Go with Golazo
Sportknowhowxl
Home
Nieuws
Noc nsf maakt docenten lo bewust van talentidentificatie

NOC*NSF maakt docenten LO bewust van talentidentificatie

11 september 2014

Nieuws

door: Leo Aquina | 11 september 2014

Talentherkenning en -ontwikkeling zijn belangrijke instrumenten om de Nederlandse toptienambitie vorm te geven. Op 18 september organiseert NOC*NSF daarom een platformbijeenkomst voor alle docenten lichamelijke opvoeding in het voortgezet onderwijs. De bijeenkomst richt zich met name op talenten in sporten waarin je ook als je op latere leeftijd begint de top nog kunt halen zoals roeien, wielrennen en hardlopen.

Kayan Bool - projectleider topsport bij NOC*NSF - constateert dat de begrippen talentherkenning en -ontwikkeling bijna niet meer zijn weg te denken uit de huidige samenleving. In een artikel op de website van de KVLO (Koninklijke Vereniging Lichamelijke Opvoeding, schrijft hij daarover: ‘Overal waar je komt hoor, zie of lees je wel iets over dit thema, want ‘iedereen heeft talent...'

Deze ontwikkeling draagt er helaas aan bij dat het begrip talent, bekeken vanuit topsport, zijn waarde aan het verliezen is.’ Wat Bool betreft is het hoog tijd om het begrip ‘weer eens goed aan te kaarten en uit te diepen'. Onder de naam ‘De Weg naar het Podium’ hanteert NOC*NSF een model voor talentherkenning en -ontwikkeling. In dat model zijn kenmerken in kaart gebracht die ook vertaald naar specifieke sporten ondersteunen in de zoektocht naar talent.

Buitenland
NOC*NSF probeert bij haar topsportprogramma’s te leren van de concurrentie. “We hebben ook gekeken naar ontwikkelingen in het buitenland. UK Sport is heel ver met talentidentificatie”, vertelt Bool. “Voor London 2012 hadden ze daar een aantal programma’s zoals Girls4Gold. Met een programma als Tall and Talented gaan ze heel specifiek op zoek naar jongeren met bepaalde kenmerken.” NOC*NSF heeft in samenwerking met bonden ook talentidentificatieprogramma’s lopen. Hoe identificeer je talent?

“Kort samengevat kijken we hoe de sport er over tien jaar uitziet en dan kijken we waaraan een sporter moet voldoen om dan op het podium te komen. We zoeken niet zomaar naar bovengemiddeld presterende kinderen, maar echt naar uitzonderlijke talenten. We kijken naar die specifieke kenmerken waarvan wij denken dat ze een kind uiteindelijk op het podium krijgen. Als uitgangspunt hanteren we een periode van acht jaar om de kinderen daar naartoe te leiden. Dus we kijken wat een realistische podiumleeftijd is en vanaf dat moment tellen we acht jaar terug.”

Vanaf twaalf jaar
Leeftijd is een belangrijk aspect bij talentherkenning. Bij vroeg-specialisatie sporten zoals turnen, kunstschaatsen, tennis of voetbal moeten kinderen al op relatief jonge leeftijd aan de sport beginnen om uit te kunnen groeien tot mondiaal podium niveau. Talentidentificatie op die leeftijd is volgens Bool echter zo goed als onmogelijk.

“Zowel uit de wetenschap als uit de praktijk blijkt dat het zeer lastig is om objectieve voorspellende criteria te benoemen op basis waarvan je bij een kind van zeven kan vaststellen of het een echt talent is of niet. Het ontbreekt aan harde criteria die je op die leeftijd al kan meten. Ik praat in die gevallen dan ook liever niet in termen als talent, maar over kinderen met een vormingsvoorsprong.”

Plezier in de sport
De talentidentificatieprogramma’s van NOC*NSF richten zich mede om die reden op jongeren vanaf twaalf jaar. Een andere reden daarvoor is het plezier in de sport. Bool: “Je moet met kinderen onder de twaalf helemaal niet spreken in termen van topsport en presteren. We hebben hiervoor bij NOC*NSF wel eens bij elkaar gezeten met de turnbond. Hoe bereiden we kinderen voor op een carrière als topsporter. Het is lastig want het kan elkaar wel eens bijten. Ouders hebben ambities, kinderen hebben ambities en ook coaches hebben ambities. Maar we vinden dat bij kinderen onder twaalf jaar plezier voorop moet staan en dat de focus moet liggen op de reis en niet op de eindbestemming.”

Met de komende platformbijeenkomst voor docenten lichamelijk onderwijs richt NOC*NSF zich vooral op de zogenaamde laat-specialisatiesporten, waarin een beperkt aantal onderscheidende, vooral fysieke kenmerken doorslaggevend zijn, die zich pas echt goed uiten na de groeispurt. Op de dag zelf zijn twee centrale presentaties van Jeroen Bijl (NOC*NSF Manager Topsport) en André Cats (NOC*NSF Prestatiemanager). Daarnaast zijn er clinics van bondscoaches in onder andere volleybal, beachvollebal, zitvolleybal, triatlon, roeien, baanwielrennen en rugby sevens. Bool:

“We willen de docenten vooral meegeven hoe ze kinderen met uitzonderlijke kwaliteiten kunnen herkennen. En als zij kinderen zien die aan onze criteria voldoen, dat ze die kinderen dan ook informeren over hun mogelijkheden voor topsport of dat ze die kinderen in contact brengen met een sportbond die ze vervolgens verder kan helpen.”

Voor meer informatie over de Platformbijeenkomst voor de docenten LO klik hier.
Lees ook: Talentherkenning en -ontwikkeling in de Nederlandse topsport (artikel door Kayan Bool op KVLO-site)

Deel dit bericht:

0 reacties

Nog geen reacties. Wees de eerste!

Voeg je reactie toe

Meer over:

Blijf op de hoogte

Wij sturen jou één keer per week een e-mail met de 
belangrijkste opinies en artikelen van Sport Knowhow XL.