaart brengen bij een derde van de gemeenten. Ten tweede gingen zij op zoek naar verbeterpunten op het gebied van vindbaarheid en bereikbaarheid. Ten derde wilden zij leerpunten formuleren op basis van aanvragen bij het Jeugdfonds en het Volwassenenfonds voor Sport & Cultuur, die in veel gemeenten subsidieregelingen verzorgen. En tot slot wilden de Mulier-onderzoekers leerpunten formuleren naar aanleiding van een uitvraag onder lokale beleidsmedewerkers sport over sport- en zwemlesregelingen.

"Ik was vooral positief verrast door het aantal gemeenten met een regeling voor volwassenen"

Bijna overal regelingen
Hoewel de toegankelijkheid en vindbaarheid van de regelingen nogal eens te wensen overlaat, is er wel veel geregeld. Ruim tweehonderd gemeenten werken samen met het Jeugdfonds Sport & Cultuur en honderd met het Volwassenenfonds. Daarnaast werken veel gemeenten met eigen regelingen, zoals een stadspas of lokale meedoen-regeling. Stuij: “Ik doe al jaren onderzoek naar dit onderwerp, maar nog niet eerder zo gedetailleerd en op deze schaal. Ik was vooral positief verrast door het aantal gemeenten met een regeling voor volwassenen. Zoals verwacht hebben praktisch alle gemeenten een regeling voor jeugd, maar in 96 procent van de gemeenten vonden we ook een regeling voor volwassenen.”

Bijna alle gemeenten hebben dus regelingen. Stuij: “De verschillen zitten niet echt in de aan- of afwezigheid van regelingen, maar we vonden wel grote verschillen in de hoogte van de vergoedingen. Dat varieert van een maximumbedrag per jaar voor één of meerdere activiteiten tot een vergoeding van de volledige contributie voor een sportvereniging of het zwemdiploma A, B en C. Als we alleen kijken naar sport voor de jeugd, werkt ongeveer de helft van de gemeenten met een maximumbedrag per jaar. Gemiddeld is dat 284 euro, maar het varieert enorm. Bij de helft van de regelingen ligt het tussen de 150 en de 300 euro. Maar bij één op de tien regelingen is het minder dan 150 euro en bij 14 procent ligt het hoger dan 450 euro. Het laagste bedrag is 50 euro en het hoogste 790.”

XL39OnderzoekMulier-1Op de vraag in welke gemeente je het beste kunt wonen als je een kleine beurs hebt en wil sporten, kon Stuij geen antwoord geven: “We hebben in het rapport bewust geen gemeentenamen genoemd. Het is niet aan ons om gemeenten te beoordelen, vooral ook omdat er zijn veel lokale factoren meespelen.”

Moeilijk vindbaar
Als het gaat om vindbaarheid en bereikbaarheid van de regelingen, is Stuij minder positief: “We kwam in veel gemeenten knelpunten tegen als het gaat om het vinden van informatie of het begrijpen daarvan. Zeker niet iedere aanvrager zal met de aanwezige online informatie uit de voeten kunnen. Veel informatie is beschreven vanuit de aanbiederskant. Er staan bijvoorbeeld veel begrippen en organisaties in de tekst die een potentiële aanvrager niet per se kent. Dat maakt de teksten niet gemakkelijk. Daar komt bij dat gemeenten naast sport- en zwemles nog veel andere regelingen hebben voor mensen met geldzorgen. Er zijn gemeenten met wel 27 verschillende regelingen. Dan is het bijna een voltijdsbaan om alles aan te vragen, zeker omdat dat administratief ook ingewikkeld kan zijn.”

Als het om leerpunten uit aanvragen bij het Jeugd- en Volwassenenfonds gaat, constateert Stuij dat via het Jeugdfonds relatief veel aanvragen voor zwemles binnenkomen en dat veel mensen via het Volwassenenfonds sporten bij ondernemende sportaanbieders en minder bij verenigingen. Stuij: “Zwemles vergoeden is ingewikkelder dan sport, omdat de kosten lokaal enorm kunnen verschillen. Bij een gemeentelijk zwembad betaal je over het algemeen aanzienlijk minder dan bij een ondernemende aanbieder. En als het gaat over jeugdsport, zien we dat in stedelijke gemeenten het gemiddelde bestede budget hoger is dan in landelijke gemeenten. Dat maakt het lastig om een algemeen budget vast te stellen. Dat pleit voor het lokaal inrichten van deze regelingen, maar er blijft spanning omdat we nu grote verschillen in de vergoedingen zien.”

"Bij het Jeugdfonds Sport & Cultuur komt er geld bij, zeker voor zwemlessen”

Bij het ondervragen van beleidsmedewerkers, merkten Stuij en haar collega’s dat ook daar wensen waren om zaken te veranderen: “Bijvoorbeeld een wens om de regelingen te versimpelen: één regeling in plaats van meerdere, één informatiesysteem in plaats van meerdere. Wij hebben beleidsmedewerkers sport ondervraagd, maar eigenlijk vallen dit soort regelingen vaak onder armoedebeleid of het sociaal domein. We constateren dan ook dat de verantwoordelijkheid voor dit soort regelingen lokaal versnipperd kan zijn.”

XL39OnderzoekMulier-2Pleister op de wond
Het rapport werd opgesteld met het oog op het sportdebat van 2 december jongsleden. Daarin heeft staatssecretaris Karremans van Volksgezondheid, Welzijn en Sport in ieder geval erkend dat de regelingen bij gemeenten, zoals in het rapport van Mulier staat vermeld, vaak moeilijk te vinden zijn. Hij had zelfs zelf de proef op de som genomen en zei daarover: 'Ik ben gewend om elke dag door ingewikkelde stukken te gaan, maar voor mij was het hier en daar echt een uitdaging.' Stuij is blij met die erkenning. Ook is in het debat extra geld voor het Jeugdfonds Sport & Cultuur toegezegd. De staatssecretaris zei: “Daar gaat geen euro vanaf. Sterker nog, bij het Jeugdfonds Sport & Cultuur komt er geld bij, zeker voor zwemlessen.” Stuij heeft aan de hand van haar onderzoek en ervaring echter een breder advies aan politiek Den Haag: “Als je zorgt dat mensen voldoende inkomen hebben om van te leven, heb je dit hele complexe stelsel niet nodig. Het blijft toch een pleister op de wond. We weten dat het heel belangrijke pleisters zijn voor de mensen die ze weten aan te vragen, maar je zou willen dat ze niet op deze schaal nodig zouden zijn.”

Voor meer informatie: Sport- en zwemlesregelingen voor mensen met een laag inkomen - Onderzoek naar lokale aanwezigheid en aanvragen

Deel dit bericht:

0 reacties

Nog geen reacties. Wees de eerste!

Voeg je reactie toe

Meer over:

Blijf op de hoogte

Wij sturen jou één keer per twee weken een e-mail met de 
belangrijkste opinies en artikelen van Sport Knowhow XL.