23 september 2010
Nieuws
door: Thomas van Zijl | 23 september 2010
De ambitie om als topsportland internationaal bij de top tien te horen vraagt om innovatie. Vanaf volgende week is Nederland een vierde InnoSportLab rijker; een centrum waarin alles in teken staat van het ontwikkelen, testen en onderzoeken van nieuwe methoden, technieken en producten die sporters vooruit kunnen helpen. Het nieuwe InnoSportLab in ’s-Hertogenbosch richt zich daarbij specifiek op de gymnastische sporten.
Een broedplaats van innovatie, zo noemt Maurice Aarts de turnhal waar hij vanaf volgende week de leiding over heeft. Want daar – de Flik-Flak-hal in ’s Hertogenbosch – vindt op 29 september de opening van het ‘InnoSportLab 's Hertogenbosch’ plaats. Deze locatie is niet toevallig gekozen, want in de Flik-Flak-hal turnt en traint namelijk ook de nationale selectie. Aarts: “De vragen die hier binnenkomen, komen direct uit de sport. We zitten er dicht op. Het zijn trainers en sporters zelf die vragen om technieken en producten die hen beter maken.” Daarin is het nieuwe InnoSportLab niet uniek. Twee van de drie reeds geopende centra staan op plaatsen waar topsport word bedreven. Het InnoSportLab in Thialf richt zich op schaatsen, dat in de Eindhovense Tongelreep op zwemmen. Eindhoven biedt ook plaats aan het derde InnoSportLab Sport en Beweeg! dat ten doel heeft sportbeoefening in brede zin te stimuleren.
Aarts en zijn team zijn op dit moment bezig de hal uit te rusten met de modernste meetapparatuur. De analyse van bepaalde oefeningen die daarmee kan worden gemaakt, verschilt per sporter. “Innovatie op maat, daar draait het om”, zegt Aarts. “Het gaat om individuele prestatieverbetering. Natuurlijk is dat duur, maar een topprestatie vraagt nu eenmaal vaak een grote investering.” Aarts wijst op de vorige maand door Maurits Hendriks – technisch directeur van NOC*NSF - uitgesproken ambitie om bij de Spelen van 2020 maar liefst 82 medailles naar huis te nemen. “In ons omringende landen wordt heel doelgericht geïnvesteerd. Wil Nederland een rol spelen in de top van het medailleklassement, dan kunnen we nu niet achterblijven.”
De Nationale Sportinnovatie Agenda (NSIA) - die beheerd wordt door Stichting InnoSportNL - moet ervoor zorgen dat Nederland internationaal concurrerend blijft. Iedere sportbond levert daar op een wijze een bijdrage aan. Dat de focus daarbij in de eerste plaats ligt op topsport vindt Aarts begrijpelijk. “Wat succesvol is in de topsport, wordt vervolgens niet zelden op grote schaal ingezet voor de breedtesport.” De kosten voor de projecten die vallen onder de NSIA worden opgebracht door bonden, kennisinstellingen, bedrijven en overheden. Aarts is niet bang dat er met bezuinigingen op komst weinig van het budget overblijft. “Tot 2013 zijn de gelden voor InnoSportNL min of meer gegarandeerd. Daarna kan ik er niets met zekerheid over zeggen, maar de politiek heeft in toenemende mate wel oog voor het belang van tosport.”
Het InnoSportLab wordt op woensdag 29 september geopend met onder meer een demonstratie van Nederlandse turntoppers als Yuri van Gelder en Jeffrey Wammes.
Meer informatie: www.innosport.nl
Deel dit bericht:
0 reacties
Nog geen reacties. Wees de eerste!
Voeg je reactie toe
Wij sturen jou één keer per week een e-mail met de belangrijkste opinies en artikelen van Sport Knowhow XL.