"Een voorbeeld voor vrouwen in de sport" en "de man die het fundament heeft gelegd onder de topsportstructuur die we vandaag de dag nog steeds hanteren". Rita van Driel en Joop Alberda werden afgelopen maandag met instemming van de Algemene Ledenvergadering benoemd tot erelid van NOC*NSF. Daarmee treden zij toe tot een exclusief gezelschap. Met Van Driel en Alberda komt het totaal aantal ereleden van de sportkoepel op elf.
2 juni 2026
Nieuws
Van Driel heeft een schat aan ervaring in zowel het nationale als internationale sportbestuur en zij heeft zich in het bijzonder ingezet voor de paralympische sport. Zij ontving de speld voor het erelidmaatschap uit handen van voorzitter Anneke van Zanen-Nieberg. "Als we naar haar loopbaan kijken, zien we de combinatie van bestuurlijke topsportkwaliteit en een zeer warm hart voor de sport, de samenleving en in het bijzonder de paralympische sport", aldus Van Zanen, die ook haar veelzijdigheid roemde. "Als programmanager bij NOC*NSF was zij tien jaar lang de dragende kracht achter de integratie van sport voor mensen met een beperking."
"Ik ben geworden wie ik ben dankzij de sport. Dit is een mooie erkenning en het is nog lang niet klaar"
Rita van Driel
De waslijst aan functies die Van Driel heeft bekleed is, zoals Van Zanen opmerkte, schier eindeloos. Zij werkte bij de Nederlandse Roeibond (KNRB), de Nederlandse Ski Vereniging, was breedtesportcoördinator en directeur bij de Nederlandse Handboog Bond (NHB), de Koninklijke Nederlandse Algemene Schermbond (KNAS) en de Nederlandse Vijfkampbond (NVB). Ook was zij in de periode tussen 2004 en 2017 betrokken bij het Nederlands Paralympisch Comité. Daarnaast vervult Rita diverse rollen in internationale commissies. Zo is zij lid van de Governing Board van het International Paralympic Committee (IPC) en lid van de Future Host Commission for the Olympic Winter Games (IOC). Ook is zij als expert verbonden aan de Nederlandse Sportraad.
Rita van Driel en Anneke van Zanen-Nieberg
Voor Van Driel voelde de ALV als een warm bad: "Ik ben al acht jaar uit dienst (bij NOC*NSF) en mensen vroegen mij: wat doe jij hier? Namens welke bond ben je er vandaag? Ik ben de verrassingsact, dank jullie wel. Ik ben geworden wie ik ben dankzij de sport. Dit is een mooie erkenning en het is nog lang niet klaar."
Alberda kreeg de onderscheiding uit handen van Algemeen directeur-bestuurder Marc van den Tweel, die uiteraard refereerde aan 4 augustus 1996, toen Alberda de Nederlandse volleybalmannen naar goud coachte in de Olympische finale tegen Italië in Atlanta, het nationale sportmoment van de twintigste eeuw. "Alberda werd in die periode internationaal natuurlijk terecht onderscheiden als de beste volleybalcoach. Na 1996 werd hij technisch directeur van NOC*NSF en zette zijn ervaring in om het fundament te leggen onder de topsportstructuur die we vandaag de dag nog hanteren." Van Tweel roemde Alberda omdat hij van grote betekenis is geweest voor de Nederlandse sport in het voetbal, wielrennen, atletiek, zwemmen en tot slot ook weer in het volleybal.
Joop Alberda en Marc van den Tweel
Ook Alberda was vereerd: "Ik zie deze onderscheiding als een erkenning van heel veel mensen met wie ik heb samengewerkt, sporters, coaches, begeleiders, vrijwilligers. Samen hebben we gewerkt aan het gebouw van de Nederlandse sport. En eigenlijk overal is tegenspraak de basis geweest van samenspraak, omdat we samen veel meer kunnen dan alleen. Topsport begint niet met talent, maar met ambitie, discipline en vertrouwen, met mensen die elkaar aan durven spreken, verantwoordelijkheid durven nemen en samen ergens volledig voor willen gaan. Dat geldt voor topsport, maar dat geldt ook voor de maatschappij."
"Ik hoop dat Nederland ooit de moed heeft om een rijksministerie van vitaliteit op te richten"
Joop Alberda
Alberda refereerde bovendien aan de bijdrage die (top)sport aan die maatschappij kan leveren: "Die gouden medailles staan voor iets veel groters. In het huidige tijdsgewricht zien we hoe sport de samenleving bij elkaar kan houden. Sport houdt weerbaar en vitaal. Daarom hoop ik dat Nederland ooit de moed heeft om een rijksministerie van vitaliteit op te richten, dat sport niet wordt behandeld als een bijzaak, maar als fundament van onze samenleving." Alberda maakt een analogie met Rijkswaterstaat: "Waar het water hoger wordt, moeten de dijken worden verhoogd, dus de gezondheidsdijken moeten worden verhoogd en sport en bewegen is een gratis medicijn. Als we daarin durven investeren, ligt de grootste overwinning van Nederland niet in het stadion, maar in een sterkere en gezondere samenleving."
Deel dit bericht:
Door: Leo Aquina
0 reacties
Nog geen reacties. Wees de eerste!
Voeg je reactie toe
Wij sturen jou één keer per week een e-mail met de belangrijkste opinies en artikelen van Sport Knowhow XL.