25 juni 2015
Nieuws
door: Marc Hoeben | 25 juni 2015
Kinderen in Nederland bewegen te weinig en worden meer en meer geconfronteerd met een gebrekkige ontwikkeling van hun motorische vaardigheden. Dat is de rotsvaste overtuiging van Bjørn Boekholt die zijn pijlen richt op het verbeteren van de kwaliteit van het bewegingsonderwijs op basisscholen en het verruimen van het aantal uren.
Boekholt is strijdvaardig. Zo mogen we het wel noemen, als het gaat om zijn plannen om structureel meer en beter bewegingsonderwijs op basisscholen te krijgen. Hij heeft het over een ‘politieke en maatschappelijke beweging’ voor het ‘mobiliseren’ van de publieke opinie, over bewustwording en over het creëren van ‘politieke drukmomenten.’
Politieke lobby
Het is, kortom, nog net geen oorlog. Maar de aanleiding tot het voeren van een politieke lobby is in zijn ogen ernstig genoeg. “Het is slecht gesteld met het bewegingsonderwijs in Nederland. In de meeste Europese landen komen ze aan drie uur per week. Die bewegingsnorm wordt in Nederland niet gehaald, er wordt te weinig gesport en bewogen. We mogen in ons land op de basisscholen zelf bepalen hoeveel uur we aan bewegingsonderwijs doen. Dat is te vrijblijvend. Het moet geborgd zijn in wetgeving. Sport moet een kernvak worden, zoals taal en rekenen. Dan kom je tenminste ook op de kwaliteitsagenda en ziet de inspectie erop toe.”
Historische fout
Minimaal drie uur per week sport en bewegen, gegeven door een vakdocent met Academie voor Lichamelijke Opvoeding als achtergrond. Dat is het streven van het door Boekholt geïnitieerde platform ‘Meer en beter bewegingsonderwijs.’ Boekholt noemt het loslaten van de urennorm voor het basisonderwijs in 1996 een ‘historische fout.’
“Uit onderzoeken blijkt dat één op de vijf basisscholen in slechts één uurtje gymnastiek per week voorziet. Dat is echt te weinig. In de meeste grote steden gaat het goed. Maar juist in de kleinere gemeenten blijkt het moeilijk om de uren te halen. Dat heeft met de invulling door de ambtenaren te maken, met de agenda van gemeenten en de financiële armslag. Amsterdam heeft bijvoorbeeld een stevige sportagenda en daar is de wethouder zich bewust van de kracht van sport.”
Expertmeeting
Onlangs belegde het platform een ‘expertmeeting’ in het Olympisch Stadion in Amsterdam. “Met verantwoordelijke figuren uit de politiek, als Tweede Kamerleden Michiel van Nispen van de SP en Loes Ypma van de PvdA en met persoonlijkheden uit de sport als turncommentator Hans van Zetten en hockeycoach Marc Lammers. Het was de officiële start van het platform ‘Meer en beter bewegingsonderwijs.’ Het staat nu in de grondverf. Maar de contouren zijn duidelijk. Het gaat om de borging van de uren plus het hebben van vakdocenten voor alle scholen.”
De campagne verloopt volgens drie sporen. “We hebben een wetenschappelijk spoor. We gaan op zoek naar best practices, naar een wetenschappelijke basis, om een goed verhaal te krijgen.” Het tweede spoor is politiek. “We gaan een lobbycommissie samenstellen, met vooraanstaande mensen. Marcel Wintels - CDA-lid en KNWU-voorzitter - heeft gezegd een bijdrage te leveren. En we werken samen met politici van SP en PvdA.”
Maatschappelijk spoor
Het derde spoor noemt Boekholt maatschappelijk. “Het gaat om bewustwording bij ouders, docenten, schoolbestuurders. We willen de boodschap uitdragen dat er positieve effecten uitgaan van meer bewegingsonderwijs. Dat heeft bijvoorbeeld een een-op-eenrelatie met het verbeteren van cognitieve prestaties. De boodschap is nog onder constructie en daarvoor hebben we het bekende campagnebureau BKB ingehuurd.”
Het platform moet een bondgenootschap van partijen worden die betrokkenheid hebben bij het onderwerp. ”Als we samen op de barricaden staan, geeft dat veel meer kracht. Het probleem van de sportwereld is dat ze te vaak gefragmenteerd is. We moeten juist samen optrekken om een statement te maken.”
Sport- en beweegdebat in Ridderzaal?
De media zullen worden benaderd, met gebruikmaking van bekende figuren uit de sport. Boekholt noemt ex-schaatser Erben Wennemars, hockeycoach Marc Lammers, ex-bokser Arnold Vanderlijde en voetbaltrainer Foppe de Haan. Hij ziet ook graag een jaarlijks terugkerend politiek sport- en beweegdebat in de Haagse Ridderzaal over het onderwerp. “Rond februari, met politici, mensen uit het onderwijs en de sportsector. En het zou geweldig zijn om koning Willem-Alexander erbij te hebben. Hij staat bovenaan het lijstje. Dit is toch één van zijn stokpaardjes, hij wil meer en beter bewegingsonderwijs.”
Voor meer informatie: Bjørn Boekholt, bjorn@boekholt.eu
Deel dit bericht:
0 reacties
Nog geen reacties. Wees de eerste!
Voeg je reactie toe
Wij sturen jou één keer per week een e-mail met de belangrijkste opinies en artikelen van Sport Knowhow XL.