30 september 2010
Nieuws
Scheldende ouders, te agressieve sporters en coaches die het de scheidsrechter lastig maken, het zijn maar een paar voorbeelden van onsportief gedrag op het sportveld. Elf sportbonden waaronder de initiatiefnemers – de hockey-, voetbal- en korfbalbond – hebben de handen ineengeslagen en ontwikkelden het programma ‘Samen voor Sportiviteit en Respect’. Woensdag 29 september boden de bonden aan het ministerie van VWS een manifest aan waarin zij uitspreken dat zij zich hard gaan maken om het klimaat op en rond het veld te verbeteren.
Sinds 2009 zijn de hockey-, voetbal-, ijshockey-, zwem, wieler-, honkbal-, rugby-, basketbal-, handbal- en de volleybalbond intensief bezig met het ontwikkelen van een sportbreed programma waarin sportiviteit en respect centraal staan. Aanleiding voor het programma was het onderzoek ‘Weinig over de schreef’ van SCP uit 2009. Hieruit werd duidelijk dat een verkeerde beeldvorming bestaat over onwenselijk gedrag in de sport. “Het blijkt namelijk veel minder vaak voor te komen dan aanvankelijk werd gedacht. En dat komt omdat het wangedrag in de sport wordt uitvergroot. Daardoor lijkt het dat agressiviteit op en naast het veld erg veel voorkomt”, vertelt Marijke Fleuren, adjunct-directeur van de KNHB en tevens initiatiefneemster van de campagne.
Nauwelijks sancties mogelijk
Uit het onderzoek van het SCP kwamen ook aanbevelingen naar voren. Zo moest de beeldvorming positief worden en moeten bestuurders centraal in de aanpak worden gezet, omdat zij degenen zijn die echt iets aan de problemen kunnen doen.“Neem het wangedrag van ouders: het grote probleem is dat er nauwelijks sancties tegen hen mogelijk zijn bij wedstrijden, wanneer vooraf niet duidelijke afspraken zijn gemaakt.” De hockeybond besloot daarom om samen met de Stichting Meer dan Voetbal van de KNVB en de Korfbalbond het programma ‘Samen voor Sportiviteit en Respect’ te ontwikkelen. Fleuren: “We hebben subsidie gekregen van NOC*NSF en VWS en zijn een rondje langs bonden gegaan om te vragen of ze zich wilden aansluiten bij dit programma. De meesten waren meteen enthousiast en zo kwamen we op een mooi aantal van elf uit.”
Sindsdien vergaderen de bonden om de drie weken over het programma; de coördinatie ligt hierbij in handen van de hockeybond en dat is niet toevallig. “We zetten ons al tien jaar in voor sportiviteit op het sportveld. Vandaar dat NOC*NSF ons heeft aangewezen als coördinator”, licht Fleuren toe. Tijdens een bestuursconferentie in maart 2010 hebben de bestuurders van de elf bonden een aantal uitgangspunten geformuleerd die de basis zijn voor een duurzaam en structureel beleid op het gebied van sportiviteit en respect voor de komende jaren. Fleuren gaat verder: “En met dit beleid moeten sportclubs durven optreden tegen ongewenst gedrag van ouders en sporters op sportvelden.”
Lastige ouders aanpakken door manifest
Sportbestuurders van de elf aangesloten bonden hebben intussen actieplannen gemaakt die clubs kant-en-klare handvaten aanreikt om het probleem van lastige ouders aan te pakken. Zo kan je bijvoorbeeld denken aan een spelregelcursus. Of coaches kunnen voorafgaand aan het seizoen bijeenkomsten met ouders organiseren om ze bij te praten over wat goed gedrag langs de lijn is.” Volgens Fleuren hebben hierin de sportbestuurders een belangrijke rol. “Zij moeten het goede voorbeeld geven, huisregels ter preventie opstellen en afspraken durven nakomen”, aldus de adjunt-directeur.
Het aanbieden van het manifest op woensdag 29 september was tevens het startsein voor het begin van een sportiviteit en respect-campagne van elk van de elf bonden afzonderlijk. Het thema van de campagne van de KNHB is: ‘In de strijd voor sportiviteit’ waarvan hockeyinternationals Billy Bakker en Eva de Goede het gezicht zijn. Fleuren: “We hebben deze jonge toppers als ambassadeur gevraagd, omdat we onze campagne willen beginnen bij de jeugd. Zij komen meestal opeens met wangedrag in aanraking. Billy en Eva hebben als jonge topsporters een voorbeeldrol en zullen de jeugd proberen aan te spreken.” Zodoende zal de bond binnenkort aan hockeyclubs een campagnepakket verstrekken met onder andere posters, stickers en een groot afzetlint met de tekst: ‘Moedig aan, maar ga niet door het lint’.
Eerste resultaten over een jaar bekend
Hoewel elk van de elf bonden de campagne zelf invult, staan de campagnes niet los van elkaar.“We kunnen immers van elkaars kennis gebruiken, de middelen delen en elkaar enthousiast (blijven) maken.” Vooral dat laatste is volgens Fleuren erg belangrijk. “Wangedrag is een lastig onderwerp en daarom is het erg belangrijk dat iedereen die meedoet aan het programma zich bewust is van het belang van sportiviteit en respect op het veld en zich daar dan ook voor wil inzetten.”
Deel dit bericht:
0 reacties
Nog geen reacties. Wees de eerste!
Voeg je reactie toe
Wij sturen jou één keer per week een e-mail met de belangrijkste opinies en artikelen van Sport Knowhow XL.