16 februari 2012
Nieuws
‘Oersaai, hoorde ik laatst een groepje jongeren zeggen, toen ik vroeg waarom ze niet naar een koers op TV keken’, schreef Marcel Wintels onlangs in een column voor Wielerland Magazine. De voorzitter van de Koninklijke Nederlandse Wielren Unie KNWU maakt zich zorgen over de populariteit van zijn sport. Aan Sport Knowhow XL legt hij uit waarom.“Wielrennen ontwikkelt zich tot een moderne sport, maar het gaat allemaal veel te langzaam.”
Wintels noemt de discussie rond het gebruik van oortjes in de koers exemplarisch. “We vergelijken het vooral met hoe het vroeger was, zonder oortjes. Maar je kunt ook vooruit kijken. Als je die oortjes toch hebt en ze zijn belangrijk omwille van de veiligheid, moet je kijken of je op een andere manier tegemoet kunt komen aan de bezwaren. Laat bijvoorbeeld het publiek meeluisteren. Er is veel conservatisme. Traditie is mooi, maar het werkt ook vaak remmend.”
Armzalig
Wintels vindt dat de manier waarop het wielrennen in beeld wordt gebracht hopeloos verouderd is. “Ik ben op zoek naar manieren om de jongere generaties kunnen binden aan de sport, mensen die nu 10 tot 20 jaar oud zijn. Die kijken niet meer naar een koers waarin twee uur lang niets gebeurt. Kijk naar de manier waarop John de Mol televisie maakt, dat is geen sport maar wel vergelijkbaar. Het gaat om emotie, beleving en interactiviteit is cruciaal. Als je dat vergelijkt met hoe de koers in beeld wordt gebracht… dat is toch een beetje armzalig. Je ziet niet meer dan televisiebeelden van de renners met een beetje commentaar erbij van Mart Smeets en Maarten Ducrot, die naar dezelfde beelden kijken. Met de techniek van tegenwoordig is zoveel meer mogelijk.”
Formule 1
Andere sporten dienen ter inspiratie. “Kijk naar de motorsport en de autosport. Daar hebben ze enorm veel verschillende camerastandpunten. Vanuit de auto bijvoorbeeld. Het moet toch mogelijk zijn om renners van een camera te voorzien op de helm in het peloton. In de Formule 1 kun je ook meeluisteren met het radioverkeer tussen de coureur en de teamleiding. De kijker krijgt informatie over tijden en over benzineverbruik. Dat kun je allemaal vertalen naar de wielersport.” Veel fietsliefhebbers delen informatie over gefietste afstanden, hoogteverschillen, snelheden, gemiddeldes, getrapte wattages en nog veel meer trainingsgegevens via internet. “Als dat mogelijk is, moet het toch ook kunnen in het profpeloton.” Daarnaast noemt Wintels de mogelijkheid om de renners in hun wedstrijdvoorbereiding in beeld en geluid te volgen, bijvoorbeeld door een camera toe te laten in de ploegbus. “Vorig jaar was er tijdens de Ronde van Vlaanderen een camera in de ploegleidersauto van winnaar Nick Nuyens. Dat leverde prachtige beelden op!” Ploegen en renners zijn veelal huiverig voor zoveel openheid en beroepen zich op hun privacy. Bovendien zijn ploegen en renners natuurlijk ook huiverig om informatie met de concurrentie te delen. “Ik heb veel contact met Harold Knebel (directeur Rabobank wielerploegen, red.) en ik weet dat zij wel voorstander zijn van vernieuwingen, maar voor hen is het natuurlijk belangrijk dat de UCI en de andere ploegen ook meedoen.”
Niet administratief winnen
Een ander probleem waar het wielrennen in publicitair opzicht mee kampt, zijn de slepende dopingkwesties. Afgelopen week werd Alberto Contador anderhalf jaar na zijn Tourzege van 2010 geschorst. @marcelwintels twitterde naar aanleiding van de NOS-kop Papieren zege doet Schleck niets: ‘Logisch, in sport kun je niet 'administratief winnen'. #slechtvoorsport.’ Wat wilde hij daarmee zeggen? “Dat was een aanklacht tegen het feit dat het allemaal zo lang moet duren. Als iemand op doping wordt betrapt, moet de hele procedure hooguit één tot twee maanden duren. Sport is emotie en winnen doe je op het moment zelf, niet maanden later. Dan zijn de mensen het allemaal allang weer vergeten. Er moet gewoon een termijn voor die procedures worden gesteld. Het hoeft allemaal niet zolang te duren. Niemand maakt mij wijs dat er het afgelopen anderhalf jaar dag en nacht mensen aan die zaak Contador hebben gewerkt.”
WK Valkenburg
Welke rol speelt Wintels als voorzitter van de KNWU bij het doorvoeren van de door hem bepleitte veranderingen in de wielersport? “Wielrennen is een bijzondere sport. In het voetbal organiseert de KNVB de competitie, dus de bond heeft de regie. Bij de KNWU stel ik wel eens de vraag: waar gaan wij als bond eigenlijk over? Je hebt ploegen, sponsors en renners. Vaak is onduidelijk wie de UCI-licentiehouder is. Dan heb je nog de organisatoren van de koersen, die een grote rol spelen. Het is een soort machtsspel. We moeten in de wielersport proberen naar een soort Champions League-achtige formule te komen. Dat heeft de UCI onder Hein Verbruggen natuurlijk al eens geprobeerd, maar je kan het als internationale bond niet afdwingen want feitelijk ga je nergens over. Je moet zorgen dat je voor alle stakeholders een win-win-situatie creëert, de ploegen, de renners, de (audiovisuele) media, de organisatoren en de bonden.” Zelf hoopt Wintels in Nederland vooruitgang te boeken met het beter in beeld brengen van de sport door dat punt te agenderen bij de Nederlandse ploegen, de Amstel Gold Race en bij bondscoach Leo van Vliet met het oog op het WK van 2012 in Valkenburg. Het zou toch mooi zijn als we de Oranjeploeg bij het WK ‘van binnenuit’ kunnen volgen. Meeluisteren en kijken vanaf de fiets bij de renner, in de auto bij Leo, in de voorbereiding, en meelezend wat de fietscomputer aangeeft. Dat moet toch kunnen.
Voor de column van Marcel Wintels klik hier
Deel dit bericht:
0 reacties
Nog geen reacties. Wees de eerste!
Voeg je reactie toe
Wij sturen jou één keer per week een e-mail met de belangrijkste opinies en artikelen van Sport Knowhow XL.