19 juni 2025
Nieuws
door: Emilie Maclaine Pont | 19 juni 2025
Een vitale regio begint bij het opleiden van vitale mensen. Met die gedachte startte Silvia Brouwer in 2021 als practor Vitaliteit aan het Alfa-college. Vanuit een regionaal investeringsfonds en in samenwerking met de Hanzehogeschool en tientallen publieke en private partners, zet het practoraat zich in voor het verkleinen van gezondheidsverschillen via een gezonde leefstijl, duurzame inzetbaarheid en een betere aansluiting tussen onderwijs en werkveld. “Vitaliteit gaat verder dan sporten en voeding”, stelt Brouwer. “Het is een samenspel van fysieke, mentale en sociale factoren waar toekomstige mbo-professionals een belangrijke bijdrage aan kunnen leveren.”
Wat werkt nou écht als het gaat om vitaliteit? Die vraag staat centraal in het in Groningen gevestigde practoraat. Silvia Brouwer: “We wilden niet weer een serie goedbedoelde interventies zonder onderbouwing. Daarom betrekken we mbo-studenten, docenten en werkveldpartners in lerende netwerken. Daar onderzoeken we samen wat werkt, wat niet werkt, en wat we van anderen kunnen leren.”
Die aanpak ligt Brouwer goed. Ze werkte vijftien jaar bij de Hanzehogeschool en promoveerde aan het UMCG op het beweeggedrag en gezondheid van kinderen en jongeren van nul tot zestien jaar. “Ik ken de wetenschap, maar wil impact maken in de praktijk. Het mbo is daar bij uitstek geschikt voor: studenten staan met één been in de opleiding en met het andere in de samenleving.”
Vitale studenten, beroepen en wijken
Het practoraat richt zich op drie niveaus: vitale mbo-studenten, vitaliteit in mbo-beroepen en het versterken van vitaliteit in woonwijken. Dat zijn geen losse sporen, benadrukt Brouwer. “Studenten leren niet alleen over vitaliteit, ze dragen er ook aan bij. Bijvoorbeeld in de wijk of in zorginstellingen. Daar ontstaat een realistische leeromgeving én een concrete maatschappelijke bijdrage.”
Zo zet het practoraat de enquête 'TestJeLeefstijl' in voor het in kaart brengen van de leefstijl van mbo-studenten. Jaarlijks vullen ruim 20.000 studenten deze online vragenlijst in. De inzichten worden vertaald in lesprogramma’s en experimenten zoals de ‘actieve schooldag’. Brouwer: “Niet meer de hele dag zitten, maar leren in beweging. We trainen ook docenten om dit in hun lessen te integreren.”
Voor vitale beroepen ontwikkelt het practoraat curricula die rekening houden met de fysieke, mentale en sociale belasting van bijvoorbeeld timmerlieden of zorgmedewerkers. Ook wordt onderzocht hoe bestaande sport- en beweegprogramma’s binnen het mbo effectiever kunnen worden ingezet. “Wat werkt er al, en waarom? Die kennis gebruiken we om ons eigen aanbod te verbeteren.”
Leren in de wijk
De wijk is een centrale leeromgeving voor het practoraat. “We brengen studenten van Zorg & Welzijn, Sport & Bewegen en Pedagogiek samen rond échte vraagstukken in de wijk. Wat heeft een oudere buurvrouw nodig om zelfstandig haar boodschappen te kunnen blijven doen? Wat kan een buurtsportcoach bijdragen aan het mentaal welzijn van jongeren? Studenten leren het ‘andere gesprek’ voeren, geïnspireerd op het gedachtegoed van Positieve Gezondheid. Niet alleen adviseren, maar ook luisteren: wat wil iemand zelf graag blijven doen in het leven?”
Ook technologie speelt een rol. Denk aan beweegmuren in revalidatiecentra of exoskeletten die het werk in de zorg verlichten. “Met innovatieve middelen vergroten we de vitaliteit én de zelfredzaamheid van cliënten én medewerkers. Zo hopen we ook de behoefte aan zorg te verminderen.”
Regionale uitdagingen als vertrekpunt
Het werkgebied van het practoraat - Groningen en de kop van Drenthe - kent specifieke uitdagingen: bevolkingskrimp, vergrijzing en grote gezondheidsverschillen tussen praktisch en theoretisch opgeleiden. “Onze regio is geen uitzondering, maar wel extra urgent. Daarom sluiten we aan bij regionale programma’s en netwerken als Gezond Groningen en het Nij Begun en zoeken we zo nadrukkelijk verbinding met overheden, bedrijven en maatschappelijke organisaties.”
Een goed voorbeeld is de Vitaliteitscampus, een publiek-privaat programma waarin onderwijs, kennisinstellingen en bedrijven samenwerken aan toekomstbestendig mbo-onderwijs. “Het practoraat is onderdeel van de Vitaliteitscampus vitaliteitscampus.com en zorgt voor de ontwikkeling van expertise door onderzoek”, legt Brouwer uit. “We werken aan een fysieke plek waar onderwijs, onderzoek en praktijk letterlijk samenkomen.”
Studentenwelzijn als rode draad
Het belangrijkste onderzoeksthema van dit moment is studentenwelzijn. In samenwerking met onder meer de MBO-Raad, 113 en Trimbos werkt het practoraat aan lessen over mentale gezondheid, zingeving en veerkracht. “We willen voorkomen dat studenten vastlopen. Door ruimte te geven aan emoties, onzekerheden en prestatiedruk, leren studenten omgaan met de uitdagingen van het leven, vóórdat ze zorg nodig hebben. Ook geven we hen mee dat je niet bij ieder probleem naar een psycholoog hoeft te stappen. Preventie staat bij ons centraal.”
Toekomstige projecten richten zich op het aantonen van de effecten van de actieve schooldag. Brouwer: “We zien in de praktijk dat het werkt, maar willen ook het bewijs leveren. Met een NWO-aanvraag en een landelijk onderzoek hopen we dat te onderbouwen.”
Brouwer is trots op wat het practoraat in vier jaar heeft opgebouwd. “De meerwaarde van mbo-onderzoek wordt steeds zichtbaarder. Praktijkgericht, relevant en verbindend. Het mooie is: we doen het echt samen. Met studenten, docenten, uit middelbaar, hoger en wetenschappelijk onderwijs, wijkprofessionals en partners uit het veld.”
Voor meer informatie: practoraat Vitaliteit
Deel dit bericht:
0 reacties
Nog geen reacties. Wees de eerste!
Voeg je reactie toe
Wij sturen jou één keer per twee weken een e-mail met de belangrijkste opinies en artikelen van Sport Knowhow XL.