Go with Golazo
Sportknowhowxl
Home
Nieuws
Onderzoek bindt strijd aan tegen groot aantal sportblessures

Onderzoek bindt strijd aan tegen groot aantal sportblessures

26 augustus 2008

Nieuws

door: Bake Dijk | 26 augustus 2008 

'Minder kosten door sportblessures als gevolg van betaald- of amateurvoetbal', dat is het thema van een nieuw op te zetten sportgeneeskundig onderzoek in Nederland. Prof.dr. F.J.G. Backx - hoogleraar klinische sportgeneeskunde in het UMC Utrecht - heeft van ZonMW en de KNVB een flink subsidiebedrag gekregen om de komende vier jaar dit project te leiden.

Het hoogste aantal blessures bij sporters wordt opgelopen in het amateurvoetbal. Deze kwetsuren, die vooral optreden rondom de bovenbenen, hamstrings, enkels en knieën, zijn binnen de maatschappij voor een groot deel verantwoordelijk voor werkverzuim, medische zorg en persoonlijk leed. “Het zou de maatschappij een hoop geld schelen als er minder van dit soort blessures zouden voorkomen”, aldus Backx, wiens project gebaseerd is op een Zwitsers onderzoek van vijf jaar geleden.

Tijdens dit onderzoek werd een aantal jonge voetballers aan een oefenprogramma onderworpen ter bevordering van de romp- en bekkenstabiliteit. Dit oefenprogramma bleek het aantal blessures dusdanig te verminderen dat het werd opgepikt door de UEFA en de FIFA. Ook het Universitair Medisch Centrum in Utrecht kreeg lucht van deze resultaten en bekeek de mogelijkheden tot implementatie van het onderzoek in Nederland. Na subsidieaanvragen bij het ZonMW (Nederlandse organisatie voor gezondheidsonderzoek en zorginnovatie) en de KNVB kreeg het onderzoek uiteindelijk groen licht. Ook TNO verleent zijn medewerking aan het onderzoek. TNO heeft in een eerder stadium al onderzoek gedaan naar de kosten van sportblessures in het profvoetbal en beschikt dus over de nodige aanvullende expertise. Zo heeft TNO een blessureregistratiesysteem (BIS) ontwikkeld waarmee de blessures van spelers gemonitord kunnen worden gedurende hun sportieve loopbaan.

Het onderzoek zal vier jaar in beslag gaan nemen. Na een aanlooptijd van een jaar zal het onderzoek in het voetbalseizoen 2009/2010 bij vierentwintig selecties uit de eerste en tweede klasse van het amateurvoetbal worden afgenomen. Gedurende het onderzoek zal een deel van deze selecties tijdens de warming-up structureel oefeningen uitvoeren volgens het recept van het Zwitserse model, inclusief romp- en bekkenstabiliteit. Het andere deel van de onderzochte selecties moet ook een blessureverminderend oefenprogramma uitvoeren. Dit tweede programma bevat echter geen stabiliteitsoefeningen en is ook nog niet getest op effectiviteit. Aan het einde van het onderzoek zal moeten blijken in hoeverre beide programma’s voetbalblessures werkelijk weet te voorkomen.

De onderzoekers gaan niet zelf bij elke vereniging de warming-up leiden, maar slechts controleren. “In totaal hebben we een kleine 350 proefpersonen, uiteindelijk moet elke speler er zelf bewust van zijn dat hij zijn oefeningen goed uitvoert”, vindt Backx. Hij is eveneens van mening dat de trainers een cruciale rol spelen in het geheel, deze krijgen dan ook een bijscholing bij de KNVB Voetbalacademie om de oefeningen goed toe te kunnen passen tijdens de warming-up. De medewerking van de KNVB is dus van grote waarde voor het onderzoek. “De KNVB laat op deze wijze zien dat zij het maatschappelijke belang inzien van het voorkomen van voetbalblessures”, besluit Backx.

Deel dit bericht:

0 reacties

Nog geen reacties. Wees de eerste!

Voeg je reactie toe

Meer over:

Blijf op de hoogte

Wij sturen jou één keer per twee weken een e-mail met de 
belangrijkste opinies en artikelen van Sport Knowhow XL.