3 maart 2011
Nieuws
door: Thomas van Zijl | 4 maart 2011
Meedoen aan de Olympische Spelen, iets mooiers bestaat er voor de meeste sporters niet. Dat betekent echter niet dat zij zonder meer akkoord gaan met de verbintenis die zij van NOC*NSF moeten ondertekenen, voordat zij worden uitgezonden naar ’s werelds grootste sportevenement. Belangenbehartiger voor topsporters NL Sporter zit binnenkort weer om de tafel met de sportkoepel om de voorwaarden door te nemen.
In de Olympische overeenkomst worden tal van zaken vastgelegd, van portretrecht tot sponsorverplichtingen, van medaillebonussen tot dopingregels. De sporter zet er zijn handtekening onder, maar weet meestal niet precies waarvoor hij tekent. Niet zo vreemd, vindt Arno Havenga van NL Sporter:
“Het gaat de atleten meestal puur om de sport. Ze zijn daarom minder bezig met de randzaken, gaan ervan uit dat de meeste dingen voor hen goed geregeld worden. Met de focus op de sport is niets mis, maar het kan geen kwaad wel goed op de hoogte te zijn van bijvoorbeeld de Olympische Overeenkomst.”
Ruim voor aanvang van een volgend Olympisch toernooi starten NOC*NSF en NL Sporter het overleg om te evalueren of de overeenkomst ten opzichte van de vorige Spelen op bepaalde vlakken aangescherpt dient te worden.
De leden van NL Sporter menen van wel, blijkt uit onderzoek dat de organisatie onder atleten uitvoerde. De meerderheid vindt het bijvoorbeeld onterecht dat er een groot verschil zit tussen de bonus die Olympische medaillewinnaars opstrijken en het bedrag dat Paralympische kampioenen ontvangen. Bovendien zijn zij van mening dat ook coaches in aanmerking moeten komen voor een bonus. Havenga:
“Wij hebben dit signaal doorgegeven aan NOC*NSF. Of er in de verdeling uiteindelijk iets verandert, is een interne aangelegenheid omdat de bonussen op dit moment worden gefinancierd door sponsors en partners van NOC*NSF.” Havenga benadrukt overigens dat de sportkoepel zeer openstaat voor de punten die NL Sporter aandraagt tijdens het overleg.
“Het initiatief en de beslissingsbevoegdheid liggen bij NOC*NSF, maar er is sprake van goede verhoudingen. Er is de afgelopen tijd veel in positieve zin veranderd, met meer oog voor de sport en de atleet. Trainingsschema’s zullen niet snel meer in de war worden geschopt, omdat de sporter moet opdraven voor een clinic met de sponsor bijvoorbeeld.”
Rest voor NL Sporter nog de uitdaging de sporter beter op de hoogte te krijgen en brengen van zijn juridische positie. Uit het onderzoek blijkt bijvoorbeeld dat de meeste atleten niet of nauwelijks weten of ze tijdens de Spelen verzekerd zijn door de bond, of dat zij dat voor eigen rekening moeten nemen. Een aansprakelijkheids- arbeidsongeschiktheids- of reisverzekering lijken basale zaken, maar ze dienen tijdens het toernooi in orde te zijn. Havenga:
“Over het algemeen kunnen we stellen dat leden van NL Sporter vaker juridisch advies inwinnen en beter geïnformeerd zijn over de rechten en plichten die hun status met zich meebrengt, dan topsporters die geen lid van ons zijn. Niet onbelangrijk, want de Olympische overeenkomst heeft impact op andere contracten die de atleten aangaan, zoals sponsorcontracten. Door op voorhand goed te informeren over de verschillende rechten en plichten, ontstaan er voor atleten, bonden en NOC*NSF geen problemen.
Voor meer informatie www.nlsporter.nl
Deel dit bericht:
0 reacties
Nog geen reacties. Wees de eerste!
Voeg je reactie toe
Wij sturen jou één keer per week een e-mail met de belangrijkste opinies en artikelen van Sport Knowhow XL.