door: Thomas van Zijl | 26 juni 2014
Overgewicht bij kinderen kan het beste worden aangepakt in een voor hen vertrouwde omgeving. Dat is de centrale gedachte achter het nieuwe leefstijlprogramma LEFF (Lifestyle, Energy, Fun & Friends). Daarin spelen activiteiten in de buurt een belangrijke rol, terwijl zorgverleners en ziekenhuizen juist op de achtergrond blijven. LEFF is de Nederlandse versie van het internationale leefstijlprogramma MEND dat in andere landen al zeer succesvol was. 
LEFF wordt uitgevoerd onder de vlag van Partnerschap Overgewicht Nederland, een bundeling van patiënten- en beroepsverenigingen in de zorg voor mensen met overgewicht en obesitas. Onder meer huisartsen, fysiotherapeuten en diëtisten zijn er bij aangesloten. Begin 2013 kregen zij van het Ministerie van VWS de opdracht mee zich in het bijzonder te richten op kinderen met overgewicht.
Het betekende de start van Care for Obesity (C4O), waar ook LEFF deel van uitmaakt. In 2010 bracht het PON al de Zorgstandaard Obesitas uit, waarin werd vastgesteld waaraan goede zorg moet voldoen. Het project C4O geldt als de implementatie daarvan. De buurt speelt daarin een centrale rol, terwijl wachtkamers en ziekenhuizen juist ver weg blijven.
Exacte kopie van succesvolle aanpakLEFF hoopt op hetzelfde effect als het leefstijlprogramma MEND in andere landen teweeg bracht. De afgelopen tien jaar deden daar 85.000 gezinnen aan mee uit onder andere Canada, Amerika en Australië. LEFF is een exacte kopie van de aanpak die daar gehanteerd is, omdat duidelijk werd dat veel mensen uiteindelijk hun beweeg- en eetpatroon aanpasten.
“We hebben uiteraard wel rekening moeten houden met wat hier in Nederland gangbaar is. In tegenstelling tot andere landen kennen we bijvoorbeeld geen schoollunch, zegt Sanne Niemer die bij LEFF verantwoordelijk is voor sociale marketing en zorginnovatie.”
De uitgangspunten zijn overeind gebleven, namelijk plezier maken en tegelijkertijd streven naar een gezonder leven. “Cruciaal is de inzet van mensen die de deelnemers en de wijk waarin ze wonen goed kennen. Speciaal getrainde mensen bij wie de kinderen en hun ouders zich op hun gemak voelen. Dat kunnen welzijnswerkers en buurtsportcoaches zijn, maar ook gewichtige vakleerkrachten. Wijsheid komt niet alleen van zorgprofessionals. Soms heeft het meer impact als bij wijze van spreken de buurvrouw met een goed advies komt.”
Van start in 8 pilotstedenLEFF start vanaf september in acht pilotsteden. Gedurende tien weken komen kinderen en ouders twee keer per week bijeen. Per stad kunnen vijftien gezinnen deelnemen. Het eerste uur doet iedereen gezamenlijk mee. Het tweede uur doen alleen de kinderen actieve spellen. De ouders zijn op dat moment onderling in gesprek over gezond opvoeden. Daarna komen ze weer bij elkaar, bijvoorbeeld om in de supermarkt een speurtocht naar gezond voedsel te ondernemen.
“Dat spelelement is belangrijk”, zegt Niemer. “Het is een manier om mensen bewust te maken van hun eten zonder dat het de hele tijd over afvallen of diëten gaat. Ze zoeken zelf naar antwoorden, zonder tot drie cijfers achter de komma het aantal calorieën uit te rekenen.”
Laagdrempelige interventieLEFF wordt beschouwd als een laagdrempelige interventie, in aanvulling op de bestaande zorg. In de ogen van Niemer is er op dit moment een te groot gat tussen algemene preventie in de wijk en het medische circuit van diëtisten, kinderartsen en fysiotherapeuten. Met dit programma vullen we die leegte op.” Deelnemers hoeven daar niet voor te betalen. De financiering van LEFF komt tijdens de pilotfase vanuit het ministerie.”
Het programma is in september nog niet overal in Nederland beschikbaar. De pilots worden uitgevoerd in een aantal steden die met een integrale aanpak streven naar Jongeren Op Gezond Gewicht. Binnen deze zogenoemde JOGG-gemeenten werken alle zorgprofessionals nauw met elkaar samen. Niemer: “Dit zijn koplopers in Nederland omdat de keten tussen preventie en zorg heel kort is. Er zitten niet veel stappen tussen het signaleren van overgewicht en er concreet iets mee doen.”
Soft skillsEen lokale projectleider coördineert het programma en kijkt per stad en buurt welke mensen er in het begeleidingsteam nodig zijn om er een succes van te maken. “Het gaat er vooral om dat ze enthousiasme overbrengen en energiek zijn. Vanzelfsprekend zijn competenties belangrijk, maar
soft skills wegen zeker mee. Het moeten mensen zijn van wie deelnemers iets opsteken zonder dat het belerend wordt. Plezier is bij LEFF een eerste voorwaarde voor verandering.”
Voor meer informatie: www.start-leff.nl