Go with Golazo
Sportknowhowxl
Home
Nieuws
Nederlands pleidooi voor veel grotere variatie aantal olympische sporten

Nederlands pleidooi voor veel grotere variatie aantal olympische sporten

9 april 2009

Nieuws

door: Thomas van Zijl | 9 april 2009 

Het Olympische programma kan en moet flexibeler, daarvoor pleit Jan Fransoo. De voorzitter van de Internationale Korfbal Federatie is voor vier jaar herkozen als voorzitter van de Associaton of IOC Recognised International Sports Federations (ARISF). Daarmee is hij één van de weinige Nederlandse bestuurders in internationale sportfederaties. Wat is de ARISF en waarom is het van belang dat een Nederlander er voorzitter van is?

Jan Fransoo - in het dagelijkse leven hoogleraar technische bedrijfskunde (in het bijzonder logistiek) aan de Technische Universiteit Eindhoven - gaat nadat hij in 2005 aantrad zijn tweede termijn in als voorzitter van de ARISF. Hij kreeg tijdens de algemene vergadering eind maart 2009 unaniem steun van 32 aangesloten sportbonden. Zij hebben de krachten gebundeld om hun Olympische ambities te verwezenlijken. De 32 zomer- en wintersporten die ressorteren onder de betreffende bonden zijn wel door het IOC erkend, maar nog niet opgenomen in het Olympisch programma. Voorbeelden van deze sporten zijn rugby en karate.

De voornaamste taak van de ARISF bestaat eruit het IOC te bewegen tot meer transparantie en flexibiliteit bij de totstandkoming van het Olympische programma. Van de 28 sporten die per Spelen kunnen deelnemen, behoren er liefst 25 tot de zogenoemde core-sports. Hun aanwezigheid is op voorhand gegarandeerd. “Die kern is – zeker op zo’n beperkte hoeveelheid sporten - véél te groot, vindt Fransoo. “Het mogen er vijf zijn, tien wat mij betreft maar dan houdt het op.” De ARISF-voorzitter is sowieso geen voorstander van het limiteren van het aantal Olympische sporten. Fransoo: “Dat Rogge het aantal atleten vaststelt op 10.500 is uit organisatorisch oogpunt begrijpelijk, maar dat hoeft geen beperking te zijn voor het aantal sporten. Snijd niet in de sporten, maar in het aantal disciplines per sport. Zo kan het ook.” 

Als voorzitter van de ARISF is Fransoo ook automatisch bestuurslid van de General Association of International Sports Federation (GAISF – sinds vorige week opnieuw ‘branded’ als SportAccord), een sportkoepel waar Hein Verbruggen de scepter zwaait. Daarmee zijn de Nederlanders op invloedrijke posities in de sportwereld - na het afscheid van Els van Breda Vriesman als IOC-lid - wel zo ongeveer genoemd. “We hebben nog secretarissen generaal bij de zeilbond en de sportklimbond, maar ik ben de enige voorzitter”. Van de goede Nederlandse vertegenwoordiging van de afgelopen jaren is al met al weinig over. “Een kwalijke zaak”, aldus eenling Jan Fransoo: “NOC*NSF heeft daar lange tijd onvoldoende op gefocust, niet voldoende ingezien hoe belangrijk bestuurlijke invloed is in de aanloop naar de Spelen van 2028. In dat opzicht kunnen we nog veel leren van de Spanjaarden en Italianen.”

Voor meer informatie: www.arisf.org

Deel dit bericht:

0 reacties

Nog geen reacties. Wees de eerste!

Voeg je reactie toe

Meer over:

Blijf op de hoogte

Wij sturen jou één keer per week een e-mail met de 
belangrijkste opinies en artikelen van Sport Knowhow XL.